Aanpak lerarentekort: “mijn drijfveer is om de volgende generatie in Almere een stapje verder te helpen”

Met een tekort van 13 procent in het regulier onderwijs en 20 procent in het speciaal onderwijs staat de continuïteit en kwaliteit van het onderwijs in Almere onder druk. Eind mei presenteerden de schoolbesturen uit Almere hun noodplannen voor de aanpak van het lerarentekort aan minister Slob. Welke uitdagingen liggen er voor Almere en welke oplossingsrichtingen stellen zij voor? Een interview met Herbert Griffioen, voorzitter College van Bestuur van de Almeerse Scholen Groep (ASG). 

Waarom wordt Almere tot de G5 gerekend?

,,Almere is qua inwoneraantal de achtste stad van Nederland, maar heeft in verhouding een van de hoogste tekorten in Nederland. Bovendien heeft de stad een aantal unieke kenmerken. Zo is er een relatief jonge bevolking met veel inwoners onder de 20, heeft de stad een multicultureel karakter en zijn er relatief weinig hoger opgeleiden. Daarnaast zijn er veel leerlingen die in de gewichtenregeling vallen. Deze combinatie van factoren maakt dat Almere op het vlak van het lerarentekort tot de G5 behoort.’’

Waarom zijn er in Almere relatief weinig leraren te vinden? 

foto van Herbert Griffioen,,Dit heeft meerdere oorzaken. In de eerste 30-35 jaar van het bestaan van Almere waren er geen hogescholen. Pas in het afgelopen decennium is er een lerarenopleiding van Windesheim geopend. Hierdoor hebben we nu sinds een aantal jaar een nieuwe lichting leraren die in Almere opgeleid zijn. Ook is Almere van origine een echte woonstad, een zeer groot deel van de bevolking werkt buiten de stad. En dan ligt Almere ook nog op de grens van de vakantieregio’s. Dit maakt het voor leraren uit een andere stad soms ook onaantrekkelijk, aangezien hun eigen kinderen in een andere periode vakantie hebben. Tot slot is er in Almere sprake van grootstedelijke problematiek, er zijn leraren die hier bewust niet voor kiezen.’’ 


Waarin verschilt de aanpak van Almere met die van andere grote steden?

,,Typerend voor Almere is een zeer brede spreiding van leerlingen in de gewichtenregeling. Bijna alle scholen hebben een gemiddeld hoge gewichtenregeling. Er zijn geen typische ‘goede’ en ‘slechte’ wijken zoals in de meeste grote steden. Dit betekent dat het lerarentekort bij ons op alle scholen speelt. Hierdoor moeten wij een breed beleid ontwikkelen in plaats van ons op specifieke wijken of doelgroepen te richten."

Wat zijn de speerpunten uit het plan van Almere?

,,We moeten alles uit de kast trekken voor het vergroten van de instroom. Daar hebben we een aantal maatregelen voor bedacht, die zijn weliswaar niet revolutionair maar wel belangrijk. Een voorbeeld is de kostenneutrale zij-instroom. De subsidie die schoolbesturen ontvangen voor zij-instromers is niet kostendekkend. Veel kosten komen op het bordje van de scholen. Door de aanvullende subsidie wordt het mogelijk om meer zij-instromers aan te stellen en hen beter te begeleiden."

,,Verder proberen we de uitstroom zoveel mogelijk te beperken. Niet iedere leraar in Almere komt zelf uit de grote stad en dan krijg je wel grootstedelijke problematiek voor je kiezen. We gaan dan ook fors inzetten op een gezamenlijk begeleidingsprogramma voor nieuwe talenten zodat zij zich gezien, erkend, veilig en gesteund voelen. Wat de coronacrisis ons ook geleerd heeft is dat we het onderwijs anders moeten organiseren. Door de werkdruk te verlichten kunnen leraren zich meer tot hun kerntaken richten. Bijvoorbeeld met het project ‘Sterk in de klas’ waarbij de jeugdhulpverlening de gezinsproblematiek naar zich toetrekt of door de inzet van pedagogische conciërges. Ook hebben wij relatief veel onderwijsassistenten in dienst. Wij vinden het belangrijk dat zij zich blijven ontwikkelen. De talenten die er tussen zitten willen we versneld opleiden tot leraar.’’ 

