Cultuuromslag en openheid nodig op zeer zwakke scholen

03-04-2010

“Ik heb veel vertouwen in mijn school en team dat we uit ons dal komen", zegt schoolleider Hanneke Dekker tijdens Het Onderwijscafé over zeer zwakke scholen. Haar school is zeer zwak, maar ondermaats gaat haar te ver. "Er gebeurt – ook in het verleden – al heel veel goeds.”

Wat het betekent om te horen dat je een zeer zwakke school bent, schetst Janneke van de Krommenacker, leerkracht van de Nutsschool Hertogin Johanna, locatie Poolster uit Oss. “Deze rode kaart hakte er flink in.” Collega MR-lid en ouder Bibi Molenaar: “We wisten wel dat de Cito-scores al drie jaar beneden peil waren, maar toch is het nog een schok. Ouders reageerden verdeeld: sommigen willen de schouders eronder zetten, anderen halen hun kinderen van school af.”

‘Elk talent benut – van ondermaats naar excellent’ is de titel van Het Onderwijscafé dat op 31 maart op initiatief van de PO-Raad, VO-raad en AVS plaatsvindt in Studio Dudok te Den Haag. Politici, deskundigen en het veld gaan onder leiding van presentator Bas van ’t Wout in debat over zeer zwakke scholen en wat er nodig is om deze uit de wereld te helpen.

Vic van den Broek d’Obrenan van de Inspectie van het Onderwijs verbaast zich over het feit dat het voor velen een schok is als een school zeer zwak wordt. “Er is toch al een heel proces aan vooraf gegaan?” Anneke van der Linde, projectleider zeer zwakke scholen bij zowel de PO-Raad als VO-raad, merkt op dat de verbolgenheid vaak ligt in de vraag waarop de inspectie zo’n beoordeling baseert. 

Cultuuromslag

Wik Jansen van de Taskforce Zeer zwakke scholen van de VO-raad: “Als het fikt moet je er als bestuur bovenop zitten en achter de directeur staan. Het meeste rendement zit ‘m uiteindelijk in de leerkracht-leerling relatie.” CDA-Politicus Jan Jacob van Dijk vindt dat de verantwoordelijkheid en het instrument voor verbetering bij de scholen zelf ligt. “Zorg voor schoolleiders die voldoen aan de criteria van de Nederlandse Schoolleiders Academie (NSA) en breng het niveau van de leerkrachten omhoog met de lerarenbeurs.” Van Dijk kondigt ook een initiatiefwetsvoorstel aan met strengere (kwaliteits)eisen voor het stichten van nieuwe scholen. Zijn PvdA-collega Marianne Besselink wijst erop dat het huidige regeerakkoord ook al preventieve maatregelen staan aangaande zeer zwakke scholen en dat de politiek momenteel de middelen heeft om sneller over te gaan tot sluiting.

Schoolleider Hanneke Dekker van de Nutsschool in Oss heeft niets aan preventieve maatregelen. “Als je acuut 10.000 euro nodig hebt voor professionalisering, dan is het er niet! Zaken als vliegende brigades en dergelijke werken alleen maar een ‘hersteleconomie’ in de hand.” Dekker stelt dat geld absoluut een voorwaarde is om uit het dal te klimmen, maar dat er ook een cultuuromslag bewerkstelligt moet worden. Hoe uit zich dat op de werkvloer? Collega en leerkracht Van de Krommenacker: “Zo’n cultuuromslag impliceert je als leerkracht ervan bewust worden dat je de kunde hebt om het onderwijs naar een hoger plan te tillen, bijvoorbeeld door lessen anders en duidelijker over te brengen. Analyseer je acties en praat daarover met je collega’s, van groep 1 tot en moet 8!” Wik Jansen: “Denk als school en team zelf na hoe je de kwaliteit op het gewenste niveau kunt brengen. Zo creëer je eigenaarschap van opbrenstgericht werken. Verwacht echter niet dat zo’n cultuuromslag in Fokke en Sukke–termen ‘volgende week donderdag om half vier’ plaatsvindt.” Vanuit zijn praktijkervaring bij de Taskforce Zwakke scholen hamert Jansen op zelfevaluatie – zowel zwakke als sterke punten - , een scherp plan van aanpak, monitoren en verantwoording afleggen, zowel naar boven als horizontaal naar ouders en leerkrachten.

Ouders, openheid en ambitie

Horizontale verantwoording, met name transparantie richting ouders, blijkt deze namiddag een belangrijke factor voor het keren van het tij van zeer zwakke scholen. Van Dijk (CDA): “Goede communicatie met ouders lijkt een open deur, maar is zo belangrijk.” Hij refereert hierbij aan zijn tijd in een schoolbestuur: “Wij stuurden de inspectierapporten ook naar de ouders.” Besselink (PvdA) hamert op een prikkeling van het ambitieniveau van zowel ouders als leerkrachten. “Als die ambitie hoog is, kun je op een andere manier leeropbrengsten uit een kind halen. Dat vergt weer die cultuuromslag, ook van ouders.” Schoolleider Dekker ziet een cultuuromslag bij ouders nog niet zo snel gebeuren. “Als een kind aan de eettafel vertelt dat ie een lieve juf heeft en dat het leuk is op school, is het voor veel ouders al snel goed.” Wik Jansen: “Met het blootgeven van opbrengstgegevens aan ouders én serieus naar ze luisteren, betrek je hen erbij.” Een goed voorbeeld hiervan in het vo noemt hij het project Vensters voor Verantwoording. Van den Broek d’Obrenan geeft in het verlengde hiervan aan dat de inspectie samenvattingen gaat maken van haar rapporten, speciaal voor ouders. Jansen merkt hierover kritisch op dat de rapporten van de inspectie gedateerd zijn. “Informatie over het hier en nu moeten scholen zelf formuleren en zelf de verantwoordelijkheid nemen om met het actuele proces naar buiten te treden.”

‘Tolerantie voor falen’

Na deze intensieve gedachtewisseling tussen politici, deskundigen en het veld krijgen de aanwezigen in de zaal ook de kans hun zegje te doen. Een van hen verbaast zich over de ‘tolerantie voor falen’ in het onderwijs. “Ziekenhuizen denken toch ook niet in termijnen van drie tot vier jaar om hun zwakke prestaties om te buigen naar een betere kwaliteit? In het onderwijs gaat het ook om mensen! Ze zijn weliswaar niet ziek, maar een leerachterstand oplopen van één tot anderhalf jaar is ook ernstig.” De politici uit het panel zijn het met hem eens, maar zijn niet voor het nóg sneller sluiten van zeer zwakke scholen. Van Dijk, CDA: “Uiteindelijk is het beter om door dichter op het vuur te zitten te voorkomen dat een school überhaupt zeer zwak wórdt.” Ook Kete Kervezee van de PO-Raad vindt sluiten geen missie. Zij wijst erop dat er al zo’n 2.000 po-scholen meedoen aan taal- en rekenverbetertrajecten. “Leerkrachten zijn enthousiast over de snel zichtbare verbeteringen en hebben meer orde.” Schoolleider Dekker gaat nog een stapje verder. “Begin bij de lerarenopleidingen. Met ingrijpen aan de voorkant bereik je veel.” Van Dijk (CDA) vindt het bemoedigend om te zien dat het onderwijs op de goede weg is. “Het veld moet het zelf doen en is daar ook al mee bezig.”

Het volgende Onderwijscafé vindt plaats op 21 juni aanstaande.

(Tekst: Vanja de Groot)

Laatst gewijzigd: 
donderdag 9 februari 2012

Nieuwscategorieën