Organiseren van onderwijs aan kinderen in noodopvanglocaties: "Onze mensen staan in crisismodus, ze moeten opeens een school uit de grond stampen"

Het onderwijs regelen voor kinderen in noodopvangvoorzieningen is belangrijk, maar een enorme uitdaging. Niet alleen vanwege de snelheid die geboden is en de expertise die nodig is, maar ook vanwege het personeelstekort waar de sector mee kampt. “Betrek het onderwijs aan de voorkant”, zegt vicevoorzitter Anko van Hoepen in Trouw. De krant maakte een reportage over nieuwkomersonderwijs aan Afghaanse kinderen in noodopvanglocaties.

Betrek het onderwijs aan de voorkant

Als gemeenten en schoolbesturen in een vroeg stadium met elkaar in gesprek gaan, zien we dat het onderwijs voor nieuwkomers snel kan worden geregeld. Ook als wordt aangesloten bij bestaande scholen waarbij onderwijs aan nieuwkomers wordt verzorgd, zoals bijvoorbeeld speciale taalklassen of AZC-scholen, zien we dat deze kinderen op korte termijn naar school kunnen.

Het regelen van onderwijs voor leerlingen in noodopvanglocaties vraagt het enorm veel inspanning van gemeenten en schoolbesturen. Er moet een schoolgebouw zijn, meubilair, lesmateriaal én het belangrijkste: personeel met kennis van deze speciale doelgroep.  Vaak is nog niet duidelijk hoeveel kinderen precies naar school moeten en het aantal wordt regelmatig naar boven bijgesteld. Bovendien is noodopvang, en daarmee dus ook het nieuwkomersonderwijs bij de noodopvanglocaties, maar voor een paar maanden.

Al die scholen die dit voor elkaar hebben gekregen in korte tijd verdienen een dikke pluim.  Van Hoepen: ,,Onze mensen staan in crisismodus, ze moeten opeens een school uit de grond stampen.’’ Toch is de manier waarop we dit nu regelen volgens de PO-Raad niet duurzaam: we moeten toe naar een systeem waarin meer wordt aangesloten bij bestaande voorzieningen voor nieuwkomers en een stelsel waarin we bij de toename van onderwijs aan vluchtelingen snel op -en af kunnen schalen.

Standaardstructuur ontbreekt

Iedereen rent keihard, maar we merken dat een goede standaardstructuur ontbreekt” zegt Van Hoepen in de krant. Onderwijs volgen is voor deze kinderen enorm belangrijk. Ze hebben een onrustige periode achter de rug waarin ze vaak nare dingen hebben meegemaakt. Onderwijs biedt structuur, kinderen kunnen elkaar ontmoeten en iets leren.

Binnen de Europese wet is vastgelegd dat deze kinderen binnen drie maanden onderwijs moeten krijgen. In Nederland streven we ernaar dit te regelen binnen zes weken. Als schoolbesturen tijdig aangehaakt worden door de gemeente lukt dit soms nog eerder. Kinderen die in bestaande asielzoekerscentra worden geplaatst kunnen vaak in een week al naar school in een bestaande AZC-school. Beter beleid voor asielopvang en bijbehorend onderwijs is hard nodig.  “Onderwijs is een recht en op scholen kun je veel meer bieden. Het is voor geen enkel kind goed om zes weken fulltime in een opvanglocatie door te brengen, concludeert Van Hoepen.

Ondersteuning nodig bij nieuwkomersonderwijs?
De PO-Raad en LOWAN kunnen je daarbij helpen. Op de website van LOWAN vind je meer informatie. Ook is er een informatiedocument van het ministerie van OCW gepubliceerd met meer informatie over waar je als gemeente of schoolbestuur aan moet denken bij onderwijs aan asielzoekerskinderen. Extra ondersteuning nodig of heb je vragen? Mail dan naar Boudien Bakker (b.bakker@poraad.nl) of Marieke Postma (m.postma@poraad.nl)

Laatst gewijzigd: 
zondag 21 november 2021