,,Daarnaast proberen we de aantrekkelijkheid van het werken als leraar in de stad te verhogen. Gezien de beperkte beschikbaarheid van woningen zijn wij voortdurend in gesprek met gemeenten over voorrangsbeleid. Zo zijn er in een pilot vijftien woningen uit de vrije sector voor leraren beschikbaar gesteld. In de toekomst worden dit er mogelijk meer. Hier ligt een kans voor Almere aangezien de prijzen van huurwoningen in de vrije sector nu nog lager liggen dan in andere grote steden. Tot slot kijken we naar een kostendekkende reiskostenvergoeding, zodat het ook voor leraren buiten de stad aantrekkelijker wordt om in Almere voor de klas te gaan staan.’’ 

Binnen uw bestuur zijn er ook vo-scholen vertegenwoordigd. Waar liggen kansen voor samenwerking? 

,,Uiteraard kijken wij naar de uitwisseling van personeel tussen po en vo. Zo zien we binnen ons eigen schoolbestuur dat er mensen vanuit het vo de overstap maken naar het po. Dit gaat voornamelijk over collega’s uit het management, die de overstap naar schoolleider maken. Want zoals we allemaal weten is er naast het lerarentekort ook een tekort aan schoolleiders. Overigens zijn in de plannen voor de Regionale Aanpak Personeelstekorten (RAP), die wij samen met onze collega’s uit Lelystad hebben ingediend, zowel po als vo vertegenwoordigd. Zo trekken we samen op in de werving van nieuw personeel. Helaas zijn de mogelijkheden voor onderlinge uitwisseling beperkt, je loopt al heel snel tegen bevoegdheden aan.''

In het speciaal onderwijs is het tekort zelfs 20 procent. Hoe houden deze scholen de ballen hoog?  

,,Het is keihard pompen of verzuipen. Het tekort is zo groot dat je er niet aan ontkomt dat ook onderwijsassistenten, de IB’er en de (adjunct) directeur voor de klas staan. Het kost veel moeite om de kwaliteit van onderwijs permanent op niveau te houden. En dan heeft ASG de luxe dat we een directeur en (binnenkort) twee adviseurs onderwijs en kwaliteit hebben. Ook hebben alle ASG-scholen een integraal en cyclisch kwaliteitsbeleid. Gelukkig is binnen ASG de kwaliteit in het basisonderwijs vrijwel overal weer op orde, maar het is wel een ‘fine line’.''

Wat kunnen andere scholen van het noodplan Almere leren?

,,Iedere stad uit de G5 sluit een convenant met het ministerie. Hierin leggen we vast welke maatregelen we prioriteren. Deze maatregelen gaan wij heel scherp monitoren, door zowel kwalitatief als kwantitatief onderzoek. Hierbij kijken we naast de cijfers ook naar oorzaken. Waarom valt die zij-instromer uit? Ligt de oorzaak in de privésituatie of hebben we hem of haar niet goed begeleid? Wij gaan deze resultaten breed met de sector delen, dat vind ik ook echt onze verantwoordelijkheid. Zeker gezien de luxe die wij hebben nu er wat geld beschikbaar komt. Tot slot hoop ik dat andere scholen inspiratie kunnen halen uit onze plannen.''

Over het noodplan
Het Noodplan is tot stand gekomen in een samenwerking tussen de schoolbesturen ASG, SKO en Stichting Prisma Almere, het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs en de gemeente Almere. ASG is de trekker van het plan. Tijdens diverse ‘ophaalsessies’ hebben ook directies, leraren, vertegenwoordigers van de (G)MR, het hbo en het mbo meegedacht. Alle partijen ondersteunen dit Noodplan Lerarentekort Almere. Download het noodplan van Almere.

Over ASG
De Almeerse Scholen Groep is het onderwijsbestuur van 39 basisscholen en acht scholen in het voortgezet onderwijs in Almere. Deze scholen werken nauw met elkaar samen. ASG is ook nauw betrokken bij de ontwikkeling van het Middellange en lange termijn plan (MLT-plan). Dit plan verbindt en versterkt de afzonderlijke noodplannen en richt zich op noodzakelijke structurele verbeteringen. Download het middellange termijn plan van de G5.

Laatst gewijzigd: 
dinsdag 23 juni 2020

Nieuwscategorieën