Juridische Helpdesk

Tekst

Welkom bij de Juridische Helpdesk. Hier kunt u antwoorden vinden op uw vragen.

Ik wil iets weten over…

Vragen en antwoorden over

  • Dient een personeelslid in de ondersteuningsplanraad lid te zijn van een medezeggenschapsraad van een school?

    Er is een vacature in de ondersteuningsplanraad (OPR) van ons samenwerkingsverband. Dient een personeelslid in de OPR lid te zijn van een medezeggenschapsraad van een school of mag men ook namens een medezeggenschapsraad worden afgevaardigd? En moeten er dan verkiezingen worden gehouden?

    Artikel 4a lid 2 WMS stelt dat de leden van de ondersteuningsplanraad worden afgevaardigd door de afzonderlijke medezeggenschapsraden van de betreffende scholen en wel zo dat het aantal leden, gekozen uit personeel onderscheidenlijk uit ouders of leerlingen, elk de helft van het aantal leden van de raad bedraagt.

    De WMS geeft niet aan op welke wijze de leden van de OPR moeten worden ‘afgevaardigd’. Het is echter niet zo dat elke MR van de scholen van het SWV rechtstreeks een lid hoeft af te vaardigen. Kern van de regeling is dat elke MR direct of indirect vertegenwoordigd is in de OPR. Volgens de wetgever is het aan de MR’en in het SWV om een goede keuze te maken bij de afvaardiging. Dat kan dus per SWV verschillen. De samenstelling en de organisatie van de OPR worden vastgelegd in het reglement van de OPR.

    Uit de woorden ‘gekozen’ in het artikel in de WMS kan worden afgeleid dat de afvaardiging dient te geschieden door middel van verkiezingen. De leden van de afzonderlijke medezeggenschapsraden zijn rechthebbende van het kiesrecht. In het medezeggenschapsreglement van de OPR moeten de wijze en organisatie van de verkiezing en het aantal leden nader worden vastgelegd.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Medezeggenschap.

  • Welke looncomponenten moeten worden meegenomen bij de bepaling van een transitievergoeding?

    De regels voor de vergoeding zijn vastgelegd in het Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding (Staatsblad 2014, 538) en de Regeling looncomponenten en arbeidsduur. Op grond van de bepalingen en de nota van toelichting worden de volgende componenten in ieder geval meegerekend bij de bepaling van de transitievergoeding: het salaris, de vakantieuitkering en de structurele eindejaarsuitkering. Indien van toepassing voor de betreffende werknemer komen daar nog bij:

    • de uitlooptoeslag;
    • nominale uitkering (dag van de leraar);
    • eindejaarsuitkering OOP.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Strategisch HRM.

  • Wanneer is een leerling formeel toegelaten en ingeschreven?

    Er is een onderscheid tussen aanmelden en inschrijven. In het primair onderwijs mogen ouders hun kind aanmelden bij een school van voorkeur zodra het kind 3 jaar is. In artikel 40b Wet op het primair onderwijs (Wpo) is opgenomen welke gegevens aan de school moeten worden verstrekt. Op basis van het aanmeldformulier neemt de directie een beslissing tot toelating. Een kind kan worden toegelaten en ingeschreven vanaf vier jaar. Toelating is geregeld in artikel 39 Wpo, de voorschriften voor de inschrijving in het Bekostigingsbesluit Wpo (Besluit).

    Artikel 7 lid 4 van het Besluit schrijft voor dat de directeur de leerling inschrijft met ingang van de dag waarop de leerling de school voor het eerst bezoekt. Echter geeft het vijfde lid de directeur de mogelijkheid de leerling die de school voor het eerst bezoekt op de eerste schooldag van het schooljaar, met ingang van 1 augustus van dat schooljaar in te schrijven, tenzij de leerling op 1 augustus nog geen 4 jaar is. Deze regels omtrent inschrijving zijn van belang in verband met de peildatum van 1 augustus voor het al dan niet verkrijgen van aanvullende bekostiging voor personeelskosten bij een groeiend aantal leerlingen.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema School, kind & omgeving.

  • Uiterlijk 1 november moeten de OOP- en directiefuncties geactualiseerd en geherwaardeerd zijn conform de afspraken die vakbonden en de PO-Raad hebben gemaakt. Kunnen jullie alle informatie hierover nog eens op een rijtje zetten?

    Interessant zijn in ieder geval de volgende nieuwsberichten op onze website:

    Daarnaast is het onderstaande rekenmodel, dat in samenwerking met de AVS tot stand is gekomen, ook relevant.

