Passend onderwijs wordt onmogelijke opdracht

30-09-2010

Nog voordat Passend onderwijs officieel wordt ingevoerd, wordt er al 300 miljoen op bezuinigd. Dit staat gelijk aan 15 procent van het toch al te lage bedrag (gefixeerd op het niveau van 2008) dat voor Passend Onderwijs beschikbaar was. Kete Kervezee, voorzitter PO-Raad: “Deze bezuiniging is zo groot, dat alle kinderen in het primair onderwijs hiervan de dupe zullen worden. En natuurlijk ook alle leerkrachten, die zonder de benodigde extra middelen wel het optimale onderwijs moeten –en willen- geven.”

In het concept regeerakkoord zoals dat op donderdag 30 september werd gepresenteerd, staat letterlijk: ‘Ieder talent telt, of het nu jongeren betreft met een beperking, …’maar in de financiële paragraaf wordt pijnlijk duidelijk dat hiermee niet bedoeld wordt de kinderen die een extra zorgbehoefte hebben en slechts met extra ondersteuning het voor hen benodigde onderwijs kunnen krijgen: het budget wordt vastgesteld op basis van het aantal leerlingen en het beschikbare budget in 2008, wat dus ook al een bezuiniging is, waar overheen nog een bezuiniging van 300 miljoen komt. Ofwel 15 procent van het totale budget.

De bezuiniging op Passend onderwijs betekent dat scholen de aan hen opgelegde verplichting niet kunnen nakomen. Op het moment namelijk dat Passend onderwijs wordt ingevoerd, hebben scholen een zorgplicht en de plicht kinderen hen het meest passende onderwijs aan te bieden. Deze opdracht is in theorie terecht, maar daarvoor zijn wel de middelen nodig om die extra begeleiding en zorg in te kopen. Omdat nu de kinderen die hiervoor in aanmerking (zouden moeten) komen geen extra ondersteuning kunnen krijgen, gaat de aandacht die zij opeisen ten koste van andere kinderen. Hiermee wordt de invoering van Passend onderwijs een onmogelijke opdracht. Natuurlijk worden door deze maatregel ook de leerkrachten getroffen. Hun werkdruk zal nog verder toenemen.

Bovenop deze bezuiniging wordt ook flink bezuinigd op de gewichtenregeling; de regeling waarmee kinderen met ouders met een laag opleidingsniveau extra bekostiging krijgen, om alle leerlingen in Nederland goed onderwijs te bieden en de kamerbrede ambitie om het onderwijs in de internationale Top 5 te krijgen, waar te maken.

Bovenop de te verwachten stijging van de werkdruk, wordt het onderwijspersoneel ook nog eens getroffen door ‘de nullijn’. Salarissen zullen het komend jaar dus niet stijgen. Dit zal het aantrekken van nieuw personeel geen goed doen, terwijl juist nieuwe leerkrachten nodig zijn vanwege de vergrijzing in de sector. De wens die in het regeerakkoord wordt uitgesproken dat er meer goede en professionele leerkrachten gaan komen, wordt hiermee direct tegengewerkt.

Laatst gewijzigd: 
dinsdag 10 januari 2012

Bestanden bij dit nieuwsitem: 

Trefwoorden

Nieuwscategorieën