Veelgestelde vragen

Algemeen

- Wat is het verschil tussen de PO-Raad en besturenorganisaties als de Besturenraad, Bond KBO, LVGS, VBS en VOS-ABB?

De besturenorganisaties Besturenraad, Bond KBO, LVGS, VBS, VOS-ABB (en daarnaast ook de AVS) zijn de 'founding fathers' van de PO-Raad. De taken van de PO-Raad liggen op de domeinen die deze organisaties bindt: Bekostiging, werkgeverschap en de hoofdlijnen van het onderwijsbeleid. De PO-Raad behartigt de belangen van de schoolbesturen op die gebieden. Die taak ligt dus niet meer bij de besturenorganisaties.

De PO-Raad biedt géén individuele ondersteuning. De besturenorganisaties doen dat wél. Daarnaast spelen de besturenorganisaties een grote rol bij het uitdragen en profileren van de identiteit van de school.

- Wat is de PO-Raad?

De PO-Raad is de brancheorganisatie voor het primair onderwijs. De vereniging behartigt de gemeenschappelijke belangen van de besturen in het basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs. De PO-Raad richt zich op de drie grote domeinen: bekostiging, werkgeverschap en de hoofdlijnen van het onderwijsbeleid.

- Wat doet de PO-Raad?

De PO-Raad vertegenwoordigt de sector primair onderwijs. De aangesloten besturen in het basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs vormen een representatieve afspiegeling van het primair onderwijs. Hierdoor kan de sector met één stem naar buiten treden en naar politiek en media een maximale invloed uitoefenen. Om een vertegenwoordigende rol te kunnen vervullen moet de PO-Raad luisteren naar de leden (in al hun verscheidenheid, in richting, regio en grootte), de problemen verwoorden en in overleg/onderhandeling met anderen tot een oplossing zien te brengen. De PO-Raad moet het overleg kunnen omzetten in een meerwaarde voor de sector (resultaatgericht zijn). De grootste ambitie voor de vereniging is dat de sector primair onderwijs het onderwijs op zo’n peil brengt dat het bijdraagt aan een hoogwaardige kenniseconomie, afgezet tegen een internationaal ergelijkbaar referentiepunt. De PO-Raad sluit actief strategische allianties met partners binnen en buiten het onderwijs om de doelen van de sector primair onderwijs te verwezenlijken. Hierbij is er bijzondere aandacht voor verbindingen met partners uit de voor- en vroegschoolse educatie en het voortgezet onderwijs, omdat het primair onderwijs de schakel vormt tussen die twee. Bij de standpuntbepaling naar buiten toe, betrekt de PO-Raad voortdurend de vraag of en hoe schoolbesturen en schoolleiders voldoende gefaciliteerd worden om hun taak te vervullen.

- Wat heeft het lidmaatschap bij de PO-Raad te maken met het volgen van de CAO PO?

De huidige CAO PO 2009 loopt af op 31 december 2009. De PO-Raad heeft de vakbonden uitgenodigd voor overleg te voeren over een nieuwe CAO PO 2010. De vakbonden hebben positief op deze uitnodiging gereageerd. Het overleg tussen de PO-Raad en de vakbonden leidt, normaal gesproken, tot een onderhandelaarsakkoord. Dit akkoord zal door de PO-Raad ter stemming worden voorgelegd aan de leden. Als de leden instemmen (tweederde van de uitgebrachte stemmen positief) wordt het onderhandelaarsakkoord omgezet in een definitief akkoord.

Vanaf dat moment zijn de leden van de PO-Raad gebonden aan de CAO PO 2010. De voorwaarden in de CAO-PO zijn van toepassing op alle medewerkers van de schoolbesturen die lid zijn van de PO-Raad. Dit is geregeld via de Akte van benoeming, waarin verwezen wordt naar de CAO PO.

Niet-leden zijn dan verplicht om over een nieuwe CAO-PO afspraken met de vakbonden te maken in het decentraal georganiseerd overleg (DGO). Niet-leden die de CAO PO 2010 willen volgen, zullen dit in DGO af moet spreken met de bonden. In het DGO dient sprake te zijn van open en reëel overleg, dat wil zeggen dat alle mogelijke opties besproken moeten kunnen worden. Wanneer het DGO succesvol afgerond is, moet het schoolbestuur de individuele arbeidsovereenkomsten met de werknemers (Akte van benoeming) aanpassen aan de nieuwe situatie, omdat in de Akte van benoeming verwezen wordt naar de CAO PO. In de nieuwe Akte van benoeming moet verwezen worden naar de CAO die voor dat schoolbestuur geldt.

