Dekker gaat bekostiging primair onderwijs uitpluizen

Staatsecretaris Sander Dekker (Onderwijs) gaat inkomsten en uitgaven in het primair onderwijs nog eens onder de loep nemen, zo beloofde hij de Tweede Kamer donderdag tijdens het debat over de Onderwijsbegroting. Hij speelt daarmee in op de zorgen van diverse partijen over structurele tekorten waar het primair onderwijs mee kampt. De PO-Raad becijferde eerder deze week dat het gat tussen kosten en bekostiging inmiddels is opgelopen tot 754 miljoen euro.

Dat gat wordt onder meer veroorzaakt door hoge werkloosheidskosten als gevolg van de daling van het aantal leerlingen, stijgende pensioenpremies en hogere kosten voor moderne lesmaterialen. Geld uit het Nationaal Onderwijsakkoord (NOA) en Herfstakkoord – 265 miljoen euro – was niet voldoende om de stijgende kosten van te compenseren.

Lumpsum

Op verzoek van de Kamer gaat Dekker ook in kaart brengen op welke manieren het primair onderwijs kan worden bekostigd. VVD, CDA, D66 en SP vinden dat met lumpsum onvoldoende duidelijk is waaraan schoolbesturen hun geld besteden. Zo kan de staatssecretaris volgens haar niet gedetailleerd genoeg uitleggen welk effect het geld uit het NOA en Herfstakkoord heeft gehad op de banen voor jonge leraren.

Volgens de bewindsman is het inherent aan het systeem van de lumpsum dat niet van ‘iedere euro en per instelling is te aan te geven wat er met het geld is gebeurd’. Maar hij weet één ding zeker, zei hij: ,,Als het geld in 2014 (NOA en Herfstakkoord, red.) niet naar het onderwijs was gegaan, dan waren de werkloosheidskosten nog hoger geweest en het aantal banen nog lager.’’

Dekker stelt dat de systematiek van lumpsum past bij de vrijheid van onderwijs die we in Nederland hebben. Hij benadrukte dat scholen geld niet zomaar kunnen uitgeven maar zich over hun uitgaven verantwoorden via jaarverslagen en jaarrekeningen. Ook zien de Inspectie van het Onderwijs en accountants erop toe dat schoolbesturen hun geld goed besteden.
Desondanks wil hij een ‘open discussie’ voeren over de mogelijkheden om meer inzicht te krijgen in de uitgaven.

Vluchtelingenkinderen en snel internet

D66, CDA, SP en SGP drongen er daarnaast per motie bij Dekker op aan dat er voor scholen die veel vluchtelingenkinderen lesgeven, meer geld beschikbaar wordt gesteld om dit te organiseren. Dekker zou hierover met de PO-Raad en VO-raad moeten overleggen. Werkloze leraren kunnen volgens de partijen worden ingezet om deze kinderen les te geven. Dekker ging hier niet in mee en ontraadde de motie.

De ChristenUnie pleitte er bij motie voor om alle scholen in het primair onderwijs van snel internet te voorzien. Ook provincies en gemeenten moeten daarbij worden betrokken, vindt de partij. Dekker vond dit een sympathiek voorstel. De Kamer stemt er dinsdag over, net als over alle andere moties. De PO-Raad staat positief tegenover het voorstel van ChristenUnie. In augustus kaartte de PO-Raad aan dat veel leerlingen nu verstoken blijven van goed internet terwijl snel internet steeds belangrijker wordt voor goed onderwijs.

Meer lezen?

Een uitgebreider verslag van de behandeling van de Onderwijsbegroting en een overzicht van alle moties is te lezen op Mijn PO-Raad

Bestanden bij dit nieuwsitem: 

Laatst gewijzigd: 
donderdag 29 oktober 2015