Interview - 100 dagen Rinda den Besten: ‘Met de zweep maak je het onderwijs niet beter’

09-07-2013

Na honderd dagen in het zadel als voorzitter van de PO-Raad heeft Rinda den Besten er nieuwe ambities bij: Korte metten maken met de negativiteit over het onderwijs. ,,We zullen laten zien wat we doen, en reëel zijn over wat wel en niet kan. En we mogen ook gewoon een keer trots zijn.’’
 

-Je wilde als eerste het primair onderwijs en de Haagse politiek met elkaar verbinden, zei je toen je net was gekozen tot voorzitter. Is dat al gelukt?
,,Nee, dat zou wel heel snel zijn. Maar ik zie wel al hele goede dingen. Iedereen die in het primair onderwijs werkt, zet zich vol in en probeert ook samen te werken. Helaas zie ik tegelijkertijd vaak verkeerde Haagse bemoeizucht. De PO-Raad heeft de afgelopen tijd geen kans voorbij laten gaan om te benadrukken dat schoolbesturen zelf de ruimte moeten krijgen om het onderwijs goed te organiseren. Dat is hun rol. De overheid moet niet op stoel van de leraar en onderwijsbestuurders zitten."

-Mark Frequin, voormalig directeur primair onderwijs bij het ministerie van Onderwijs, zei laatst: ‘Dat hoor ik al dertig jaar.’ Hoe denk je dat je daar toch verandering in kan brengen?
,,Van dat soort argumenten moet je je niet al te veel aantrekken. Anders verandert er nooit iets. Je moet blijven praten. Ik heb een confronterende stijl, ben niet bang om de strijd aan te gaan, ben hard op de inhoud, zacht op de relatie. Hopelijk gaat dat effect hebben. Ik geloof in ieder geval dat men die stijl accepteert. Ik krijg althans goede feedback uit het veld. Maar je moet wel blijven schipperen. Wanneer je alleen maar je tanden laat zien, haalt het niets uit."

-Is je visie op primair onderwijs veranderd sinds je voorzitter bent van de PO-Raad?
,,Niet echt. Ik wist al, mensen die in het primair onderwijs werken, zijn hele leuke mensen. Het zijn mensen die de mouwen opstropen, constructief en praktisch zijn. Die echt nadenken over wat hun acties voor hun school betekenen, voor hun klas."

-Maar als voorzitter zullen je ongetwijfeld dingen zijn opgevallen.
,,Dat klopt. Er is de laatste jaren veel over het onderwijs uitgestort. Men heeft daardoor niet altijd zin in meer veranderingen en duikt soms een beetje onder tafel in de hoop dat het dan wel overwaait. Dat is niet altijd handig. Ik heb gezien dat er een behoorlijk niveauverschil zit tussen schoolbesturen. Niet iedereen is in staat om vooruit te kijken, na te denken over de lange termijn. Het gaat soms wel heel erg over het nu. Al zie ik ook dat daar verbetering in zit.

Ook was ik verrast over het enthousiasme waarmee ik in het land ben ontvangen. De PO-Raad wordt vaak – terecht – verwelkomd als belangrijke bondgenoot. Ik krijg veel feedback van leden, ze weten me te vinden en hebben veel waardering voor de PO-Raad. Terwijl ze beseffen dat de PO-Raad nooit álle leden altijd tevreden kan stellen."

-Als je terugkijkt, wat is dan de grootste uitdaging geweest voor het primair onderwijs?
,,Dat zijn er meer dan één: Invloed hebben op het Nationaal Onderwijsakkoord, het wetsvoorstel Centrale Eindtoets en het krimpbeleid, het voorkomen van een nieuwe pestwet en nog meer. Een grotere, meer overkoepelende uitdaging, is de sector stevig neer te zetten. Dat blijft altijd iets om aan te werken en ik denk dat ons dat de afgelopen honderd dagen best goed is gelukt. We zijn veel met andere organisaties opgetrokken en dat heeft tot goede resultaten geleid."

-Ben je ook tevreden met de resultaten? Met andere organisaties samen optrekken, bleek lastig toen het debat over krimp werd gevoerd. Een Nationaal Onderwijsakkoord is er nog niet gekomen.
,,Ik ben redelijk tevreden. We hebben veel dingen voorkomen die we niet wilden. Het is alleen niet altijd zichtbaar wat we hebben gedaan en wat we hebben bereikt. Voordat de staatssecretaris met zijn plannen tegen de krimp kwam bijvoorbeeld, hebben we veel gelobbyd. Na het advies van de Onderwijsraad, vielen de plannen van de staatssecretaris heel erg mee. Dat hebben we gewoon goed gedaan. Verder hoop ik dat het Onderwijsakkoord er rond Prinsjesdag wel ligt.’’

-Wat gaan de grootste uitdagingen worden voor het komende schooljaar?
,,Er staat veel te gebeuren. Komend jaar wordt de eindsprint voor het passend onderwijs. Dat móet doorgaan, al moet er nog veel worden geregeld voordat het volgend jaar wordt ingevoerd. Uit het rapport van de Algemene Rekenkamer bleek heel duidelijk dat of de ambities daaromtrent moeten worden bijgesteld of dat er geld bij moet. Het is afwachten wat de nieuwe bezuinigingen van het kabinet daarnaast gaan betekenen voor het onderwijs.

En er moet iets gebeuren aan de houding van de politiek ten opzichte van het onderwijs. Toen bleek dat de prestaties van zeer zwakke scholen zo goed waren verbeterd, wist de Inspectie van het Onderwijs het nieuws toch weer negatief neer te zetten. Waarom? Die houding wekt irritatie bij de leden van de PO-Raad. We moeten ervoor waken dat we daardoor niet uit elkaar groeien. Natuurlijk kan goed altijd nog beter. Maar de stemming bij Kamerleden, de minister en staatssecretaris is nu vaak dat de zweep er maar over moet. En dat ís niet de manier om het onderwijs beter te maken. We zullen de komende tijd laten zien wat we doen, en reëel zijn over wat wel en niet kan. En we mogen ook gewoon een keer trots zijn.’’

-Is die houding niet ook begrijpelijk? Er duiken steeds weer voorbeelden op van scholen en besturen die het niet goed doen.
,,Je moet niet naar aanleiding van ieder incident nieuwe regels willen maken. Het is de rol van de PO-Raad om dat debat steeds te blijven voeren. Gebeurt dat niet, dan ontstaan er problemen. We moeten nu bijvoorbeeld letten op de kleine scholen en schoolbesturen. Aan de ene kant vindt de Tweede Kamer dat zij ondanks de krimp mogen blijven bestaan. Maar we moeten ervoor waken dat zij niet allemaal extra regeltjes over zich krijgen uitgestort. Regeltjes die de Kamer bedenkt. Kleine schoolbesturen kunnen dat minder goed aan, dat gaat ten koste van de kwaliteit van het onderwijs."

-Wat is je eigen doelstelling voor het komende schooljaar?
,,Ik wil meer contact zoeken met gemeenten. Vanwege de transitie van de jeugdzorg zijn we die stappen al aan het zetten. Dat is in het belang van de leerling. Maar gemeenten zijn ook in het kader van krimp, de decentralisatie van de onderwijshuisvesting en passend onderwijs keihard nodig. Daarnaast wordt het najaar spannend omdat we dan een nieuwe cao gaan afspreken. Ik droom van een cao die op twee pagina's past. Dat geeft onze schoolbesturen de ruimte om de goede dingen te doen. Daar zijn ze voor en dat kunnen ze goed.‘’

Laatst gewijzigd: 
woensdag 14 augustus 2013

Nieuwscategorieën