Overheadbrief Dekker en Bussemaker schept verwarring

31-10-2014

In de brief van minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker van Onderwijs van woensdag 29 oktober jl. wordt een percentage genoemd voor de overhead in het primair onderwijs van 14 %. Dat percentage leidt naar het oordeel van de PO-Raad tot onjuiste beeldvorming. De bewindslieden geven in de brief de percentages die de verschillende onderwijssectoren besteden aan overhead. Het betreft echter onvergelijkbare gegevens.

Er worden verschillende bronnen gebruikt, die allemaal een andere definitie van overhead hanteren. De PO-Raad heeft het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) gevraagd de gebruikte gegevens en de getrokken conclusies, in ieder geval met betrekking tot het Primair Onderwijs, nader te duiden en terug te komen op de gewekte suggestie dat het Primair Onderwijs ‘een overhead’ van 14 procent kent.

OCW baseert het getal van 14 procent op een onderzoek van Berenschot uit 2011. Voormalig minister van onderwijs, Marja van Bijsterveldt, meldde in dat jaar aan de Kamer dat het primair onderwijs een overhead van slechts 2,7 procent kent.

Mogelijke redenen

Een mogelijke reden voor de verwarring is dat in de 14% de schoolleider is inbegrepen. In het primair onderwijs werken zo’n 8000 schoolleiders, waarvan velen ook nog voor de klas staan. Een andere mogelijke definitie van overhead is de uitgaven die bovenschools worden gedaan om scholen op bestuursniveau te ondersteunen. Bijvoorbeeld voor hun salaris- en financiële administratie.

De PO-Raad stelt dat de schoolbesturen in het PO juist alles in het werk stellen om het geld zoveel mogelijk in de school te laten landen en dat een percentage van 2,7 % voor ondersteunende taken in feite beperkt is.

In de brief van de huidige bewindslieden staat overigens het nut van een bovenschools bureau niet ter discussie: ‘…belangrijke taken worden vervuld om scholen te ontlasten en te ondersteunen en hen beter in staat te stellen zich bezig te houden met dat waarin ze goed zijn, namelijk onderwijs geven. Daarnaast zijn de bestuursbureaus redelijk zuinig. Er worden geen hoge salarissen uitbetaald en de kosten zijn gemiddeld genomen in lijn met wat nodig wordt geacht voor beleidsrijke bestuursondersteuning…’. Ook staat er in de brief dat ‘de overhead in het primair onderwijs laag is’.

De PO-Raad vraagt de bewindslieden de gewekte suggestie te nuanceren en een onderzoek op te starten naar de overhead in de hele onderwijssector: op basis van een eenduidige en vergelijkbare  definitie van overhead.

Laatst gewijzigd: 
woensdag 28 januari 2015

Trefwoorden

Nieuwscategorieën