Juridische Helpdesk Cao primair onderwijs

Tekst

Welkom bij de Juridische Helpdesk. Hier kunt u antwoorden vinden op uw vragen.

Ik wil iets weten over…

Vragen en antwoorden binnen Cao primair onderwijs

  • Is Bevrijdingsdag (5 mei) een verplichte vrije dag voor onze werknemers of niet?

    5 mei is een nationale feestdag. Vaak is in cao’s geregeld of werknemers die dag vrij zijn. Dit is ook het geval in de CAO PO. Hierin is geregeld dat 5 mei een algemeen erkende feestdag is (zie de begripsbepalingen op blz. 35). De werknemers zijn dus vrij deze dag. Wel wordt 5 mei van het vakantieverlof afgeschreven, zie art. 8.1 lid 1 sub a. CAO PO. 

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Moet een werknemer in april in dienst zijn om recht te hebben op de eenmalige uitkering van april 2017?

    De eenmalige uitkering in april 2017 is in de cao opgenomen in art. 6.14d. De opbouw van de uitkering in april 2017 werkt hetzelfde als de opbouw voor de dag van de leraar. De uitkering wordt opgebouwd over 4 maanden, € 125,00 per maand bij een fulltime dienstverband. Als de werknemer bijvoorbeeld per 1 maart 2017 uit dienst gaat, dan heeft hij recht op € 250,00 omdat hij twee maanden heeft opgebouwd.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Wij willen een medewerker aannemen die behoort tot het doelgroepregister in het kader van de Participatiewet. UWV geeft aan dat in de cao po een aparte salaristabel is opgenomen voor deze categorie. Is dit correct?

    Medewerkers die tot de doelgroep van de banenafspraak behoren, mogen ook worden ingeschaald in andere schalen dan die uit artikel 6.8 van de CAO PO. Bijvoorbeeld in een schaal die aansluit bij de functie die men gaat uitoefenen, zoals (assistent-)conciërge of administratief medewerker.

    Het is wel een risico om meer te betalen dan het minimumloon. Als een medewerker op termijn zelfstandig in staat blijkt te zijn om het minimumloon te verdienen, dan gaat deze persoon uiteindelijk buiten de doelgroep vallen.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of de onderwerpen Cao primair onderwijs en Diversiteit en inclusief werkgeverschap.

  • In de cao is opgenomen dat een werkgever in het openbaar onderwijs de cao als algemeen verbindend voorschrift voor het personeel van zijn scholen moet vaststellen. Heeft u een suggestie hoe we dat moeten doen?

    Een schoolbestuur in het openbaar onderwijs dient op grond van artikel 33 WPO een rechtspositieregeling voor het personeel vast te stellen.

    De volgende concepttekst kan hiervoor worden gebruikt:

    ,,Het bevoegd gezag van … heeft in zijn vergadering van … besloten om voor de werknemers van zijn scholen voor het openbaar primair onderwijs, de rechtspositieregeling als bedoeld in artikel 33 van de Wet op het Primair Onderwijs, met ingang van 1 juli 2016 van toepassing te verklaren de CAO-PO 2016-2017 inclusief de daarbij behorende bijlagen. Genoemde regeling is van kracht tot het moment waarop door het bevoegd gezag met betrekking tot deze rechtspositieregeling anders of nader zal worden besloten.''

    In deze voorbeeldtekst is nadrukkelijk géén einddatum genoemd. Wanneer de cao afloopt per 1-10-2017 blijven de regels van toepassing tot het besluit wordt herroepen, bijvoorbeeld omdat een volgende cao is afgesloten. Door geen einddatum te noemen, kunnen openbare schoolbesturen voorkomen dat er een vacuüm ontstaat in een cao-loos tijdperk.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Een werknemer is als gevolg van haar zwangerschap ziek en ontvangt sinds het begin van het nieuwe schooljaar een Ziektewet-uitkering. Heeft zij recht op compensatie vakantieverlof?

    Nee, de vakanties worden niet meer gecompenseerd indien de werknemer tijdens de vakantie ziek wordt/is. (Dit geldt ook voor OOP’ers). Art. 8.6 cao PO sluit compensatie van vakantieverlof met ziekteverlof uit. Echter moet de werknemer wel in een jaar 160 uur (wettelijk) vakantieverlof kunnen genieten. Blijft de werknemer een jaar ziek en is hij niet in de gelegenheid gesteld om minimaal 160 uur op te nemen in het jaar, dan heeft hij recht op compensatie tot 160 uur, zie art. 8.1 lid 5 CAO PO.

