Bewegingsvaardigheid leerlingen daalt

Basisschoolleerlingen bewegen steeds minder goed. De school heeft hier maar voor een deel invloed op. Vooral hoe leerlingen zelf hun sportieve vaardigheden inschatten en hun BMI zijn van invloed op hun bewegingsvaardigheid. Ook doen jongens het beter dan meisjes. Dat blijkt uit het rapport Peil.Bewegingsonderwijs dat de Inspectie van het Onderwijs vrijdag publiceerde.

In de afgelopen tien jaar is het aantal lesuren bewegingsonderwijs met twee lesuren nagenoeg gelijk gebleven, zo blijkt uit het onderzoek. Wel worden vaker vakleerkrachten ingezet. Op een derde van de scholen in het basis- en speciaal basisonderwijs geven bevoegde leraren (vakleerkracht of groepsleerkracht met een brede bevoegdheid) de gymles samen met een onbevoegde leraar. Om kinderen te laten bewegen, werken scholen daarnaast meer samen met buitenschoolse partners dan tien jaar geleden. Een groeiende groep leerlingen sport na schooltijd in clubverband. Driekwart van de leerlingen in het basisonderwijs sport op die manier minstens twee keer in de week.

De PO-Raad noemt de teruglopende bewegingsvaardigheid van kinderen zorgwekkend. Ze vindt het dan ook belangrijk dat scholen kwalitatief goed bewegingsonderwijs geven. Daarbij benadrukt ze dat bewegen niet beperkt moet blijven tot bewegingsonderwijs. Binnen het onderwijsprogramma kunnen scholen bewegen ook op andere manieren stimuleren, door bijvoorbeeld buiten les te geven of door bewegen te integreren met bijvoorbeeld taal- of rekenlessen, zegt Den Besten ook in dagblad Trouw. Ook buiten deze lesuren kunnen kinderen - nog meer dan nu - worden aangemoedigd te bewegen, bijvoorbeeld op het schoolplein of op de weg naar school toe. Samenwerking tussen school, gemeenten en sportverenigingen is daarbij heel belangrijk. Ook voor ouders is een belangrijke rol weggelegd.

Een soortgelijke reactie heeft de PO-Raad gegeven aan het Algemeen Dagblad, en de Volkskrant. In de Volkskrant zegt de PO-Raad dat van jongs af aan leren bewegen belangrijk is voor de gezondheid en prestaties van kinderen. Ze benadrukt verder het belang van samenwerking met andere partijen die om het kind staan.

,,Kinderen zijn drieduizend uur per jaar wakker en daarvan zitten ze er duizend op school. Serieus in de gezondheid van kinderen investeren, betekent dat we allemaal ons steentje moeten bijdragen’’, aldus Rinda den Besten, voorzitter van de PO-Raad. ,,Van een gezonde leefstijl op jonge leeftijd, plukt een kind immers ook op latere leeftijd nog de vruchten.’’

Scholen streven, zoals afgesproken in het bestuursakkoord, naar drie lesuren bewegingsonderwijs maar dit blijkt in de praktijk vaak niet haalbaar, merkt de PO-Raad. Zo kampen diverse scholen met een tekort aan gymzalen. Uit onderzoek van onderzoeksbureau Regioplan en het Mulierinstituut bleek vorig jaar bovendien dat het honderden miljoenen euro’s extra kost om alle leerlingen in het primair onderwijs één extra lesuur gym te geven en alleen nog vakleerkrachten voor de klas te zetten. Dat bevestigt het belang van aandacht voor bewegen buiten de gymlessen om. Binnen Curriculum.nu, het traject waarin leraren en schoolleiders met andere betrokkenen werken aan nieuwe kerndoelen, wordt overigens ook gekeken naar de invulling van het bewegingsonderwijs.

Den Besten nam het rapport vrijdagochtend in ontvangst uit handen van hoofdinspecteur Arnold Jonk. Dat gebeurde op OBS de Kariboe in Heemskerk waar op dat moment de koningsspelen plaatsvonden.

 

Bewegen op de Koningsspelen
Vandaag draait het bij veel basisscholen in Nederland volledig om bewegen: met de Koningsspelen genieten leerlingen van een sportieve en zonnige dag. Het is dan ook geen toeval dat de Inspectie van het Onderwijs vandaag het peilingsonderzoek Bewegingsonderwijs publiceert. Vanochtend overhandigde Arnold Jonk, plaatsvervangend inspecteur-generaal van de inspectie, de rapportage Peil.Bewegingsonderwijs aan Rinda den Besten, voorzitter van de PO-Raad, op obs De Kariboe in Heemskerk. Geheel in stijl renden beiden mee met de sponsorloop die de school die ochtend organiseerde.
Naar aanleiding van de resultaten van het peilingsonderzoek zegt Den Besten: “Bewegen is leuk en heel belangrijk. En niet alleen tijdens de gymlessen, maar ook op andere momenten, bijvoorbeeld tijdens de taal- en rekenles of buiten schooltijd”. Op obs De Kariboe heeft ze vanochtend zelf ervaren op welke manier je daar als school aan kunt bijdragen.
Obs De Kariboe is een van de scholen die als voorbeeld wordt gezien binnen de stichting Openbaar Primair Onderwijs (OPO) IJmond. De basisschool zet in op een integrale aanpak als het gaat om bewegingsonderwijs. Schoolleider Brenda Dik vertelt met trots welke ambities de school heeft: “Op De Kariboe vinden wij bewegen belangrijk, en niet alleen tijdens de gymlessen. Wij zijn een gezonde school. Het schoolplein nodigt uit tot bewegen. Bewegen draagt bij aan de persoonlijke en sociale ontwikkeling van kinderen. Veel beweging tijdens een schooldag zorgt ook voor een betere concentratie en motivatie van kinderen. We willen het leren bewegen verder een extra impuls gaan geven door meer te gaan samenwerken met sportverenigingen.”
,,Bewegen doen wij op De Kariboe niet alleen tijdens de gymlessen, ook tijdens de reguliere lessen is er aandacht voor bewegen. Daarnaast werken we samen met sportverenigingen om het leren bewegen nog een extra impuls te geven.”

Kijk ook op Peil.Bewegingsonderwijs en bekijk de video die de inspectie maakte met praktijkverhalen over bewegingsonderwijs.

Laatst gewijzigd: 
maandag 30 april 2018

Nieuwscategorieën