Kamerbrief over noodopvang, afstandsonderwijs en kwetsbare leerlingen

Minister Arie Slob (Onderwijs) informeert de Tweede Kamer via een brief over het onderwijs op afstand tijdens de coronacrisis. In de brief gaat hij in op de noodopvang, onderwijskwaliteit, kwetsbare leerlingen en de noodopvang gedurende de meivakantie. De minister spreekt in zijn brief nogmaals waardering uit voor alle medewerkers in het onderwijs, andere professionals en ouders die zich inzetten voor goed onderwijs op afstand en de ontwikkeling van kinderen en jongeren in een veilige omgeving.

Noodopvang

Er is afgesproken dat gemeenten de regie voeren over de noodopvang in nauwe samenwerking met kinderopvangorganisaties en scholen. De organisatie van de noodopvang verloopt goed, blijkt uit peilingen van de PO-Raad en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). In het po wordt zo’n 3,8 procent van de leerlingen opgevangen, wel is de verwachting dat dit nog iets op zal lopen de komende periode doordat scholen hun deuren langer sluiten en de behoefte aan opvang toeneemt. Het grootste gedeelte van de kinderen die gebruik maken van de noodopvang zijn kinderen met ouders met vitale beroepen. De meeste scholen organiseren de opvang op de eigen scholen. 80 procent van de schoolbesturen die hebben meegedaan aan de peiling van de PO-Raad organiseert noodopvang voor kwetsbare leerlingen op school, 20 procent heeft externe opvang georganiseerd. Sommige scholen kiezen daarbij ook nog voor een-op-een thuisbegeleiding (19 procent) of begeleiding door middel van digitale middelen (75 procent).

Onderwijskwaliteit en afstandsonderwijs

‘Nu de sluiting van de scholen voortduurt, is het nodig om voor de langere termijn focus aan te brengen en kwaliteit te waarborgen’, schrijft minister Slob aan de Tweede Kamer. Minister Slob geeft aan dat er niet verwacht wordt van scholen de onderwijstijd te registreren. Scholen hoeven geen onderwijstijd te compenseren in vakanties of onderwijsvrije dagen, ook niet in latere jaren. Het toezicht van de Onderwijsinspectie wordt hierop aangepast. Wel is het belangrijk de kwaliteit van het onderwijs zo hoog mogelijk te houden.

De PO-Raad ondersteunt scholen hierin. Scholen kunnen tips, voorbeelden en meer informatie vinden over afstandsonderwijs op www.lesopafstand.nl. De PO-Raad werkt samen met Kennisnet aan een mooi ondersteuningsaanbod. Voor vragen over onderwijs op afstand kunnen zij terecht bij een nieuw loket via www.lesopafstand.nl/loket

Daarnaast is er door experts een kaart ontwikkeld die helpt bij de inrichting en focus van onderwijs op afstand. Hierbij hebben organisaties als de GEU, SLO en Inspectie van het Onderwijs meegekeken op de inhoud. Samen met het Lerarencollectief en ResearchED maakt de PO-Raad tutorials om leraren en schoolteams zo goed mogelijk te ondersteunen. De thema’s die zij beslaan komen voort uit vragen die leven bij leraren en scholen.

Om leerlingen zonder device te helpen bij het afstandsonderwijs heeft ICT-inkoopcoöperatie SIVON 6800 devices beschikbaar gesteld.  Omdat er nog meer vraag is naar laptops en ipads heeft is er een tweede aanvraagronde geopend waarbij SIVON samenwerkt met verschillende ministeries en partijen uit het bedrijfsleven. Om internetverbindingen voor alle leerlingen en leraren mogelijk te maken brengt SIVON momenteel de vraag uit het onderwijs in kaart en koppelt deze aan het aanbod van telecomaanbieders.

De minister heeft expertisecentrum SLO gevraagd om scholen te ondersteunen bij het prioriteren van de onderwijsinhoud. Zij ontwikkelen daartoe op dit moment handreikingen die op korte termijn beschikbaar worden gemaakt.

