Lobby-update: het regeerakkoord en de lobby van de PO-Raad

30-10-2012

In het nieuwe regeerakkoord ziet de PO-Raad een aantal aspecten terug waarvoor we hebben gelobbyd tijdens de verkiezingscampagne. Zo gaat er fors geïnvesteerd worden in professionalisering van leerkrachten, schoolleiders en schoolbestuurders. Afspraken hierover zullen gemaakt worden met de sectororganisaties in een nationaal onderwijsakkoord. Daarnaast gaat de nieuwe regering de middelen voor onderwijshuisvesting uit het gemeentefonds (€ 256 miljoen), die daar nu niet aan onderwijshuisvesting worden besteed, overhevelen naar de lumpsum. In krimpgebieden moeten alle vormen van samenwerking mogelijk zijn. De PO-Raad zal het gesprek met de bewindspersonen aangaan over de uitwerking van een aantal zaken uit het regeerakkoord, zoals: plannen rond modernisering van het participatie- en vervangingsfonds, afbouwen ouderenregeling (BAPO) en modernisering arbeidsvoorwaarden.

Hieronder leest u de samenvatting van het regeerakkoord 'Bruggen slaan' met de belangrijkste punten voor het onderwijs. Liever downloaden en/of printen? Klik hier.

Samenvatting regeerakkoord 2012: belangrijkste punten voor primair onderwijs

Van goed naar excellent onderwijs

Onderwijs en wetenschap in Nederland zijn van hoog niveau, maar de ambitie reikt verder: wij willen tot de top vijf van de wereld gaan horen. De kwaliteit van de man of vrouw voor de klas of in de collegezaal is daarbij van doorslaggevende betekenis. En die kwaliteit staat of valt met opleiding en selectie van leraren en van directeuren en bestuurders die hun medewerkers stimuleren, belonen en zo nodig sanctioneren. Dit zijn de mannen en vrouwen van wie we het moeten hebben: in hen willen we investeren. Zo kan onderwijs het beste uit kinderen en studenten halen. Talent meer uitdagen en achterstanden verkleinen, ook als je geboren bent in een migrantenfamilie, een gezin met een laag inkomen of deelneemt aan het speciaal onderwijs.

Ontwikkeling personeel

Met het onderwijsveld wil de regering tot afspraken komen over verbetering van de kwaliteit van leraren en schoolleiders. Over betere begeleiding van startende docenten en bijscholing van bestaande docenten en schoolleiders. Over professionalisering van het personeelsbeleid met behulp van de Onderwijsinspectie. Over terugdringing van het aantal onbevoegde docenten. De eisen rond lerarenopleidingen worden aangescherpt en een groter deel van dit onderwijs moet in de praktijk plaatsvinden. Het oordeel van de Onderwijsinspectie over scholen zal zich ook gaan uitstrekken tot de categorieën “goed” en “excellent”. Onderdeel van het akkoord is dat scholen die hun kwaliteit op orde hebben, minder hoeven te verantwoorden dan scholen die slecht scoren. Scholen gaan publieke verantwoordingafleggen over behaalde resultaten en gebruikte middelen. De eisen rond lerarenopleidingen worden aangescherpt en een groter deel van dit onderwijs moet in de praktijk plaatsvinden. De eisen van bekwaamheid uit het Lerarenregister en de bijscholingsplicht van docenten worden met ingang van 2017 wettelijk verankerd.

Andere elementen die betrokken worden bij de te sluiten onderwijsakkoorden:

  • Het zo effectief mogelijk benutten van kostbare onderwijstijd.
  • Modernisering van de huidige wettelijke onderwijstijdnorm.
  • De ouderenregeling (BAPO) afbouwen om ruimte te creëren voor moderne arbeidsvoorwaarden.
  • Het versneld voldoen aan gewenste beloningscodes.
  • Vanaf 2017 is voor dit pakket ruim € 340 miljoen beschikbaar, op voorwaarde dat het lukt de arbeidsvoorwaarden te moderniseren.
  • In het onderwijs zal een stofkamoperatie plaatsvinden, zodat het aantal administratieveverplichtingen en voorschriften voor verantwoording kan verminderen.
  • Er komen normen die borg moeten staan voor de menselijke maat in het onderwijs en voor minder overhead. De bekostiging wordt daarop geënt en deze normen zijn ook leidend bij fusies.
  • Het leerwegondersteunend onderwijs (LWOO) en het praktijkonderwijs (PRO)worden doelmatiger en gaan vallen onder het gebudgetteerde stelsel vansamenwerkingsverbanden voor passend onderwijs.
  • Consultatiebureaus gaan doelgroepkinderen voor wat betreft risico op taalachterstandtoetsen en doorverwijzen. Het beschikbare extra geld voor Vroeg en voorschoolseeducatie zal in het licht van bovenstaande worden aangewend.

