Nieuws

Afbouw reserves bij samenwerkingsverbanden zet door

De samenwerkingsverbanden passend onderwijs hebben in 2021 verdere stappen gezet in de afbouw van hun mogelijk bovenmatige reserves. Dat blijkt uit de tweede monitoring van de afbouw van de reserves samenwerkingsverbanden in het primair en voortgezet onderwijs. In het afgelopen jaar zijn deze reserves geslonken met ongeveer € 41 mln. nadat in 2020 ook al afbouw had plaatsgevonden met € 25 mln. De afbouw blijft wel achter op de geplande afbouw zoals in het sectorplan is geschetst. 

Sectorplan voor afbouw

Voor het afbouwen van mogelijk bovenmatige reserves is door Netwerk LPO, Sectorraad swv vo, PO-Raad en VO-raad, verenigd in Werkgroep M23, een sectorplan ontwikkeld waarna in mei 2021 alle individuele samenwerkingsverbanden een plan bij OCW ingediend hebben om eventueel aanwezige bovenmatige reserves uiterlijk eind 2023 af te bouwen.  

Afgesproken is dat de werkgroep ook de monitoring op de voortgang van de afbouw zal uitvoeren. 

Nadat in september 2021 de eerste monitor van deze plannen aan de toen demissionaire minister is aangeboden, is deze maand het rapport tweede monitoring over de voortgang aan de minister voor primair en voortgezet onderwijs aangeboden: Kamerbrief bij 2e monitor afbouw bovenmatige vermogens samenwerkingsverbanden passend onderwijs.

Opnieuw is de grote betrokkenheid te zien bij de samenwerkingsverbanden: allemaal hebben ze gehoor gegeven aan de oproep de 2e uitvraag in te dienen om inzichtelijk te maken hoever men is met de afbouw van een mogelijke bovenmatige reserve. 

Afbouw blijft achter

Tegelijkertijd leidt deze transparantie ook tot de conclusie dat er weliswaar met € 41 mln. fors is afgebouwd, maar dat deze afbouw achterblijft bij het voornemen uit het sectorplan om in 2021  ruim € 60 mln. af te bouwen. 

Als reden voor de verminderde afbouw wordt onder meer genoemd (de tijdelijke sluiting van scholen als gevolg van) de coronapandemie, waardoor scholen minder mogelijkheden hadden om met de initiatieven van de samenwerkingsverbanden aan de slag te gaan. Ook de verruimde financiële (NPO) middelen in de sector maakten het extra uitdagend om de middelen vanuit het samenwerkingsverband ook nog eens doelmatig te besteden.  

Geen generiek korting 

De minister heeft het rapport met commentaar naar de Tweede Kamer gestuurd. Hij schrijft in de brief: 

“Alles overwegende kies ik ervoor om voor nu geen generieke korting op het budget van samenwerkingsverbanden toe te passen. Ik zie dat er bij de samenwerkingsverbanden betrokkenheid is verder te werken aan de gestelde doelen en ik zie ook dat er het afgelopen jaar opnieuw een forse stap is gezet in het afbouwen van het eigen vermogen. Dit weegt voor mij op dit moment zwaarder dan de constatering dat het bovenmatige eigen vermogen niet zo snel wordt afgebouwd als aanvankelijk was gepland (25% in plaats van 40%). Wel wil ik heel duidelijk maken richting de samenwerkingsverbanden dat ik op dit vlak verbetering verwacht. Dit plan is er niet voor niets gekomen. Ik ga op korte termijn in gesprek met de eerder genoemde vier partijen over hoe de samenwerkingsverbanden weer op koers kunnen komen bij het verder afbouwen van de eigen vermogens. Op basis daarvan wil ik aanvullende concrete afspraken maken over deze afbouw.” 

Op 30 maart 2022 debatteerde de Tweede Kamer over passend onderwijs. De afbouw van de reserves heeft daar geen discussies opgeroepen. 

Vervolg 

De PO-Raad is positief over de serieuze aanpak van samenwerkingsverbanden om echt werk te maken van de afbouw van bovenmatige reserves. We zien daarbij ook de uitdagingen waarbij incidenteel geld op een zo doelmatige manier kan worden ingezet in de tijd die hiervoor gegeven is. De partijen in de werkgroep M23, waaronder de PO-Raad blijven de samenwerkingsverbanden oproepen om te werken aan een doelmatige afbouw van de bovenmatige reserves. De volgende monitoring “Afbouw bovenmatige vermogens samenwerkingsverbanden passend onderwijs” wordt in september 2022 gepubliceerd. Daarvoor doet de Werkgroep M23 in juni 2022 weer een uitvraag bij de samenwerkingsverbanden.  

Leergierig