Lerarentekort groter dan verwacht: schoolbesturen Almere en Utrecht presenteren plannen aan minister Slob

Vandaag hebben de schoolbesturen uit Almere en Utrecht hun noodplannen voor de aanpak van het lerarentekort aan minister Slob gepresenteerd. Naast deze noodplannen is ook het plan voor de middellange en lange termijn aanpak van het lerarentekort digitaal aangeboden. Uit de plannen blijkt dat het lerarentekort in de grote steden groter is dan verwacht. Een recente inventarisatie toont aan dat de tekorten zijn opgelopen tot meer dan 1475 fte. 

De plannen in vogelvlucht

Noodplan Almere
In Almere is er een lerarentekort van 13 procent, met een piek van 20 procent in het speciaal basisonderwijs. Veel grootstedelijke problematiek komt in Almere tot uiting. Zo zijn er veel jongeren onder de 20, valt een groot aantal leerlingen in de gewichtenregeling en zijn er relatief weinig hoogopgeleiden. Het noodplan bevat tien maatregelen. Voorbeelden zijn een aanvullende subsidie om het salaris van de zij-instromers te bekostigen en een gezamenlijk begeleidingsprogramma voor nieuwe talenten. Ook willen zij leraren voorrang geven bij het toewijzen van huurwoningen, een kostendekkende reiskostenvergoeding instellen en meer salaris voor leraren op scholen met veel leerlingen in de gewichtenregeling. Bovendien kijken zij kritisch naar schoollocaties omdat leerlingenaantallen door groei en krimp sterk kunnen fluctueren. Tot slot wil Almere inzetten op scholing voor onderwijsassistenten en ander ondersteunend personeel. 

Noodplan Utrecht
In de stad Utrecht loopt het tekort op naar 4,1 procent. De provincie, de stad, schoolbesturen, scholen en lerarenopleidingen zien een gedeelde opgave en hebben elkaar gevonden in het partnerschap ‘Utrecht Leert’. In ‘Utrecht Leert’ werken ze samen, integraal en toekomstbestendig aan duurzame oplossingen voor het Utrechtse lerarentekort. Centraal staat de profilering van Utrecht als dé onderwijsstad en het opleidingshart van Nederland. Een plek waar ‘Samen Opleiden’ vorm krijgt in een professionele en innovatieve onderwijsinfrastructuur. Utrecht wil graag de status van ‘living lab’ krijgen. Een proeftuin om aan de slag te gaan met de antwoorden op de vraagstukken en de opgedane lessen vertalen naar praktische en toepasbare kennis. Zo kunnen ook andere scholen leren van de opbrengsten. Tot slot zet Utrecht zich in voor het aantrekken, binden en behouden van onderwijstalent. 

Middellange en lange termijn plan (MLT)
Parallel aan de ontwikkeling van de noodplannen is er ook gewerkt aan het MLT-plan. Dit plan is tot stand gekomen door een vertegenwoordiging van leraren, schoolleiders, ouders, schoolbestuurders en gemeenten uit de G5, in samenwerking met het Ministerie van OCW, de Inspectie van het Onderwijs en de PO-Raad. Het MLT-plan verbindt en versterkt de afzonderlijke noodplannen en richt zich op noodzakelijke structurele verbeteringen. Bijvoorbeeld het versterken van de begeleiding van het ‘Samen Opleiden’, het verbeteren van secundaire arbeidsvoorwaarden en het anders organiseren van onderwijs, vanuit een ander en ruimer perspectief op onderwijstijd. Deze oplossingen vragen naast voldoende financiële middelen, ook om tijd en zorgvuldigheid. Hierbij is het uitgangspunt dat de onderwijskwaliteit zoveel mogelijk gewaarborgd blijft. Het MLT-plan is weliswaar tot stand gekomen vanuit de G5, de oplossingsrichtingen zijn ook landelijk toepasbaar. 

De noodplannen: een terugblik

In november 2019 heeft minister Slob de schoolbesturen uit de G5 uitgenodigd om noodplannen voor het lerarentekort uit te werken. Vervolgens hebben de schoolbesturen en gemeenten uit Amsterdam, Rotterdam en Den Haag eind januari 2020 hun noodplannen gepresenteerd. Medio februari 2020 hebben zij een brief aan de minister gestuurd. Deze brief bevat de financiële doorberekening en een verzoek om de benodigde financiële middelen beschikbaar te stellen. Eind februari geeft minister Slob aan dat hij 100 miljoen wil investeren in de noodplannen. Dat geld was nog niet beschikbaar, maar de minister gaf aan zich hiervoor in te zetten. Medio maart werd Nederland getroffen door de coronacrisis. Op dat moment waren de noodplannen van Utrecht en Almere al vol in ontwikkeling. Deze plannen zijn vandaag, op 28 mei 2020, samen met het MLT-plan aan de minister overhandigd. De minister heeft in de voorjaarsnota 21 miljoen euro beschikbaar gesteld voor de aanpak lerarentekort in de G5. Per stad wordt er een convenant gesloten tussen de betreffende schoolbesturen en het ministerie van OCW. In dit convenant worden afspraken gemaakt over de uitvoering en monitoring. 

Rol PO-Raad 

De PO-Raad ondersteunt de schoolbesturen bij de ontwikkeling van de noodplannen. Het lerarentekort is een urgent probleem dat ook buiten de grote steden speelt. De PO-Raad vindt het belangrijk dat kennis uit de G5 breed in de sector gedeeld wordt. Zo hebben de schoolbesturen uit de G5 meer ruimte gekregen om het zij-instroomtraject te verbeteren. Ook zijn er mogelijkheden voor een andere dag- en week indeling en de inzet van onbevoegden. De PO-Raad zal de aanpak en effecten actief monitoren en, samen met de betrokken schoolbesturen, inzichtelijk maken welke interventies succesvol zijn. 

Ook werken we toe naar een uniforme manier om de tekorten in kaart te kunnen brengen en organiseren we op 2 juli een online bijeenkomst over de tekorten in het (voortgezet) speciaal onderwijs. Op lange termijn richt de PO-Raad zich op structurele oplossingen, aansluitend bij onze Strategische Agenda, onder andere: het dichten van de salariskloof met het voortgezet onderwijs, alle studenten volgens het principe van ‘Samen Opleiden’ en het onderwijs anders organiseren. 

Plannen downloaden?

De noodplannen van Almere, Utrecht, Rotterdam, Den Haag en Amsterdam en het MLT-plan zijn te downloaden op onze themapagina lerarentekort

 


 

Laatst gewijzigd: 
donderdag 28 mei 2020

Nieuwscategorieën