Krimp

De krimpproblematiek krijgt aandacht vanuit verschillende ministeries. In het onderwijs moeten alle vormen van samenwerking mogelijk zijn wanneer krimp daartoe noopt. Woningen zullen moeten worden aangepast met het oog op de bevolkingssamenstelling en soms is sloop aan de orde. Voorzieningen zullen waar mogelijk moeten worden gebundeld. Het voortouw ligt hiervoor bij de lokale overheid. Regio’s die hiermee te maken hebben, moeten ruimte krijgen door middel van maatwerk in regelgeving. In krimpgebieden moeten alle vormen van samenwerking mogelijk zijn. Denominatie noch fusietoets mag daarbij in de weg staan.

Werken in het onderwijs

Een sterke economie heeft baat bij een hoge kwaliteit van dienstverlening door de overheid. Dat kan alleen als we vakmanschap meer ruimte en waardering geven. Mensen in de voorste linie van het onderwijs, in de zorg en bij de politie moeten trots kunnen zijn op hun werk en zich gesteund weten door hun leidinggevenden. Vertrouwen, ruimte en voldoende tijd zijn daarbij belangrijke randvoorwaarden. Niet toegeven aan de reflex om op elk incident te reageren met nieuwe regelgeving. Bewezen vakmanschap belonen met minder verantwoording en controle. Het loongebouw moet zo in elkaar zitten dat echte vakmensen voor promotie niet hoeven te vluchten in managementfuncties. Het participatie- en vervangingsfonds wordt gemoderniseerd, zodat goed werkgeverschap beter kan worden beloond. De mogelijkheden om slecht functionerende docenten aan te pakken, nemen toe nu de rechtspositie van ambtenaren in overeenstemming zal worden gebracht met die van andere werknemers. De nullijn voor onderwijspersoneel blijft voorlopig gehandhaafd.

Bekostiging en regeldruk

De regering gaat ook de minder meetbare, maar zeer merkbare regeldruk verminderen door met belanghebbenden in tenminste vijftien regeldichte sectoren en domeinen de ervaren problemen te verkennen en concrete oplossingen te vinden. Sectoren als chemie, logistiek, agri& food, life sciences, de bouw, (jeugd)zorg, onderwijs en politie zullen hier deel van uitmaken. Het beleid gericht op bekostiging op basis van kwaliteit wordt voortgezet. Daarnaast wordt € 256 miljoen uit het gemeentefonds overgeheveld naar de scholen ten behoeve van hun huisvesting.

Brede kindcentra

Onderwijs, kinderopvang, peuterspeelzalen en voor- en vroegschoolse educatie moeten op elkaar afgestemd zijn. In de voorschoolse periode is dat van belang om ontwikkelingsachterstanden te voorkomen, te signaleren en tijdig aan te pakken. Het leren van de Nederlandse taal door jonge kinderen verdient daarbij bijzondere aandacht. Dit stelt ook eisen aan de vaardigheden van de beroepskrachten in de sector. Bij buitenschoolse opvang is afstemming noodzakelijk om waar mogelijk een sluitend dagarrangement te realiseren, bijvoorbeeld in het kader van de brede school of integrale kindcentra. Ouders kiezen de voorziening die het beste bij hun kind past. Klachten moeten makkelijk kunnen worden ingediend, verdienen serieuze en snelle behandeling en worden betrokken bij het toezicht. Het risicogestuurde toezicht verbetert verder: streng waar nodig, zelf verantwoordelijk waar dat kan. Om de onderlinge afstemming van onderwijs, peuterspeelzaalwerk en kinderopvang te optimaliseren wordt de financiering van het peuterspeelzaalwerk onder de Wet Kinderopvang gebracht. Daarbij zal bestaande gemeentelijke financiering worden betrokken. Belemmeringen voor samenwerking zullen op basis van de ervaringen in de nu lopende pilots worden weggenomen. De bestaande minimumeisen aan voor- en vroegschoolse educatie worden onderdeel van de afspraken. Financieringsstromen worden op elkaar afgestemd. Door extra investeringen in voor- en vroegschoolse educatie wordt de kwaliteit en de taalvaardigheid van het personeel verbeterd.

Sport

Sport brengt mensen bij elkaar en is van groot maatschappelijk belang. Kinderen verwerven belangrijke sociale vaardigheden. Voldoende en veilig sporten houdt jonge en oude mensen fitter en gezonder. De regering wil dat meer mensen kunnen sporten en bewegen in hun eigen omgeving. Er zijn nog veel mogelijkheden om de openbare ruimte beter te benutten.

  • De regering bevordert samenwerking van gemeenten, bedrijven, scholen en sportverenigingen.
  • Met gemeenten willen de regering bevorderen dat er bij de aanleg van nieuwe wijken voldoende ruimte voor sport en bewegen is.
  • Het kabinet streeft naar meer gymlesuren per week in het primair onderwijs.
Laatst gewijzigd: 
dinsdag 6 november 2012

Bestanden bij dit nieuwsitem: 

Nieuwscategorieën