Als een werknemer niet tekent, dan blijft voor hem het arbeidsvoorwaardenregime gelden, dat gold in 2009. De te maken afspraken in de CAO PO 2010 hebben alleen betrekking op secundaire arbeidsvoorwaarden. De minister van OCW is op dit moment nog verantwoordelijk voor de primaire arbeidsvoorwaarden (algemene salarismaatregelen, algemene arbeidsduur en bovenwettelijke sociale zekerheid). De aanspraken op onder andere algemene salarisverhogingen ontleent de werknemer dus rechtstreeks aan het Kaderbesluit Rechtspositie PO.

- Hoe komen de standpunten van de PO-Raad tot stand?

De PO-Raad vertegenwoordigt haar leden, oftewel de schoolbesturen. De standpunten van de PO-Raad vertegenwoordigen dus de standpunten van de schoolbesturen. Door middel van netwerkbijeenkomsten en onderzoeken (soms extern uitgevoerd door bijvoorbeeld TNS-NIPO) worden de behoeften in kaart gebracht. Wilt u hiervan deel uitmaken? Meld uzelf dan aan voor één van de netwerkbijeenkomsten. In onze agenda kunt u de data, thema’s en wijze van aanmelden vinden. U bent van harte uitgenodigd!

- Wat zijn de kosten van een lidmaatschap?

Om een klein, daadkrachtig en professioneel ondersteunend bureau en het bestuur van de PO-Raad te kunnen bekostigen is de contributie voor 2009 vastgesteld op € 2,50 per leerling, waarna deze waarschijnlijk zal doorgroeien naar € 3,00 in 2010. U kunt zich aanmelding via dit aanmeldformulier.

- Kan ik meepraten over het beleid van de PO-Raad?

De PO-Raad wil haar leden zo goed mogelijk vertegenwoordigen. Daarom is het van groot belang dat u ons als lid laat weten wat er bij u leeft. U heeft als lid direct en statutair invloed op de Algemene Ledenvergadering. Wij vragen u daarnaast ook uw input te geven op bijvoorbeeld onze netwerkbijeenkomsten rond uiteenlopende thema’s, maar ook doormiddel van ons discussieforum. Kijk in onze agenda voor de data van onze netwerkbijeenkomsten, en de wijze waarop u zich hiervoor kunt aanmelden. U bent van harte uitgenodigd!

- Is de PO-Raad een onderdeel van het ministerie?

De PO-Raad is geen onderdeel van het ministerie van OCW. De PO-Raad is in het leven geroepen door vijf besturenorganisaties uit het primair onderwijs (Besturenraad, Bond KBO, LVGS, VBS, VOS-ABB) en de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS), met als doel om tot één sectororganisatie te komen, die de belangen van het primair onderwijs behartigt. De PO-Raad is een vereniging, waarvan de scholenbesturen de leden zijn. De leden kunnen hun directe invloed uitoefenen op de Algemene Leden Vergaderingen (ALV).

- Waar kan ik de CAO PO 2009 bestellen?

U kunt de CAO PO 2009 bestellen via onze webwinkel www.poraad-webwinkel.nl. Hier kunt u ook overig beschikbare publicaties bestellen.

- Waar kan ik de publicatie 'iedereen kan leren rekenen' bestellen?

U kunt de publicatie 'Iedereen kan leren rekenen' bestellen op onze webwinkel www.poraad-webwinkel.nl. Hier kunt u ook overig beschikbare publicaties bestellen.

- Waar kan ik het eerste jaarbericht 2009 bestellen?

U kunt het eerste jaarbericht 2009 gratis bestellen op onze webwinkel www.poraad-webwinkel.nl. Hier kunt u ook overig beschikbare publicaties bestellen.

- Waar kan ik vragen stellen?

Voor persvragen kunt u terecht bij persvoorlichter Harm van Gerven. Voor vragen over uw individuele situatie kunt u contact opnemen met onze helpdesk. Voor vragen over (een bestelling in) de webwinkel klik u hier.

- Waarom zou ik lid worden van de PO-Raad?

Als brancheorganisatie voor alle besturen in het basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs kan de PO-Raad de gemeenschappelijke belangen behartigen. Als lid kunt u zelf input leveren om de beleidsrichtingen mede te bepalen.

Functiemix

- In welke mate worden de maatregelen uit het Convenant Leerkracht door OCW bekostigd?