    Wat als mijn nieuwe functiebeschrijving en de daaraan gekoppelde inschaling tot een lager salaris leidt?

    Artikel 5.6 lid 8 van de CAO PO 2019-2020 gaat over het behoud van het huidige salaris (inclusief toelagen), het uitzicht op hogere periodieken en toekomstige indexatie, volgens de oude inschaling. Lid 8 is van toepassing als de nieuwe functiebeschrijving en de daaraan gekoppelde inschaling tot een lager salaris of tot een lager uitzicht leiden. Hierover worden voor 1 augustus 2020 (inmiddels verlengd tot 1 november 2020) afspraken gemaakt. Deze afspraken moeten worden vastgelegd in een addendum, behorende bij de arbeidsovereenkomst. Daarbij is het volgende van belang. De huidige salarisschalen AB t/m AE en DA t/m DE komen per 1 augustus 2020 te vervallen. Ook de bepalingen over de directietoelage vervallen per 1 augustus 2020. Uiterlijk per 1 augustus 2020 zijn de nieuwe salarisschalen A10 t/m A13 en D11 t/m D15 van toepassing. In de nieuwe D11 t/m D13-schalen is de directietoelage verwerkt. Dat betekent dat voor deze schalen - om een goede inpassing te realiseren - de directietoelage van € 339,46 omgezet moet worden, omdat over dit bedrag nu geen vakantie-, eindejaars- en levensloopuitkering wordt berekend. De uitbetaling van de vakantie- en eindejaarsuitkering vindt een keer per jaar plaats. Het verschil is dus niet weg, maar wordt in een later stadium weer rechtgetrokken. De levensloopuitkering vindt maandelijks plaats. De uitkomst van de omzetting is € 294,95 bij een voltijdsbetrekking. In onderstaand schematisch overzicht is voor de berekening van het verschil een vergelijking gemaakt tussen de oude en nieuwe inschaling. Het addendum bij de arbeidsovereenkomst kan er dan als volgt uit zien, met als voorbeeld een directeur in de salarisschaal DC+: Op basis van zijn nieuwe functiebeschrijving - een aangepaste voorbeeldfunctie - die opnieuw gewaardeerd is door een gecertificeerd adviseur FUWA, komt de inschaling uit op de D13-schaal. Het maximumbedrag van deze schaal is lager in vergelijking met de DC+-schaal. De betreffende directeur is op regel 14 ingeschaald. Als ingangsdatum geldt 1 mei 2020.  

    Datum

    Salaris DC+

    Toelage

    Totaalbedrag

    Nieuwe inschaling (naasthoger)

    Verschil

    1 mei 2020

    € 5.355 (regel 14)

    € 294,95*

    € 5.649,95

    € 5.787

    + € 137,05

    1 augustus 2020

    € 5.472 (regel 15)

    € 294,95*

    € 5.766,95

    € 5.990

    + € 223,05

    1 augustus 2021

    € 5.591 (regel 16)

    € 294,95*

    € 5.885,95

    € 5.990

    + € 104,05

    1 augustus 2022

    € 5.707 (regel 17)

    € 294,95*

    € 6.001,95

    € 5.990

    - € 11,95

    1 augustus 2023

    € 5.823 (regel 18)

    € 294,95*

    € 6.117,95

    € 5.990

    - € 127,95

    * Omdat in de nieuwe salaristabellen het vakantiegeld, de eindejaars- en levensloopuitkering is verwerkt, vindt een correctie plaats. Het verschil is niet weg, omdat het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering een keer per jaar worden uitgekeerd en de levensloop maandelijks. Aan de hand van dit voorbeeld geldt per 1 augustus 2022 een salarisgarantie van € 11,95 per maand en per 1 augustus 2023 een salarisgarantie van € 127,95 per maand.

  • Is het wettelijk toegestaan om in het taakbeleid af te spreken dat in een schooljaar te weinig gewerkte uren worden meegenomen naar een volgend schooljaar, om die uren alsnog toe te bedelen en zo de 'minuren' te compenseren?

    De normjaartaak kent geen wettelijke grondslag, maar is vastgelegd in de cao po. Voor de normjaartaak geldt dat de omvang en invulling daarvan per schooljaar wordt afgesproken. De werkgever moet er dus op toezien dat de normjaartaak van de werknemer volledig in het schooljaar wordt ingezet. Een systeem van plus- en minuren past niet in deze handelwijze en wordt dan ook niet ondersteund door cao-partijen.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Wat is de banenafspraak?