Kwetsbare leerlingen

Voor kwetsbare leerlingen wordt in overleg met gemeenten, kinderopvang, jeugdzorg en andere relevante partners gezocht naar passende mogelijkheden voor noodopvang. Niet alle kwetsbare kinderen zijn echter al in beeld. Dit gaat met name om kinderen die in armoede opgroeien en kinderen die nieuwkomersonderwijs volgen. Scholen en gemeenten moeten hierin samen optrekken om voor alle kwetsbare kinderen een passende oplossing te zoeken. Uit peilingen van de PO-Raad, VNG en LECSO blijkt dat in sommige gemeenten de begeleiding van leerlingen die extra aandacht nodig hebben heel goed loopt, in andere gemeenten staat dit nog in de kinderschoenen. Ook het merendeel van de scholen geeft aan werk te maken van het onderwijs aan deze kinderen, maar ook dat nog lang niet alle kinderen in beeld zijn. De peiling van de PO-Raad laat verder zien dat 20 procent van de kinderen in de noodopvang bestaat uit kwetsbare leerlingen. In het speciaal onderwijs zien we dat de zorg voor leerlingen zoveel als mogelijk doorgaat, maar dan op een digitale manier.

Voor de opvang van leerlingen in kwetsbare posities vanwege gedragsproblematiek, beperkingen of een complexe thuissituatie is maatwerk van groot belang. Gemeenten, scholen, kinderopvang, jeugdzorg en Veilig Thuis werken hierbij nauw samen. Het ministerie van OCW heeft vanwege de zorgen voor kwetsbare kinderen een aantal aanvullende afspraken gemaakt met de PO-Raad, VO-raad, VNG, LECSO, samenwerkingsverbanden en Ingrado. Leerplichtambtenaren, jeugd-en gezinscoaches, jeugdhulp en wijkteams worden bijvoorbeeld ingezet voor deurbezoeken bij leerlingen. Het contact zoeken met de leerling staat hierbij centraal.

Het (voortgezet) speciaal onderwijs  bij de open- en gesloten residentiële instellingen staan voor een grote uitdaging omdat de dagelijkse structuur waar deze leerlingen zo bij gebaat zijn onder druk staat. Bij de scholen die verbonden zijn aan de open residentiële instellingen zullen de gemeenten, onderwijs en samenwerkingsverbanden samen met zorgaanbieders moeten kijken hoe zij het onderwijs doorgang kunnen laten vinden. Residentiele instellingen blijven in principe open. In de brief vraagt de minister om op zoek te gaan naar alternatieven als door de uitval van docenten de continuïteit in het geding komt.

Ook het onderwijs aan nieuwkomers staat voor een grote uitdaging vanwege de taalbarrière. Omdat het risico op extra achterstanden groot is mogen deze groep leerlingen aanvullende begeleiding krijgen zolang de richtlijnen van het RIVM worden gevolgd. Maatwerkoplossingen zijn voor deze doelgroep van groot belang. Scholen, schoolbesturen en gemeenten trekken hierin samen op.

Meivakantie

Voorop staat dat de geplande meivakantie gewoon doorgang vindt. De minister geeft aan dat zowel leerkrachten als leerlingen recht hebben op vakantie. Onderwijstijd hoeft niet ingehaald te worden in de schoolvakanties. Afstandsonderwijs of extra begeleiding bieden op vrijwillige basis is mogelijk. De door het Kabinet aangekondigde corona-maatregelen duren tot en met 28 april. Duidelijk is dat tot deze datum de noodopvang beschikbaar blijft voor kinderen van ouders met cruciale beroepen. De gemeente voert hierover de regie en gaat hierover in gesprek met kinderopvangorganisaties en scholen. De PO-Raad krijgt veel vragen over noodopvang in de meivakantie van haar leden. Omdat op sommige scholen de meivakantie al op 18 april begint, is het belangrijk dat over de manieren waarop de noodopvang in de meivakantie vorm kan krijgen, snel meer duidelijkheid komt.

Achterstanden

Hoewel het nog onduidelijk is hoelang de scholen gesloten blijven is het belangrijk alvast na te denken over hoe we ontstane achterstanden weg kunnen werken. De Onderwijsraad brengt hier op korte termijn een advies over uit.

De minister gaat in zijn brief ook in op de bijzondere situatie voor leerlingen die nu in groep 8 zitten en volgend jaar naar de brugklas gaan. Door het vervallen van de eindtoets in het po hebben deze leerlingen geen kans gekregen op een mogelijke bijstelling van het schooladvies. De minister vraagt de po- en vo-scholen om gezamenlijk te zorgen voor een soepele overgang. De minister kondigt aan dat alle scholen in het po en vo binnenkort een brief ontvangen om hen hiervoor handvatten te bieden. 

Laatst gewijzigd: 
maandag 6 april 2020

Nieuwscategorieën