Het ministerie van OCW bekostigt de volgende maatregelen uit het Convenant Leerkracht volledig:

  • kortere salarislijnen;
  • schaal-uitloopbedrag;
  • toelage directeuren;
  • schrappen schaal AA voor adjunct-directeuren

De invoering van de functiemix wordt gedeeltelijk bekostigd door het ministerie. 75% van de kosten van de invoering wordt door het ministerie bekostigd, de overige 25% van de kosten moet door de werkgevers in het primair onderwijs zelf worden bekostigd. 

De eigen bijdrage van schoolbesturen was voor de minister een harde eis voor de toekenning van ‘nieuw’ geld aan onze sector. Om besturen in staat te stellen geleidelijk geld vrij te maken voor de invoering van de LB-functies is onderstaande verdeling in procentpunten tot stand gekomen:

  2010  2011  2012  2013  2014 
OCW BO reeks LB   6 12  18  24  30 
Werkgeversbijdrage BO reeks LB   2 10 

- Zijn in de CAO PO aanvullende afspraken gemaakt ten opzichte van het convenant Leerkracht?

De afspraken uit het convenant Leerkracht zijn één op één vertaald naar de afspraken in de CAO PO. Er is niet opnieuw onderhandeld over de afspraken uit het convenant. Zo is bijvoorbeeld de afspraak dat LB functies alleen meetellen voor de functiemix als er sprake is van de helft of meer van 930 lesuren één op één overgenomen uit het convenant.

- Wat zijn de consequenties voor een schoolbestuur als de percentages voor de functiemix niet gerealiseerd worden?

In 2011 wordt bekeken of de sector primair onderwijs op sectorniveau de doelstellingen behaald zijn (voor het basisonderwijs 16% in LB en 1% LC, voor het speciaal basisonderwijs/(voortgezet) speciaal onderwijs 6% in LC). Wanneer dit geval is, wordt de zogenaamde tweede tranche middelen ten behoeve van de functiemix verstrekt. Indien de sector in 2011 deze tussendoelen op sectorniveau niet heeft bereikt, wordt per schoolbestuur bekeken of de tussendoelen al dan niet bereikt zijn. De tweede tranche wordt vervolgens per schoolbestuur afgestemd op het bereikte resultaat. Met andere woorden: schoolbesturen die de tussendoelen bereikt hebben ontvangen volledig de tweede tranche, de besturen die de tussendoelen niet bereikt hebben ontvangen de tweede tranche niet volledig.

Als werkgever bent u uiteraard gehouden uitvoering te geven aan de afspraken, zoals dat ook geldt voor andere afspraken uit de CAO PO.

- Klopt het dat de leerkrachten die als IB ‘er of ICT ‘er werken, en weinig of geen lesgeven tot 1 augustus 2010 meetellen voor het realiseren van de functiemix?

Op het moment van afsluiten van de CAO was maar 1% van de leerkrachten ingeschaald in LB. Zij geven naar alle waarschijnlijkheid maar in beperkte mate les. De functiemix is voor lesgevende leerkrachten. M.a.w. iedereen die nu wordt aangesteld in LB moet voldoen aan de afspraak om 50% of meer les te geven om mee te kunnen tellen voor de functiemix.

- Is er een voorbeeld van een plan van aanpak beschikbaar?

Twee besturen hebben hun plan van aanpak voor het invoeren van de functiemix beschikbaar gesteld.

 

Plan van aanpak 1


Plan van aanpak 2

 

Vragen over deze plannen kunt u naar ons e-mailen, waarna ze worden doorgeleid naar het betreffende bestuur.
We hopen dat ook andere besturen plannen, functiebeschrijvingen, notities e.d. af willen staan voor deze rubriek.

- De formules van de functiemix in het speciaal onderwijs; gaat het daar om het leerlingenaantal met of zonder AB-leerlingen?

De verwachting is dat dit zonder de AB-leerlingen is. Dit wordt nog verder nagegaan.

- Welke peildatum geldt voor de ‘nulmeting’ van de functiemix voor het schoolbestuur en de scholen?

Er is eigenlijk geen sprake van een ‘nulmeting’. In het VO is afgesproken hoeveel procent LC- of LD- functies er méér moeten zijn in een bepaald jaar. Dan moet je weten hoeveel van die functies er nu in het bestuur en de scholen zijn. Daarom is er in het VO sprake van een ‘nulmeting’.
In het PO zijn percentages afgesproken waaraan scholen en bestuur moeten voldoen voor een bepaald moment.

