Kabinet pakt regie niet, aanpak lerarentekort blijft versnipperd

Het lerarentekort moet vooral regionaal worden aangepakt. Wie een verkorte deeltijdopleiding doet, mag mogelijk sneller voor de klas staan en jaarlijks kunnen vijftig onderwijsassistenten hun lerarenbevoegdheid halen. Dat zijn enkele aanvullende oplossingen die het kabinet ziet om het lerarentekort op te lossen.

In een brief aan de Tweede Kamer schrijven ministers Arie Slob en Ingrid van Engelshoven (Onderwijs) vandaag dat ze zich zorgen maken en daarom extra actie willen ondernemen. Ze reageren daarmee op het advies van de Onderwijsraad eerder dit jaar. Die stelde toen dat de genomen maatregelen om het lerarentekort aan te pakken, onvoldoende effect hebben. Ze zijn te versnipperd, een coherente aanpak ontbreekt, concludeerde hij.

De PO-Raad is blij dat het kabinet de urgentie van het probleem erkent. Meer maatregelen zíjn nodig om te voorkomen dat honderdduizenden leerlingen en de maatschappij hiervan de dupe worden.
Toch is de PO-Raad ook teleurgesteld over de lijn die het kabinet voorstelt. Ze vindt dat het kabinet zelf te weinig verantwoordelijkheid neemt en voor oplossingen te makkelijk wijst naar regio’s en schoolbesturen. Zo wordt de suggestie gewekt dat schoolbesturen het opleiden van zij-instromers in de weg staan, terwijl in werkelijkheid te weinig gesubsidieerde plekken zijn voor deze leraren-in-spé. Er is nu plek voor 160 zij-instromers terwijl het animo veel groter is.

Landelijke regie

De Onderwijsraad adviseerde een landelijke taskforce in te stellen om het lerarentekort ‘integraal’ en ‘coherent’ te kunnen aanpakken, maar het kabinet focust in de brief echter vooral op regionale oplossingen. Zonder landelijke regie zorgen die alleen maar voor een verdere versnippering van de aanpak, vreest de PO-Raad. Juist omdat de problemen zo groot zijn en scholen en regio’s concurreren om dezelfde leraren, is het belangrijk dat ook landelijk regie wordt gehouden, maatregelen worden genomen en knopen worden doorgehakt.

Cruciaal voor het oplossen van de tekorten is verder dat leraren een eerlijk salaris kunnen verdienen. Ondanks de in de CAO PO afgesproken loonsverhogingen, stijgen de salarissen nog altijd te weinig om te concurreren met andere beroepen. Het onderwijs loopt daardoor vele potentiele leraren mis. Om de salarissen te kunnen verhogen, zijn schoolbesturen afhankelijk van de overheid.

Andere maatregelen

In de brief gaan de ministers voorbij aan de maatregelen die schoolbesturen al nemen om de tekorten te kunnen opvangen. Het kabinet vindt bijvoorbeeld dat schoolbesturen leraren die in deeltijd werken moeten verleiden om meer te werken. Uit een peiling van de PO-Raad in juli bleek dat juist een van de belangrijkste maatregelen die besturen al nemen. Ook trekken zij bijvoorbeeld extra onderwijsassistenten aan. Schoolbesturen werken daarnaast aan strategisch personeelsbeleid, aan het terugdringen van ziekteverzuim en kijken welke rol ICT kan spelen bij het verlichten van de werkdruk van zittende leraren. Ook wordt in de sector besproken of en hoe het onderwijs in de toekomst anders georganiseerd kan worden zodat het onderwijs minder kwetsbaar is voor tekorten.  

Tot slot spelen ook de lerarenopleidingen een belangrijke rol bij het oplossen van het tekort. In de brief is hier weinig aandacht voor.

Het primair onderwijs komt bij de start van dit schooljaar zo’n 1300 leerkrachten tekort. Volgens voorspellingen van het Arbeidsmarktplatform PO loopt dat tekort op naar 4100 fulltime leraren in 2022 en 11.000 in 2027.

Diverse media besteedden aandacht aan de brief van de ministers en de reactie van de PO-Raad. De Volkskrant schrijft dat er 'weinig bijval' is voor de 'versnipperde maatregelen' tegen het lerarentekort. Ook actualiteitenprogramma Nieuwsuur staat erbij stil.

Laatst gewijzigd: 
vrijdag 31 augustus 2018

Trefwoorden

Nieuwscategorieën