    De banenafspraak is een afspraak tussen de sociale partners in Nederland om mensen met een arbeidsbeperking een beter perspectief te geven op een reguliere baan en zoveel mogelijk mensen te laten meedoen in de samenleving.

    De Banenafspraak vloeit voort uit het sociaal akkoord en de Participatiewet. De PO-Raad verbindt zich graag aan de afspraak. Het betekent namelijk dat meer leerlingen die van het voortgezet speciaal onderwijs komen een plek op de arbeidsmarkt kunnen krijgen. Daarnaast vult onze sector daarmee haar maatschappelijke rol en voorbeeldfunctie in. Tegelijkertijd realiseert de PO-Raad zich dat het veel vraagt van schoolbesturen als werkgever.

    Bij de realisatie van de Participatiewet spelen werkgevers een belangrijke rol. In het sociaal akkoord is afgesproken dat werkgevers op vrijwillige basis gaan bijdragen aan arbeidsparticipatie van mensen met een arbeidsbeperking, door hen kans op werk te bieden. Dat is het standpunt onder het regime van de banenafspraak. Als blijkt dat de extra banen niet worden gerealiseerd kan de quotumwet in werking treden als stok achter de deur. 

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Diversiteit en inclusief werkgeverschap.

  • Is een basisschool wettelijk verplicht om ook voor- en naschoolse opvang te verzorgen voor leerlingen van de school?

    Het schoolbestuur dient te zorgen voor opvang van leerlingen tussen 07.30 uur en 18.30 uur, op verzoek van de ouders. De kosten van de opvang komen voor rekening van de ouders. Dit is vastgelegd in artikel 45 lid 2 van de Wet op het primair onderwijs.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Samenwerken met opvang.

  • Wat zegt de WMS over de juiste datum voor het aanleveren van de begroting aan de (G)MR?

    Aan het bevoegd gezag wordt niet voorgeschreven op welk moment de begroting en beleidsvoornemens op grond van het informatierecht (artikel 8 Wms) aan de (G)MR moeten worden overgelegd, omdat elk bevoegd gezag zelf mag bepalen of het kalenderjaar dan wel het schooljaar leidend is. De Wms stelt dat dit “tijdig” moet gebeuren, maar dit begrip wordt niet nader toegelicht.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Medezeggenschap.

  • Waarom staan de begrippen start-, basis- en vakbekwaam niet meer in de huidige CAO PO?

    In de nieuwe cao hebben we de sector veel meer ruimte gegeven. Met een nieuwe medewerker wordt een arbeidsvoorwaardengesprek gevoerd. Hoe de inschaling bepaald wordt, is niet langer uitputtend geregeld. Een schoolbestuur gaat met de nieuwe medewerker in gesprek over de beschrijving van de functie (uit functiegebouw) en bijbehorende schaal, trede, werktijd en werktijdfactor.

    Verder voert een bestuur met iedere werknemer gesprekken in het kader van de gesprekkencyclus. Tijdens die gesprekken wordt onder andere het functioneren besproken. Bij leraren zal dat onder meer gaan aan de hand van de voor de beroepsgroep geldende bekwaamheidseisen, maar ook aan de hand van andere indicatoren die school (en medewerker) hebben afgesproken in het kader van groep/doorgroei/taken/verantwoordelijkheden/functie-uitoefening etc.

    Voor wat betreft start-, basis- en vakbekwaam, kunnen besturen deze nog hanteren als basis van hun beloningsbeleid voor de startende leraar, maar dat kan ook op andere manieren. Ook hier hebben besturen meer vrijheid gekregen.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Wanneer is een werknemer ziek?

    Een werknemer is ziek als er sprake is van (fysieke of psychische) klachten ten gevolge van ziekte, zwangerschap of bevalling waardoor de werknemer verhinderd is zijn eigen werkzaamheden te verrichten. Het gaat er dus om dat de werknemer ziek én arbeidsongeschikt is.

    Ter illustratie: Als een werknemer door privéomstandigheden dusdanige psychische stress ervaart waardoor hij zijn werkzaamheden niet kan verrichten, is er sprake van een correcte ziekmelding. Er is geen sprake van een correcte ziekmelding als de werknemer door de coronasituatie in quarantaine moet, zonder dat er sprake is van medische klachten. Bij twijfel adviseren wij de bedrijfsarts te consulteren.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Arbeidsrecht actueel.

Pagina's