FNV verliest rechtszaak over loonruimteakkoord

De rechter heeft de FNV in het ongelijk gesteld bij haar poging om het loonruimteakkoord van tafel te krijgen. De PO-Raad is blij met deze uitspraak, medewerkers in het primair onderwijs verdienen een loonsverhoging. De volgende stap is nu dat de PO-Raad met de bonden een cao sluit om die loonsverhoging een goede grond te geven. Die cao kan komende maanden tot stand komen. Startdatum van de cao is dan 1 juli 2016, maar uitbetaling zou op basis van die cao eerder kunnen.

Op 10 juli 2015 is tussen de betrokken ministers, de overheidswerkgevers, waaronder de PO-Raad, en de overige vakcentrales voor overheidspersoneel een onderhandelingsakkoord bereikt over loonruimte voor de publieke sector, het loonruimteakkoord. In dit akkoord is onder meer afgesproken dat medewerkers in het primair onderwijs een loonsverhoging krijgen van 5,05 % en dat de pensioenregeling bij ABP wordt aangepast. Op basis van deze afspraken wordt binnenkort de ABP-pensioenregeling aangepast en vinden CAO-onderhandelingen plaats.

FNV heeft betoogd dat zij buiten spel is gezet omdat er geen open en reëel overleg heeft plaatsgevonden over het loonruimteakkoord en de daarin gemaakte afspraken over pensioenen. Hierdoor is volgens de FNV het grondrecht op collectief onderhandelen met voeten getreden. Volgens de FNV hebben de pensioenafspraken grote gevolgen voor de pensioenen van het overheidspersoneel.

Over de in het loonruimteakkoord neergelegde pensioenafspraken heeft volgens de Haagse kortgedingrechter wel open en reëel overleg plaatsgevonden. FNV is bij het aan het onderhandelingsakkoord voorafgaande overleg aanwezig geweest maar heeft er zelf voor gekozen om het overleg op 9 juli 2015 te verlaten, waardoor zij bij het sluiten van het akkoord, op 10 juli 2015, niet aanwezig is geweest. Het besluit over het onderhandelingsakkoord is desalniettemin met de vereiste meerderheid van stemmen genomen en de daarbij gemaakte pensioenafspraken zijn vervolgens in de Pensioenkamer bekrachtigd. Anders dan FNV stelt kan niet gezegd worden dat hierdoor gehandeld is in strijd met haar recht op collectieve onderhandelingen.

De FNV heeft wel aangekondigd in hoger beroep te gaan tegen deze uitspraak. 

Laatst gewijzigd: 
donderdag 1 oktober 2015

Nieuwscategorieën