- Is er een rekenmodel ontwikkeld voor de functiemix?

Het rekenmodel met uitleg is hier te vinden.

- Hoe beoordeelt een directeur welke leerkracht van het team een LB- of een LC-functie krijgt?

Hiervoor zal de werkgever in overleg met de P(G)MR beleid moeten ontwikkelen. Aan te raden is om nieuwe LB- of LC- functies open te stellen, te omschrijven wat de taken en verantwoordelijkheden zijn, een sollicitatiecommissie samen te stellen en dan een onderbouwde keuze te maken. Met andere woorden, dezelfde procedure volgen als bij iedere andere vacature.

- Hoe komen de functies LA , LB en LC eruit te zien?

Voorbeeldfuncties LA en LB voor het basisonderwijs worden binnenkort op de website geplaatst. Sommige besturen kiezen er voor om eigen functiebeschrijvingen LA en LB te laten opstellen door een gecertificeerd functiewaardeerder. Op die manier willen ze de functiedifferentiatie een bijdrage laten leveren aan de doelstellingen van school en bestuur. Voor LC in het basisonderwijs is geen voorbeeldfunctie gemaakt. Die dienen werkgevers zelf te maken en volgens FUWA PO te laten waarderen. Voor het speciaal (basis)onderwijs zijn er voorbeeldfuncties LB en LC gemaakt. Die worden binnenkort op de website geplaatst.

- Hoe streng zijn de eisen bij het monitoren van de kengetallen van de functiemix?

In de CAO-PO worden t.a.v. de functiemix percentages genoemd waaraan de werkgever dient te voldoen. Een werkgever is verplicht om te voldoen aan de eisen die gesteld zijn in art. 5.3a van de CAO-PO en bijlage XIV van deze CAO, waarin de sleutels zijn vermeld.

- In het VO is een brochure verschenen over de functiemix, een gezamenlijke publicatie van het ministerie van OCW, de VO-raad en de werknemersorganisaties AOb, CNV Onderwijs en CMHF. Komt er ook zo’n brochure voor het PO?

Ja, Hier wordt aan gewerkt. We verwachten voor het einde van 2009 een folder beschikbaar te kunnen stellen.

Lumpsum

Wat houdt de lumpsumbekostiging in?

Vanagf 1 augustus 2006 ontvangen alle schoolbesturen, eenpitters en meerpitters de lumpsumbekostiging. Daarmee beschikt u over één budget voor personeel en materiaal. Het aantal regels is beperkt; er is meer ruimte voor eigen beleid. Als bestuur bent u dus baas over eigen geld.

Wat is het doel van lumpsum?

Het doel van lumpsum is om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Door u meer vrijheid te geven in de besteding van budget kunt u zelf accenten leggen in uw beleid en naar eigen inzicht prioriteiten stellen. U bent in staat om een invulling aan uw beleid te geven die past bij de unieke situatie van uw school.

Wat verwacht de invoering van lumpsum van management en besturen?

De toegenomen vrijheid betekent ook een zwaardere verantwoordelijkheid voor management en besturen. Het vraagt om het zogenoemde 'governance' of 'goed bestuur': openheid, zorgvuldige informatievoorziening en transparantie. Elk bestuur is daarom verplicht om afspraken te maken over de besluitvorming en die vast te leggen in een managementstatuut.

 

De gezamenlijke onderwijsorganisaties hebben het initiatief genomen om een 'Code voor goed bestuur’ (PDF) te ontwikkelen. Deze code bevat een aantal principes van goed bestuur en is bedoeld om de discussie op gang te brengen tussen bestuur, management en (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. Daarbij kunt u de algemene principes vertalen naar afspraken die passen bij de kenmerken van de scholen en de bestuurlijke cultuur.

Hoe wordt de hoogte van de lumpsumbekostiging berekend?

Elk bestuur ontvangt een personeelsbudget gebaseerd op een bedrag per leerling. Dat bedrag is opgebouwd uit een vast bedrag en variabel bedrag. Cfi berekent dit budget per school aan de hand van de loonkosten die u declareert.

