Juridische Helpdesk

Tekst

Welkom bij de Juridische Helpdesk. Hier kunt u antwoorden vinden op uw vragen.

Ik wil iets weten over…

Vragen en antwoorden over

  • Hoe verhoudt de PO-Raad zich ten opzichte van besturenorganisaties als de Besturenraad, Bond KBO, LVGS, VBS en VOS-ABB?

    De besturenorganisaties Besturenraad, Bond KBO, LVGS, VBS, VOS-ABB (en daarnaast ook de AVS) zijn de 'founding fathers' van de PO-Raad. De taken van de PO-Raad liggen op de domeinen die deze organisaties bindt: Bekostiging, werkgeverschap en de hoofdlijnen van het onderwijsbeleid. De PO-Raad behartigt de belangen van de schoolbesturen op die gebieden. Die taak ligt dus niet meer bij de besturenorganisaties.

    De PO-Raad biedt géén individuele ondersteuning. De besturenorganisaties doen dat wél. Daarnaast spelen de besturenorganisaties een grote rol bij het uitdragen en profileren van de identiteit van de school.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Vereniging PO-Raad.

  • Samenwerkingsverband als schoolbestuur: wel of niet mogelijk?

    Kan het samenwerkingsverband passend onderwijs ook schoolbestuur zijn van een SBO school (in de huidige situatie Federatie Plus genoemd) of van een SO-school? Het antwoord van het ministerie van OCW hierop is nee: een samenwerkingsverband kan niet ook bestuur zijn van een school. Dat blijkt enerzijds uit de wet: in artikel 18a, van de Wpo worden de doelen en taken van het samenwerkingsverband geregeld. Hierin is niet opgenomen dat het samenwerkings-verband ook bestuur van een school kan zijn. Dit in tegenstelling tot de huidige WEC, waarin wel is geregeld dat het REC (regionaal expertisecentrum) bestuur kan zijn van een school. Daarnaast blijkt ook uit de antwoorden op schriftelijke vragen van de Eerste Kamer dat het niet de bedoeling is van de wetgever dat het samenwerkingsverband ook bestuur wordt van een school.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Passend onderwijs of het onderwerp Passend Onderwijs.

  • Hoe moet het Ontwikkelingsperspectief vormgegeven worden?

    Op 6 maart 2014 is de Algemene Maatregel van Bestuur (AMBV) in het Staatsblad gepubliceerd en treedt met de invoering van passend onderwijs op 1 augustus 2014 in werking.

    Het ontwikkelingsperspectief is verplicht voor kinderen die extra ondersteuning nodig hebben. In artikel 34.7 van de AMVB is opgenomen wat de minimale eisen zijn voor het ontwikkelingsperspectief: “De onderbouwing bevat ten minste een weergave van de belemmerende en bevorderende factoren die van invloed zijn op het onderwijs aan de leerling”.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Passend onderwijs of het onderwerp Passend Onderwijs.

  • Een leerling van groep 5 doet aan topsport. Zij traint 20 uur per week en neemt deel aan internationale wedstrijden. Hoe moet de school met lestijden omgaan? En kan zij ontheffing krijgen van het gymonderwijs om het risico op blessures te verkleinen?

    Het kan voorkomen dat een leerling met bijzondere talenten op het gebied van sport geregeld de lessen moet verzuimen om iets met deze talenten te doen. De Leerplichtwet biedt hiervoor geen vrijstellingsmogelijkheid. Binnen de reguliere onderwijswetgeving kan de school (bevoegd gezag) wél afspraken maken met ouders over vrijstelling van verplichte deelname aan bepaalde onderwijsactiviteiten (Wet op het primair onderwijs, artikel 41 lid 2). Dit zijn structurele afspraken die jaarlijks bij het begin van het schooljaar worden gemaakt. Spontane en/of incidentele verzoeken om te mogen verzuimen vallen hier niet onder. Het is belangrijk dat de leerling onderwijs volgt en voldoende diploma’s haalt. Dit belang staat voorop.

    Als er op dit gebied andere vragen zijn kunt u ook contact opnemen met de Landelijke Organisatie Onderwijs en Topsport (Stichting LOOT).

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij de thema's Passend onderwijs en School, kind & omgeving of de onderwerpen Flexibele schooltijden en Passend Onderwijs.

  • Zijn er wettelijke verplichtingen als het gaat om bewegingsonderwijs in de groepen 3 en 4 in het primair onderwijs?

    Er zijn geen wettelijke verplichtingen ten aanzien van het bewegingsonderwijs dat in groep 3 en 4 moet worden aangeboden. In de kerndoelen PO wordt per vak aangegeven wat kinderen moeten kennen en kunnen aan het eind van de basisschool. Een school bepaalt zelf hoe de lessen in deze vakken worden gegeven en met welk lesmateriaal.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Onderwijsinhoud.

