PO-Raad kritisch over veranderingen toezicht Inspectie

28-03-2014

De Inspectie van het Onderwijs gaat in het primair onderwijs naar meer kijken dan alleen taal en rekenen. Dat schrijven minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer over veranderingen in het toezicht op het onderwijs. De PO-Raad vindt dat goed, maar tekent aan dat dit moet gebeuren vanuit stimulerend perspectief en niet moet leiden tot allerlei nieuwe beoordelingsnormen. Het grootste bezwaar van de PO-Raad tegen de plannen is dat de bewindslieden de normen voor basiskwaliteit willen verhogen nu het aantal zwakke en zeer zwakke scholen afneemt. Dit leidt niet tot beter onderwijs voor de leerlingen. Bovendien worden scholen die zich de afgelopen jaren hard hebben ingezet om hun onderwijs te verbeteren, zo niet gestimuleerd maar wellicht afgestraft.

Het toezicht in het funderend onderwijs (primair en voortgezet onderwijs) wordt volgens de brief van Bussemaker en Dekker de komende jaren zo ingericht dat het stimuleert tot verbeteren van het onderwijs. De inspectie gaat daarvoor het toezicht verbreden door in haar oordelen meer te differentiëren en de scholen daarover inhoudelijke feedback te geven.

De inspectie hanteert nu de oordelen ‘zeer zwak’, ‘zwak’ en ‘basiskwaliteit’. Volgens de plannen komt er onderscheid tussen scholen die nu het oordeel ‘basiskwaliteit’ krijgen. Scholen kunnen zich straks ook profileren als ‘voldoende’, ‘goed’ of ‘excellent’. De PO-Raad vindt het prima dat scholen zich kunnen onderscheiden. Natuurlijk moet dit op basis van duidelijke en eerlijke criteria gebeuren.

Zelfevaluatie en normen

Een belangrijke verandering in het toezicht is dat de inspectie steeds meer wil aansluiten bij de eigen kwaliteitsinformatie van de scholen en besturen. Bij besturen die effectief sturen op verbetering zal de zelfevaluatie van het bestuur leidend zijn in het gesprek tussen inspectie en bestuur. Naarmate besturen zelf over betere informatie beschikken en zich daarover verantwoorden zal de inspectie zelf steeds minder informatie verzamelen en minder eisen stellen aan de vorm en inhoud van de door besturen geleverde informatie. De PO-Raad vindt dit een prima ontwikkeling.

De sector primair onderwijs heeft de afgelopen jaren een belangrijke kwaliteitsslag gemaakt. Het aantal zwakke en zeer zwakke scholen is enorm gedaald. De PO-Raad vindt het daarom niet stimulerend dat de bewindslieden nu de normen willen verhogen. Dit kan er toe leiden dat er weer meer scholen zwak en zeer zwak worden, terwijl we hun kwaliteit nu voldoende vinden. De bewindslieden geven aan dat bij de herijking van de normen draagvlak in de sector en geleidelijkheid van groot belang zijn. De PO-Raad wil dat belang benadrukken en vindt het verstandiger om nu niet de normen aan te passen, maar de energie te richten op continue verbetering. Stimuleer de scholen om zich van voldoende naar goed te verbeteren, of van goed naar excellent.

'Bemoeizorg'

De PO-Raad ziet verder een tegenstrijdigheid in de brief. Enerzijds is er in de brief sprake van verdiend vertrouwen voor schoolbesturen. Anderzijds willen de bewindslieden nieuwe toezicht- en waarderingskaders optuigen door naast taal en rekenen bijvoorbeeld ook naar andere leergebieden en de sociale competenties van leerlingen te kijken. De PO-Raad vindt het prima dat de Inspectie vanuit stimulerend perspectief breder kijkt naar het onderwijs, maar in de plannen maakt dit onderdeel uit van een kwaliteitsprofiel dat openbaar wordt gemaakt. Daarmee lijkt er juist in oordelende zin meer ‘bemoeizorg’ van de inspectie te komen. Het is goed dat de inspectie naar meer kijkt dan alleen de opbrengsten van taal en rekenen, maar dan moet dat in stimulerende zin en niet als extra onderdeel van de beoordeling. Dat versterkt een afrekencultuur.

Tot slot ziet de PO-Raad in de brief nog veel open einden. Hoe gaat de inspectie bijvoorbeeld de resultaten van andere leergebieden zichtbaar maken? Is het genoemde kwaliteitsprofiel op bestuursniveau of op schoolniveau? Blijft er wel jaarlijks een gesprek tussen het schoolbestuur en de inspectie? Komt er een duidelijk onderscheid tussen de beoordelende taak van de inspectie en de stimulerende taak? De PO-Raad zal deze en andere punten de komende tijd bespreken met de Tweede Kamer, het ministerie en de inspectie.

Laatst gewijzigd: 
maandag 31 maart 2014

Nieuwscategorieën