Onderwijsraad: 'Onderwijsstelsel is toe aan vernieuwing'

Om onderwijs, jeugdhulp en arbeidsmarkt beter op elkaar te laten aansluiten en kinderen beter te kunnen ondersteunen, moeten Rijk, gemeenten en schoolbesturen nodig nieuwe taken en verantwoordelijkheden krijgen. Daarbij is het van belang duidelijk af te bakenen wie wat doet en waarvoor verantwoordelijk is. Dat stelt de Onderwijsraad in zijn advies Decentraal onderwijsbeleid bij de tijd die donderdag is gepubliceerd.

Mede door decentralisaties hebben gemeenten en onderwijsinstellingen de afgelopen jaren een belangrijkere verantwoordelijkheid gekregen bij de opvoeding en ontwikkeling van kinderen, schrijft de Raad. Zij zijn daarbij ook sterker van elkaar afhankelijk geworden. De traditionele bestuurlijke verhoudingen zijn echter gelijk gebleven. Daardoor is niet duidelijk wie welke rol precies heeft, overlappen taken en zijn er te veel geografische regio’s met ieder eigen regels en afspraken. Dat maakt dat afstemming en samenwerking tussen onderwijs en gemeenten erg complex en ingewikkeld is geworden waardoor kinderen niet altijd de best mogelijke zorg of begeleiding krijgen.

De Onderwijsraad vindt dat de rijksoverheid het initiatief moet nemen tot een dialoog waarin de bestuurlijke verhoudingen opnieuw tegen het licht worden gehouden. Daarmee onderschrijft ze het pleidooi van de PO-Raad voor een nieuw zogenoemd Schevenings Beraad. Voorzieningen, wetten en financiering rondom het jonge kind bijvoorbeeld zijn nu zo versnipperd dat ze samenwerking tussen opvang en onderwijs belemmeren. ‘We hebben een stelsel nodig waarin kinderen centraal staan, niet de instituties, niet de oude systemen van onderwijs, opvang en jeugdzorg’, aldus de PO-Raad in 2014.

Die overtuiging staat voor de sectororganisatie nog fier overeind. De PO-Raad is dan ook blij met het advies van de Onderwijsraad en gaat hierover graag het gesprek aan met een nieuw kabinet. ,,Hoe kunnen we het onderwijs zo organiseren dat kinderen er optimaal van profiteren? Dat moet steeds het vertrekpunt zijn. Bestuurlijke verhoudingen moeten daarmee meebewegen’’, aldus Rinda den Besten, voorzitter van de PO-Raad.

De Onderwijsraad agendeert alvast zeven agendapunten voor de dialoog. Naast de aansluiting van onderwijs, jeugdhulp en arbeidsmarkt zou ook gekeken moeten worden hoe schoolbesturen en gemeenten beter kunnen samenwerken bij hun zorg voor goede schoolgebouwen. Meer duidelijkheid is bovendien nodig over de rol van de gemeenten bij het beleid over onderwijskwaliteit. ‘Daarbij staat voor de raad voorop dat onderwijskwaliteit primair de verantwoordelijkheid is van het schoolbestuur en dat kwaliteitseisen uitsluitend door de landelijke overheid gesteld mogen worden. Maar dat sluit een rol voor de gemeente niet uit; bijvoorbeeld als kritische gesprekspartner die het onderwijs uitdaagt.’

De Onderwijsraad stelde verder tien uitgangspunten op die moeten helpen de keus te maken om onderwijsbeleid al dan niet te decentraliseren. ‘Bij decentralisatie laat de rijksoverheid ruimte voor lokale invulling en worden verschillen geaccepteerd’, zo luidt een van de principes.
Ze wijst er daarbij op dat het Rijk nooit alle verantwoordelijkheid voor onderwijs overdragen mag aan gemeenten en schoolbesturen. Zij moet altijd zelf verantwoordelijk blijven voor het waarborgen van de onderwijskwaliteit en de samenhang in het onderwijsstelsel.

 

Laatst gewijzigd: 
maandag 11 september 2017

Nieuwscategorieën