De berekening van het vaste bedrag is afhankelijk van de schoolsoort. De samenstelling van de bijdrage aan speciale scholen voor basisonderwijs en WEC-scholen wijkt dus af van die aan gewone basisscholen.
Wilt u weten hoe het vaste deel van het personele budget is opgebouwd voor de verschillende schoolsoorten? Klik hier »

Het variabele deel is afhankelijk van de gewogen gemiddelde leeftijd (GGL) van de leraren op uw school of scholen. Oudere leraren verdienen immers meer dan jonge. In de berekening van de GGL wordt geen rekening gehouden met:

  • de directieleden;
  • het onderwijsondersteunend personeel;
  • leraren in opleiding;
  • leraren die uitsluitend zijn benoemd in een vervangingsbetrekking.

Geïnteresseerd in de exacte berekening van de GGL? Klik hier »

Gewichtenregeling

Wat heeft de gewichtenregeling met lumpsum te maken?

Strict genomen heeft de gewichtenregeling niets met de invoering van lumpsum te maken. Het is echter wel zo dat iedere ouder met een kind in de basisschoolleeftijd gevraagd zal worden een ouderverklaring in te vullen door de school. Op dat formulier worden een aantal vragen gesteld, onder andere over uw opleidingsniveau. De vraag naar het opleidingsniveau van de ouders is bedoeld om een school extra middelen toe te kennen voor het bestrijden van onderwijs (taal) achterstanden. Uit onderzoek blijkt dat er relatie bestaat tussen de genoten opleiding van de ouders en een (mogelijk) taalachterstand bij een kind. De leerlingen worden door deze extra ondersteuning beter voorbereid op het vervolgonderwijs. Om te bepalen hoeveel extra middelen de school hiervoor kan vragen is het belangrijk dat ouders de papieren ouderverklaring invullen en ondertekenen. Wanneer ouders de ouderverklaring niet invullen krijgt de school voor dit kind geen gewicht.

Deze papieren ouderverklaring wordt in de administratie van de school bewaard.

De Accountantsdienst van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen controleert steekproefsgewijs de leerlingenadministraties van basisscholen. Bij een dergelijke controle wordt ook de ouderverklaring gecontroleerd. Het is uitgesloten dat de basisschool de opleidingsgegevens van de ouders kan en mag controleren.

Ouders zijn niet verplicht de ouderverklaring in te vullen.

Gewogen gemiddelde leeftijd (GGL)

De GGL verandert natuurlijk telkens. Wordt daar rekening mee gehouden?

De GGL wordt elk jaar op 1 oktober gemeten.

Wie worden meegenomen in de berekening van de GGL?

De GGL wordt berekend over alle leraren, met uitzondering van door het Vervangingsfonds bekostigde vervanging en lio-ers. Meegewogen worden dus ook:

  • verlofgangers
  • leraren die worden bekostigd uit het schoolbudget of andere eigen middelen (zogenaamd 'eigen zak personeel')
  • gedetacheerde leraren (zij blijven verbonden aan hun eigen school)
  • leraren die zonder behoud van salaris zijn geschorst
  • voormalige directieleden die na een fusie zijn benoemd in een leraarsfunctie
  • leraren die tijdelijk de directie vervangen en een overeenkomstig salaris ontvangen

Hoe wordt de betrekkingsomvang van een BAPO-er vastgesteld?

De betrekkingsomvang wordt vastgesteld alsof er geen sprake is van BAPO (Bevordering Arbeidsparticipatie Ouderen).

Lopen oudere leerkrachten het risico om als bezuinigingsmaatregel door het bevoegd gezag te worden verdrongen door jongere leraren?

Nee, dat is niet waarschijnlijk. De school GGL wordt jaarlijks bepaald op basis van de leraren die op 1 oktober (t-1) bij een school werkzaam zijn. Oudere leerkrachten zullen de GGL naar een hoger niveau brengen. Als een vacature door een jonge leerkracht wordt vervuld, levert dat maximaal één jaar enig voordeel op omdat een jonge leerkracht goedkoper is. Daarna heeft zijn leeftijd echter invloed op de GGL en vermindert dus ook de toekenning.
Als een oudere leerkracht een vacature vervult, kost dat één jaar wat meer. Na maximaal één jaar telt de leerkracht mee bij de bepaling van de GGL.

Kan ziekteverlof van een leerkracht van invloed zijn op de hoogte van de betrekkingsomvang?

Nee, de betrekkingsomvang van een leerkracht ligt vast. (Langdurig) verlof en eventuele inhouding van een percentage van het salaris als gevolg hiervan, leiden niet tot een weging van de oorspronkelijke betrekkingsomvang.

Helpdesk

Heeft u nog steeds vragen? Stel ze dan aan onze helpdesk! U ontvangt zo snel mogelijk per e-mail een persoonlijk antwoord op uw vraag.