    Alleen indien sprake is van zwangerschaps- en bevallingsverlof en samenloop met vakantieverlof vindt compensatie plaats. Als de werknemer ziek wordt op het moment dat er al recht op zwangerschapsverlof is, maar het zwangerschapsverlof nog niet is ingegaan, dan worden deze dagen wel gecompenseerd, zie art. 3:1 lid 4 Wazo.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Kan ik een werknemer die al de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt telkens een tijdelijk contract geven of is de Wwz ook op werknemers die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt van toepassing?

    Werknemers die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, vallen ook onder de Wet werk en zekerheid (Wwz). Wel geldt voor hen een verruimde ketenregeling. Er ontstaat pas een vast contract na 48 maanden of na zes contracten, zie artikel 7:668a lid 12 Burgerlijk Wetboek. Dit geldt voor contracten die zijn afgesloten na de AOW-gerechtigde leeftijd. Dit is ook terug te vinden in de cao PO, namelijk in artikel 3.13 lid 1 sub b. Voor het openbaar onderwijs geldt artikel 4.10 cao PO.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Wordt een bindingscontract in het kader van de Wwz gezien als vervanging (6 contracten in 3 jaar) of als reguliere benoeming (3 contracten in 2 jaar) en tot wanneer kan ik deze aangaan?

    Het bindingscontract wordt gezien als een contract ten behoeve van vervanging en kan worden aangegaan tot 30 september 2017. Dit betekent dat de bindingscontracten nog wel zullen doorlopen nadat de cao expireert, maar deze niet meer mogen worden aangegaan.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Komen het huidige ontslag- en werkgelegenheidsbeleid te vervallen door het nieuwe onderhandelaarsakkoord?

    Het ontslagbeleid en het werkgelegenheidsbeleid blijven bestaan (en blijven op hoofdlijnen hetzelfde). De start van beide trajecten wordt een half jaar naar voren geschoven, er komt een gedeeltelijke vrijstelling van werkzaamheden voor medewerkers die in het RDDF zijn geplaatst of in de laatste fase van het sociaal plan zitten en er moeten tijdig meldingen worden gedaan. Zie voor dit alles het onderhandelingsakkoord. Maar beide beleidsvormen blijven gewoon bestaan.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

  • Geldt vanaf 1 juli 2016 de Wwz ook voor het openbaar onderwijs?

    De meeste onderdelen van de Wet Werk en Zekerheid (Wwz) gaan over wijzigingen in het Burgerlijk Wetboek (BW), zoals aanzegplicht, ketenregeling en transitievergoeding. Medewerkers in het openbaar onderwijs hebben een ‘ambtenarenstatus’ en het BW is op hen niet van toepassing. De Wwz zal dus niet vanaf 1 juli 2016 voor hen gelden. 

    Normalisering van de rechtspositie van ambtenaren (= gelijkstelling met burgerlijk arbeidsrecht) zal nog jaren duren. Bij een cao kunnen onderdelen ook worden geüniformeerd, maar daarover is nu nog niets te zeggen. Het onderhandelingsakkoord zal duidelijk maken welke verdere stappen er gezet kunnen worden.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of de onderwerpen Arbeidsrecht actueel en Cao primair onderwijs.

  • Wat is de status van het ontslagbeleid, werkgelegenheidsbeleid en DGO nu de Wwz van kracht is?

    Aan het bepaalde in de cao over werkgelegenheidsbeleid is niets gewijzigd. Wat daarin staat dient gewoon gevolgd te worden. Zoals bekend gaat het daarbij deels om een werkgelegenheidsgarantie en is de eerste periode ook bedoeld om gedwongen ontslagen te voorkomen.
    Pas als het zo ver komt dat de verwachting is dat er toch gedwongen ontslagen moeten volgen, moet bij de bepaling van de ontslagvolgorde uitgegaan worden van het UWV-afspiegelingsbeginsel. Het DGO is niet alleen voor de vaststelling van die volgorde bedoeld.

    Het gaat dus niet om het ‘ontslagbeleid’ of het ‘werkgelegenheidsbeleid’ en alles wat daarover is bepaald in de cao, maar over de afvloeiingsvolgorde. Als die op grond van de cao of eigen regelingen anders is dan die van UWV-afspiegelingsbeginsel, gaat laatstgenoemde voor.

    Meer weten?

    Kijk ook eens bij het thema Werkgeverszaken of het onderwerp Cao primair onderwijs.

Pagina's