De PO-Raad wil dat de financiering voor schoolgebouwen verbetert. We willen de geldstromen voor personeel, bedrijfsvoering en huisvesting van het onderwijs bundelen op leerlingniveau. De scholen moeten het bedrag rechtstreeks kunnen ontvangen en zorgen voor een goede leeromgeving en goed onderwijs voor alle leerlingen in goede afstemming met de ouders.
Door de beschikbare middelen slimmer in te zetten, kan met hetzelfde geld meer worden bereikt. De meest effectieve manier om de situatie van gebouwen voor onderwijs en kinderopvang te verbeteren is door de gebruiker van het gebouw de regie te geven in het proces: De scholen en schoolbesturen maken zelf keuzes over de huisvesting, maar ook over de organisatie van de huisvesting. Daardoor kunnen ze het beschikbare geld optimaal inzetten voor de eisen en wensen van de school, de leerlingen en de ouders. Om dat mogelijk te maken is het noodzakelijk dat besturen zelf een keus kunnen maken of doordecentralisatie van de gemeentelijke middelen wenselijk is. Schoolbesturen die aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen zouden een "versterkt recht" op doordecentralisatie moeten krijgen. De gemeenten houden hierbij een zorgplicht, maar de uitvoeringsverantwoordelijkheid wordt volledig bij de betreffende besturen gelegd. Gemeenten en schoolbesturen maken dan afspraken over de daarbij horende randvoorwaarden.
Mochten schoolbesturen in sommige regio's wel de scholenbouw via de gemeente laten voortbestaan, dan moet dat ook mogelijk zijn. De PO-Raad stelt dat een nieuw stelsel van financiering van de onderwijshuisvesting rekening moet houden met de verschillen tussen regio's, gemeenten en schoolbesturen.
In november 2011 heeft een meerderheid van de Tweede Kamer aangegeven dat scholen die dat willen en kunnen zelf – geoormerkt - beschikking moeten krijgen over de huisvestingsmiddelen. Een motie met deze strekking, ingediend door Beertema van de PVV, werd op 22 november gesteund door het CDA, dat hier al jaren voor pleit. De VVD, de Christenunie, D66 en de SGP steunden de motie ook.