PO-Raad positief over experiment met flexibele onderwijstijd

Scholen die deel hebben genomen aan het experiment met flexibele onderwijstijden, ervaren dit als zeer waardevol en zijn tevreden over het experiment. Wel zijn er nog tekortkomingen in de kwaliteit te zien. Dit blijkt uit de Kamerbrief die staatssecretaris Dekker (Onderwijs) in aanloop naar het debat over flexibilsering van de onderwijstijd naar de Kamer stuurde. De PO-Raad is enthousiast over het voorstel van Dekker om het experiment voort te zetten.

Experiment

De elf scholen die in 2011 begonnen aan het experiment kregen de mogelijkheid om onderwijs dat tijdens de reguliere zomervakantie wordt aangeboden mee te tellen als onderwijstijd. Daarnaast mochten zij afwijken van het wettelijk voorschrift om niet meer dan zeven vierdaagse schoolweken te bieden. Dit laatste was ook mogelijk als gevolg van een flexibel aantal uren onderwijs per dag door flexibele begin- en eindtijden te hanteren.

Standpunt PO-Raad

De PO-Raad is positief over de experimenten met flexibele onderwijstijden. Zij gelooft dat deze ontwikkelingen aansluiten bij de wens van scholen om samen met andere partners sluitende ‘dagarrangementen’ voor leerlingen en ouders aan te bieden. Wel ziet de PO-Raad in dat het experiment op alle fronten een grote investering vergt van scholen. De kwaliteit van onderwijs moet daarbij voorop blijven staan. De sectororganisatie voor het primair onderwijs is dan ook enthousiast over het voorstel van de staatssecretaris om het experiment voort te zetten tot de zomer van 2018, maar vraagt wel om een uitgewerkte visie op flexibele onderwijstijden op basis van de resultaten van de experimenten.

Kamerdebat

Op 19 april debatteert de Kamer over de flexibilisering van de onderwijstijd en het experiment.

Laatst gewijzigd: 
donderdag 7 juli 2016