Blog

Blog Freddy Weima | Welkom nieuwe minister!

Freddy Weima

Freddy Weima

Daar is-ie dan: de nieuwe minister voor primair en voortgezet onderwijs. Dennis Wiersma, jong, getalenteerd en ambitieus en bij mijn weten de enige VVD'er die ook FNV'er is. En –het moet gezegd– in oprjochte Fries.

Afgelopen woensdag was hij in de talkshow Beau. Mooi hoe hij een lans brak voor het beroepsonderwijs. Ook relevant voor het primair onderwijs, we moeten af van de uitdrukking ‘laag advies’.

Wiersma krijgt een stevige agenda voor de kiezen. Allereerst moet hij helpen om het onderwijs uit de coronacrisis te loodsen. Gelukkig zijn de scholen open, maar vraag niet hoe. Alleen een versoepeling van de quarantaineregels kon ervoor zorgen dat een totaal onwerkbare situatie zou ontstaan. En ook met deze versoepeling blijft het improviseren. Iedereen merkt het: als je niet zelf door omikron besmet bent, dan is het wel iemand in je nabije familie- of kennissenkring. Deze weken staan leraren, schoolleiders, ondersteuners en bestuurders voor een soms heroïsche taak.

We hebben dringend behoefte aan een goede strategie, voor het komend jaar en zeker ook voor de langere termijn. We moeten en kunnen beter geprepareerd zijn op een eventuele volgende coronagolf, we moeten alles op alles zetten om de scholen open te houden. In een recent Volkskrant-artikel heb ik enkele suggesties gedaan: voorrang bij boosteren, betere afstemming met andere sectoren zoals de kinderopvang, een structurele aanpak voor het binnenklimaat in onze schoolgebouwen, scenario’s op de plank voor de tijd rondom de vakanties.

Het zou goed zijn als minister Wiersma snel de relevante partijen – binnen én buiten het onderwijs - bijeen roept om hiermee aan de slag te gaan.

Maar dat is bepaald niet het enige. Er ligt een stevig regeerakkoord met alleen voor het funderend onderwijs al zo’n 60 ambities. Misschien wel teveel voor de drie jaar die deze kabinetsperiode in principe gaat duren. Het beste nieuws is dat het coalitieakkoord structurele investeringen bevat. Dat biedt de mogelijkheid voor échte langetermijnplannen, waarbij het eind van de kabinetsperiode een belangrijk tussenstation is. Het onderwijs snakt naar consequent beleid, waarbij ambities worden geformuleerd voor de grote thema’s: onderwijskwaliteit, onderwijskansen en de onderwijsarbeidsmarkt.

Dat laatste punt is randvoorwaardelijk. Alleen als het lukt om de grote personeelstekorten te adresseren kunnen we de langetermijnambities realiseren. Het is fantastisch dat meteen in het begin van deze kabinetsperiode de loonkloof tussen primair en voortgezet onderwijs kan worden gedicht, maar eerlijk is eerlijk: het zal niet genoeg zijn. Er is intensieve samenwerking – veel intensiever dan nu – nodig. De concurrentiestrijd om leerlingen en leraren moet afgelopen zijn, want die is schadelijk voor het onderwijs. We moeten durven innoveren met – zoals de Onderwijsraad zei – tijd voor focus voor de leraar.

En we hebben een nationale arbeidsmarktstrategie nodig: personeelstekorten in bijvoorbeeld onderwijs, zorg en kinderopvang moeten in samenhang aangepakt worden, onder meer door initiatieven die de deeltijdfactor verhogen. Met zijn SZW- en FNV-ervaring kan minister Wiersma daar een grote bijdrage aan leveren.

Een gemiste kans in het coalitieakkoord is de onderwijshuisvesting. Decennialange achterstallige investeringen leggen een grote hypotheek op het onderwijs. We zien dat nu heel concreet met de ventilatiediscussie, maar de problematiek is groter. Goede gebouwen dragen bij aan goede leerprestaties, het verminderen van ziekteverzuim en het vergroten van de aantrekkelijkheid van werken in het onderwijs. Slechte gebouwen – en daar hebben we er helaas teveel van – doen het omgekeerde. De Tweede Kamer onderkent de problematiek. Er komt een uitvoerig debat, voorafgegaan door een vragenronde, een technische briefing en een rondetafelgesprek. Een mooie gelegenheid voor minister Wiersma om iets te doen aan wat ontbreekt in het coalitieakkoord.

Het nieuwe kabinet legt een goede basis om de wicked problems in het onderwijs aan te pakken. Maar veel is nog onduidelijk, zo’n beetje alle maatregelen behoeven concretisering. Het is zaak om dit in samenspraak met de sector te doen. De leraren en schoolleiders zijn daarin onmisbaar. Evenals de schoolbesturen, zeker als het gaat om de broodnodige bovenschoolse en regionale samenwerking. 

Ik sjoch út nei de gearwurking!

Freddy Weima