PO-Raad met Kamer in gesprek over versterken bestuurskracht

18-04-2014

De besturen in het primair onderwijs (PO) hebben het versterken van de bestuurskracht hoog op de agenda. Daarbij is het belangrijk dat de politiek de sector PO als eigen, unieke sector beschouwt, gezien haar diversiteit in bestuurlijke omvang en bestuursmodellen en haar relatief korte geschiedenis met professioneel bestuur. Het nemen van generieke maatregelen voor alle onderwijssectoren, doet geen recht aan het primair onderwijs. Sterker nog, dergelijke maatregelen kunnen de sector op kosten jagen en de professionele ontwikkeling eerder belemmeren dan bevorderen.

Dat was de boodschap van de PO-Raad donderdag aan de vaste Kamercommissie Onderwijs. Ze voerde die dag een gesprek met de commissie over goed bestuur in het PO.

Simone Walvisch, vicevoorzitter van de PO-Raad, benadrukte dat de schoolbesturen aan de kwaliteit van het eigen bestuur willen werken en ook als collectief de verantwoordelijkheid willen nemen. De leden van de PO-Raad willen geen vrijblijvendheid als het gaat om goed bestuur, tekende Walvisch daarbij aan. Besturen willen van elkaar leren en zo de sector versterken. Een mogelijkheid is een monitor in het leven te roepen waarmee wordt gecontroleerd of besturen zich ook aan de Code Goed Bestuur houden, de code die zij zelf in 2010 opstelden en die een goed bestuur zou moeten naleven. Denkbaar is ook een beroepsstandaard voor individuele bestuurders.

Weinig overhead

Maar geef de sector de ruimte om zich verder te ontwikkelen en stel niet te rigide eisen, is de oproep van de PO-Raad. Bij de kleinere besturen in het PO is er te weinig ‘overhead’ om te voldoen aan allerlei eisen. Denk bijvoorbeeld aan alle eisen die aan het Jaarverslag worden gesteld. Ter vergelijking: In het MKB hebben de kleinere bedrijven (tot 5 miljoen omzet) een eigen positie.  

Walvisch gaf aan dat er in het PO nog geen volledige lumpsum is. Zo is er nog een declaratiesysteem in de vorm van een Vervangings- en Participatiefonds (VF). Dat geeft de verkeerde prikkels: Het maakt een goed ziekteverzuimbeleid minder noodzakelijk. Ze pleitte voor het afschaffen van de verplichting voor schoolbesturen om zich  bij het Vervangingsfonds aan te sluiten. Een vorwaarde is wel dat er dan een goede voorziening is voor kleinere besturen om grote risico’s af te dekken.  

De Kamer vroeg hoe de PO-Raad kan borgen dat zieke leraren worden vervangen wanneer de verplichting van het VF wordt losgelaten. Het zal niet gauw gebeuren dat een zieke leraar niet vervangen wordt, zei Walvisch, omdat scholen verplicht zijn jaarlijks een vast aantal uren les te geven. Worden leerkrachten niet vervangen, dan voldoen scholen niet meer aan die regels. Daarnaast staan ouders dichtbij de basisschool: Zij zien er ook op toe dat vervanging wordt geregeld. 

 

Laatst gewijzigd: 
vrijdag 18 april 2014

Nieuwscategorieën