Nieuws

Invoering Wet open overheid: wat betekent dit voor het funderend onderwijs?

De Wet open overheid (Woo) is op 1 mei in werking getreden, als opvolger van Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het belangrijkste doel van de wet: een transparante en actief openbaar makende overheid. Zo is in de Woo een inspanningsverplichting opgenomen tot actieve openbaarmaking en schrijft de wet voor welke informatie dan openbaar gemaakt moet worden. Wat betekent de wet voor het funderend onderwijs?

In hoeverre valt uw schoolbestuur of samenwerkingsverband onder de Wet open overheid?

Dit hangt af van de rechtsvorm van de organisatie: publiekrechtelijk (gemeente of openbaar lichaam) of privaatrechtelijk (stichting, vereniging of coöperatie). Privaatrechtelijke organisaties vallen enkel onder de Wet open overheid voor wat betreft de openbaar gezagtaken. Je ziet hieronder welke taken dat zijn. Dit geldt voor bijna alle schoolbesturen en de samenwerkingsverbanden. Zie onderstaande tabel.

Rechtsvorm Toelichting
Schoolbesturen met een publiekrechtelijke rechtsvorm vallen voor al hun taken onder de Wet open overheid. Publiekrechtelijke onderwijsinstellingen – scholen in stand gehouden door een gemeente of ander openbaar lichaam – vallen voor al hun taken onder de Wet open overheid. 
Schoolbesturen met een privaatrechtelijke rechtsvorm vallen alleen onder de Wet open overheid voor hun openbaar gezagtaken.

 
Schoolbesturen met een privaatrechtelijke rechtsvorm (een stichting of vereniging) in het funderend onderwijs vallen alleen onder de Wet open overheid voor de vier onderstaande openbaar gezagtaken (zie opsomming hieronder). 
Samenwerkingsverbanden met een privaatrechtelijke rechtsvorm vallen alleen onder de Wet open overheid voor hun openbaar gezagtaak.
 
Samenwerkingsverbanden PO en VO hebben een privaatrechtelijke rechtsvorm: een stichting, vereniging of coöperatie. Zij vallen alleen onder de Wet Open Overheid voor hun openbaar gezagtaak (zie hieronder).

Openbaar gezagtaken schoolbesturen

In het funderend onderwijs gaat het om de volgende vier openbaar gezagtaken:

  1. Vrijstelling van de leerplicht (artikelen 11, 11a, 13a en 14 Leerplichtwet)
  2. Afgifte diploma, getuigschriften en (voorlopige) cijferlijsten (Eindexamenbesluit VO)
  3. In- en uitdiensttreding van medewerkers (alléén openbaar onderwijs): het betreft de akte van aanstelling of akte van ontslag onder de Ambtenarenwet (van voor de invoering van de Wnra);
  4. Het toelaten en verwijderen van leerlingen (alléén openbaar onderwijs, zie artikel 40 WPO,  artikel 27 WVO en artikel 40 WEC).

Openbaar gezagtaak van samenwerkingsverbanden

Voor de samenwerkingsverbanden PO en VO geldt alleen de volgende openbaar gezagtaak: Afgifte van de toelaatbaarheidsverklaring  (artikel 40 WPO, artikel 17a WVO).

Op de openbaar gezagtaken is de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing. Dat wil onder andere zeggen dat de besluiten van het bestuursorgaan vatbaar zijn voor bezwaar en beroep door belanghebbenden zoals leerlingen en ouders.

Wat verandert er met de invoering van de Wet open overheid?

Net zoals onder de Wob zal ook het funderend onderwijs te maken krijgen met de Woo. De Woo is echter op een aantal punten anders dan de Wob. Hieronder een korte uiteenzetting van de belangrijkste verschillen.