  • Is het hanteren van een leerlijn 'sociaal-emotionele ontwikkeling' in het speciaal onderwijs verplicht?

    In het speciaal onderwijs gelden de kerndoelen. In het leergebied “overstijgende kerndoelen” staan er een aantal die de sociaal emotionele ontwikkeling betreffen. De school zal zich moeten verantwoorden wat zij hieraan doet. 

    Gebruik van bepaalde methodes kan helpen om aan de kerndoelen te werken. Op www.lecso.nl is een inventarisatie te vinden van de in het speciaal onderwijs meest gebruikte methoden voor speciale opbrengsten. 

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij de thema's Onderwijsinhoud en Speciaal onderwijs of het onderwerp Speciaal Onderwijs.

  • Wat betekent de Meldcode voor het onderwijs?

    Scholen dienen een Meldcode, dit is een protocol met een stappenplan, te hebben waarin beschreven staat hoe de professional omgaat met signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling. In de Meldcode dient te staan wie wanneer wat en op welke wijze doet en bevat een signalenlijst en gesprekshandleiding. Ook registratie- en dossiervorming, de rollen en verantwoordelijkheden, een sociale kaart en scholingsplan maken deel uit van de Meldcode. Naast het implementeren van de Meldcode dient de organisatie het gebruik en kennis van de Meldcode te bevorderen. Het personeel dient getraind te zijn in het signaleren van huiselijk geweld en kindermishandeling en het werken met de Meldcode.

    De inspectie toetst scholen in de nabije toekomst of ze werken volgens de Meldcode. Denk aan: het beschikken over een meldcode, de randvoorwaarden en de feitelijke toepassing van de Meldcode.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema School, kind & omgeving.

  • Moet ik alle vermoedens en incidenten melden?

    Een verplichte meldcode is iets anders dan een meldplicht. Door te werken met de meldcode blijft de beslissing om vermoedens van huiselijk geweld en kindermishandeling wel of niet te melden, berusten bij de school. Het stappenplan biedt houvast bij die afweging.

    De verplichte meldcode regelt dat een professional zijn beroepsgeheim kan doorbreken om melding te doen.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema School, kind & omgeving.

  • Hoe ziet een meldcode eruit?

    Voor leraren en anderen op school betekent de invoering van de Meldcode dat zij verplicht zijn om bij signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling de stappen van de Meldcode te zetten. Iedere school stelt zijn eigen meldcode vast, met daarin minimaal de volgende 5 stappen:

    1. Breng signalen in kaart
    2. Overleg met een deskundige collega op school en/of vraag advies bij het AMK
    3. Voer een gesprek met de ouders over de signalen
    4. Beoordeel de risico's en de ernst van de signalen in het zorgteam
    5. Beslis wat er moet gebeuren:
        a. Kan de school zelf voldoende hulp bieden of organiseren? De effecten van de hulp volgen en zonodig alsnog een melding doen als er signalen zijn dat kindermishandeling niet stopt of opnieuw begint.
        b. Moet er een melding bij het AMK worden gedaan? Indien mogelijk vooraf met ouders de melding bespreken. Evt. met de leerling indien deze 12 jaar of ouder is.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema School, kind & omgeving.

  • Wat verstaat men onder kindermishandeling?

    Elke vorm van, voor de minderjarige, bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte van de minderjarige in een relatie van afhankelijkheid of onvrijheid staat, actief of passief opdringen, waardoor ernstige schade wordt of dreigt te worden berokkend aan de minderjarige in de vorm van fysiek of psychisch letsel.

    Hieronder vallen ook verwaarlozing en onthouden van essentiële hulp, medische zorg en onderwijs.

    Vormen van kindermishandeling zijn:

    • Lichamelijke mishandeling en/of verwaarlozing
    • Emotionele mishandeling en/of verwaarlozing
    • Normatieve en educatieve mishandeling
    • Seksueel misbruik
    • Lichamelijke en emotionele verwaarlozing en verwaarlozing van onderwijs komen het meest voor.

    Kindermishandeling kan voorkomen worden als:

    • je weet wat je kunt doen, als je een vermoeden hebt dat een kind wordt mishandeld,
    • je weet waar je op moet letten om zo vroeg mogelijk te merken dat ouders de opvoeding niet aan kunnen,
    • scholen en instellingen afspraken hebben over wat ieder moet doen als ze een vermoeden van kindermishandeling hebben,
    • kinderen en jongeren zelf goed geïnformeerd zijn over wat kindermishandeling is en zelf sneller iemand in vertrouwen nemen.

    Risicofactoren bij kinderen die de kans op kindermishandeling vergroten zijn onder meer:

    • Ontwikkelings- of gedragsproblemen
    • Lichamelijke of verstandelijke beperking
    • Chronische ziekte

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema School, kind & omgeving.

Pagina's