Bijeenkomst leerwinst en toegevoegde waarde

08-11-2011

Op donderdag 8 december gaat de PO-Raad met leden in gesprek over het meten van leerwinst en toegevoegde waarde: wat is er gaande op dit gebied, hoe staat u ten opzichte van de voornemens van de regering, welke mogelijkheden en knelpunten ziet u en wat zijn aandachtspunten waar rekening mee gehouden moet worden? Frans Janssens, bijzonder hoogleraar onderwijstoezicht aan de Universiteit Twente, coördinerend inspecteur bij de Inspectie en projectleider van de pilots over leerwinst en toegevoegde waarde, geeft een toelichting op de begrippen leerwinst en toegevoegde waarde. Verder vertelt hij over de opzet van de pilots.  De bijeenkomst vindt plaats bij de PO-Raad in Utrecht van 14.30-16.30 uur. 

Pilots
In het actieplan Basis voor Presteren en het ontwerpwetsvoorstel Toetsing in het primair onderwijs kondigde minister van Bijsterveldt aan pilots op te willen zetten over leerwinst en toegevoegde waarde. Het ministerie van OCW en de Inspectie starten dit schooljaar met deze pilots. Samen met schoolbesturen en scholen zoeken zij naar instrumenten om de leerwinst van leerlingen en de toegevoegde waarde van scholen te kunnen bepalen. Daarbij wordt gezocht naar manieren waarop leerwinst en toegevoegde waarde voor scholen een hulpmiddel kunnen zijn bij het opbrengstgericht werken. Bovendien wordt in de pilots bekeken of leerwinst en toegevoegde waarde een rol kunnen spelen bij het beoordelen van de leeropbrengsten en de kwaliteit van de school door de Inspectie. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is hoe recht kan worden gedaan aan de inspanningen van de school en rekening kan worden gehouden met de samenstelling van de leerlingpopulatie.

Reactie PO-Raad
Op 4 april 2011 stuurde de PO-Raad haar reactie op het ontwerpwetsvoorstel Toetsing in het primair onderwijs naar minister van Bijsterveldt. In deze brief geeft de PO-Raad aan bedenkingen te hebben bij het voornemen van de overheid om de toegevoegde waarde van de scholen te bepalen en als uitgangspunt te nemen voor de beoordeling van leerresultaten van scholen. Het bepalen van toegevoegde waarde is geen eenvoudige zaak. Een school is meer dan het verschil tussen eind- en begintoets. Verder spelen er allerlei praktische problemen, zoals de grote tussentijdse in- en uitstroom van leerlingen, de invloed van buitenschoolse variabelen, de grillige ontwikkeling van jonge kinderen (met name in groep 1 en 2) en het verschil in schoolse vaardigheden tussen eind- en beginmeting. Bij het gebruik van een eventuele begintoets in groep 3 speelt ook een rol dat scholen die veel investeren in voor- en vroegschoolse educatie negatief gewaardeerd kunnen worden voor hun inspanningen. De PO-Raad vindt het dan ook verstandig dat er pilots plaatsvinden om vast te stellen wat wel en niet werkt. We zullen deze kritisch volgen en nemen daar de input uit het gesprek van 8 december in mee.

Laatst gewijzigd: 
maandag 12 december 2011

Nieuwscategorieën