Actieve openbaarmaking

De Woo bevat een inspanningsverplichting tot actieve openbaarmaking (krachtens artikel 3.1 Woo) en schrijft voor welke informatie bestuursorganen in ieder geval uit eigen beweging openbaar moeten maken (artikel 3.3. Woo). De Woo verplicht een bestuursorgaan om bij de uitvoering van zijn taak uit eigen beweging de informatie neergelegd in documenten openbaar te maken, indien dit zonder onevenredige inspanning of kosten redelijkerwijs mogelijk is. Dit is een inspanningsverplichting die niet van toepassing is als de uitzonderings- of weigeringsgronden van de artikelen 5.1 en 5.2 Woo aan openbaarmaking in de weg staan of met de openbaarmaking geen redelijk belang wordt gediend.

Let op: relatie AVG en Woo

De Woo bepaalt (artikel 5.1, tweede lid, onder e) dat informatie niet wordt verstrekt als het belang van openbaarheid niet opweegt tegen het belang van privacy van betrokkenen. In de regel worden privacygevoelige gegevens, zoals namen of andere herleidbare gegevens, op deze grond geanonimiseerd. De betreffende documenten worden dan geanonimiseerd verstrekt.

Contactfunctionaris

Op grond van artikel 4.7 Woo is de verplichting opgenomen dat een contactfunctionaris op een laagdrempelige en klantvriendelijke wijze, bijvoorbeeld telefonisch of via email, vragen beantwoordt en wellicht ook documenten verstrekt in gevallen die daartoe lenen.

Archiefwet

In de memorie van toelichting is te lezen dat het uitgangspunt is dat ieder bestuursorgaan voldoet aan artikel 3 van de Archiefwet 1995, namelijk dat de documenten die de bestuursorganen ontvangen, vervaardigen of anderszins onder zich hebben, zich in goede geordende en toegankelijke staat bevinden. Die algemene zorgplicht is reeds overgenomen in artikel 2.4 Woo. Die zorgplicht betekent ook dat bestuursorganen de verplichting hebben om maatregelen te treffen. In artikel 6.1 is dit geëxpliciteerd. N.B. Om te zorgen dat schoolbesturen kunnen voldoen aan de Archiefwet, werken de PO-Raad en VO-raad aan het opstellen van een groepsselectiebesluit voor het funderend onderwijs en de samenwerkingsverbanden. Dit groepsselectiebesluit wordt in 2022 in de ALV voorgelegd en naar verwachting in 2023 vastgesteld door de minister van OCW. 

Kort gezegd verplicht de Woo dus tot openbaarheid over informatie die verband houdt met de publieke taak. En meer in het bijzonder gelden de volgende verplichtingen:

  1. Inspanningsplicht actieve openbaarmaking (art. 3.1)
  2. Actieve openbaarmaking van (art. 3.3):
    a.    organisatie en werkwijze (art. 1.d)
    b.    bereikbaarheid (art. 1.e)
    c.    convenanten (art. 2.f)
    d.    jaarplannen en –verslagen (art. 2.g)
    e.    Woo-verzoeken (art. 2.i)
    f.    onderzoeksrapporten (art. 2.j)
    g.    beschikkingen, tenzij (art. 2.k)
           i.    inzake individuele leerling (art. 14)
           ii.    geen belangen van derden (art. 20)
           iii.    afwijzing aanvraag (art. 21)
    h.    klachtoordeel  (art. 2.l)
  3. Openbaarheidsparagraaf begroting
  4. Reageren op Woo-verzoeken, let op (art. 4.1)
    a.    verkorte beslistermijn (art. 4.4)
    b.    gewijzigde uitzonderingen (artt. 5.1, 5.2 en 5.3)
    c.    bijzondere verzoeken (artt. 5.5, 5.6 en 5.7)
  5. Aanwijzingen Woo-contactpersoon (art. 4.7)
  6. Digitale informatiehuishouding op orde (art. 6.1)

Lees ook de doorlopende tekst van de Woo, die nu bij de Eerste Kamer ligt.

Vragen?

Je kunt terecht bij de Juridische Helpdesk van de PO-Raad via het ledenportal op mijnporaad.nl.

 

bestuurders hand omhoog