Onderwijs niet gebaat bij deze vorm van prestatiebeloning voor excellente leraren

09-03-2011

De PO-Raad kijkt kritisch naar het advies ‘Excellente leraren als inspirerend voorbeeld’ van de Onderwijsraad. Wij kunnen ons wel vinden in de suggestie om excellentie te gebruiken voor kwaliteitsverbetering. Met de invulling gaat de Onderwijsraad echter voorbij aan huidige ontwikkelingen en aan de verantwoordelijkheid van het schoolbestuur in het personeelsbeleid.   

De Onderwijsraad noemt de gelijkheidscultuur als probleem bij de kwaliteitsverbetering binnen het primair onderwijs. Daarnaast kan differentiatie in functies bijdragen aan de aantrekkelijkheid van het lerarenvak. De PO-Raad kan zich daar in vinden, maar met de invoering van de functiemix wordt dit al aangepakt. Schoolbesturen en scholen zijn daar momenteel hard mee bezig als onderdeel van hun personeelsbeleid. De PO-Raad vindt het niet verstandig om met een nieuw systeem te komen voordat de functiemix helemaal is ingevoerd en voordat we hebben gekeken naar de ervaringen van de invoering van de functiemix.   
Leraar LB 
In het rapport van de Onderwijsraad worden rollen genoemd die bij een excellente leraar passen, zoals het inzetten van de leraar in moeilijke groepen, het begeleiden van nieuwe leraren en het werken aan nieuwe ontwikkelingen. Deze rollen zijn ook onderdeel van de voorbeeldfunctie Leraar LB, die is ontwikkeld voor de functiemix. Na de invoering van de functiemix zal ongeveer 40% van de leraren dit soort taken en rollen vervullen en niet slechts 1 op de 20.
De meeste problemen heeft de PO-Raad met de blauwdruk, die de Onderwijsraad lijkt op te leggen. Het rapport meldt bijvoorbeeld dat schoolleiders de leraren moeten beoordelen aan de hand van zeven competenties uit de wet Beroepen in het onderwijs. De werkgever krijgt op deze manier onvoldoende vrijheid om met de beoordeling aan te sluiten bij het eigen personeelsbeleid en onderwijskundig beleid. Daarnaast is de ‘beloning’ voor de excellente leraar tot op detailniveau vastgesteld en ingevuld. Elke excellente leraar wordt een dag vrij geroosterd van lestaken (12.000 euro), krijgt projectgeld (10.000 euro), een salaristoeslag (2.500 euro) en een assessment (500 euro). Bij elkaar 25.000 euro per jaar gedurende 4 jaar. Deze aanbeveling in het rapport gaat voorbij aan de wensen van de excellente leraar zelf en aan de benodigde inzet van middelen op de school.   
Indicatiesysteem
De PO-Raad is ook verbaasd over de opzet van het systeem voor de selectie van excellente leraren. Met een onafhankelijke commissie en uitgewerkte selectiecriteria komt het systeem dichtbij het huidige indicatiesysteem voor het verkrijgen van een rugzakje in het kader van leerling-gebonden financiering, of doorverwijzing naar het speciaal onderwijs. Met Passend onderwijs willen zowel het onderwijsveld als politici dit systeem juist afschaffen. Het is te bureaucratisch en leerlingen worden daardoor teveel in hokjes gezet. Nu zouden we dat wel weer met de leraren gaan doen: voordracht aan een indicatiecommissie, een 'indicatie' excellent en een rugzakje van 25.000 euro… dat lijkt ons geen goed idee.
Staatsecretaris Zijlstra heeft zich positief uitgelaten over het rapport van de Onderwijsraad. Hij gaat daarmee op de stoel van de werkgevers in het onderwijs zitten. De PO-Raad vindt dat alleen schoolbesturen kunnen vaststellen hoeveel en welke leraren een extra beloning verdienen en wat deze beloning inhoudt. De middelen voor prestatiebeloning kunnen veel effectiever ingezet worden. 
Naast alle praktische bezwaren en principiële overwegingen met betrekking tot werkgeverschap en de rol van de overheid, zijn er twee nog veel zwaarder wegende argumenten. Ten eerste het feit dat leerkrachten, inclusief hun belangenorganisaties, aangeven niets te zien in prestatiebeloning. Een van bovenaf doorgevoerde maatregel heeft nagenoeg geen kans van slagen. Ten tweede is het op dit moment zeer ongewenst werknemers in het onderwijs een salarisverhoging in het vooruitzicht te bieden, terwijl het bedrag dat hiervoor vrijgemaakt wordt ongeveer gelijk staat aan een bezuiniging binnen het onderwijs, die zeer schadelijk is voor de kwaliteit van het onderwijs én voor het werk zelf.  Hier zit niemand op te wachten: de leerlingen niet, de werkgevers niet, maar voor al ook de professionals zelf niet. Door het geld te besteden aan het behoud van expertise en ervaring voor de invoering van Passend onderwijs, draagt het beter bij aan de kwaliteitsverbetering van het primair onderwijs.
 
Laatst gewijzigd: 
dinsdag 13 december 2011

Trefwoorden

Nieuwscategorieën