PO-Raad positief over plan betere kwaliteit pabo en strengere eisen aan toekomstige leraren

05-07-2012

De PO-Raad is positief over de reactie van de staatssecretaris op het rapport van de commissie Kennisbasis Pabo. Het stellen van hogere eisen aan de instroom van de pabo helpt bij de professionalisering van het primair onderwijs. De voorgestelde maatregelen zijn wel heel erg gericht op de cognitieve kant van het leraarschap, terwijl een leraar natuurlijk ook pedagogisch bekwaam moet zijn en de motivatie moet hebben om de talenten van alle leerlingen te ontwikkelen.

Bij het stellen van hogere eisen aan de instroom van de pabo valt een deel van de potentieel toekomstige leraren weg. We moeten daarvoor in de plaats wel een ander deel van de jongeren krijgen, die aan de opleiding willen beginnen. Anders hebben we over een paar jaar structureel te weinig leraren in het primair onderwijs. De overheid moet daarom maatregelen nemen om het beroep van leraar aantrekkelijker te maken en ervoor te zorgen dat leraren een aantrekkelijk loopbaanperspectief hebben. Op dit moment is het zo dat teveel jongere leraren al weer vrij snel na hun start het primair onderwijs verlaten. Soms vanwege onzekerheid, soms vanwege het loopbaanperspectief. Voor een deel kan dat door genoemde maatregelen als specialisatie, maar de PO-Raad denkt dat er op dit gebied meer nodig is. De huidige nullijn voor de lerarensalarissen, die al sinds 2009 een feit is in het primair onderwijs, helpt daar niet aan mee. Daarnaast is het primair onderwijs de enige onderwijssector waar de arbeidsvoorwaarden nog niet volledig gedecentraliseerd zijn. Dit is een noodzakelijke voorwaarde om te zorgen dat de werkgevers volledige verantwoordelijkheid kunnen nemen voor de loopbanen in het onderwijs.

De PO-Raad is van mening dat het stellen van hogere eisen aan de instroom van de pabo gepaard moet gaan met een kwalitatieve verhoging van de opleiding tot leraar. Daarnaast heeft het primair onderwijs een grote uitdaging aan de professionalisering van het zittende personeel. De maatregelen die op dat gebied zijn genomen, lopen op dit moment en moeten de komende jaren resultaat opleveren. De combinatie van de verschillende maatregelen moeten zichtbaar worden in de resultaten van de leerlingen.

Rapport 'Een goede basis' van de commissie Kennisbasis Pabo

De PO-Raad heeft eerder al positief gereageerd op de inhoud van het advies 'Een goede basis'. Er worden duidelijke keuzes gemaakt en eisen gesteld aan de pabo's (landelijke toetsing op bepaalde kernvakken) en aan de studenten die instromen (instroomeisen). Dat komt de kennis van beginnende leerkrachten ten goede. We hebben ook een aantal kanttekeningen geplaatst:

1. Zoals wij destijds ook al in onze reactie op de kennisbases taal en rekenen hebben gezegd. Het beheersen van deze kennis maakt een leraar nog geen goede leraar. Uiteraard gaat dit over kennis, maar het zou goed zijn als ook benoemd zou worden dat je er hiermee nog niet bent. Een leraar moet ook vaardigheden bezitten zoals klassenmanagement en het omgaan met verschillen. Deze elementen mogen in de opleiding niet ondergesneeuwd raken. Ook het omgaan met data mag niet ondergesneeuwd raken.

2. De verdieping en verdere professionalisering is iets wat past bij onze visie over een leven lang leren. Echter, leerkrachten die in hete eerste jaar van hun carrière voor het eerst verantwoordelijk zijn voor een klas hebben hier hun handen vol aan. Zij krijgen in zo'n jaar te maken met tal van nieuwe uitdagingen. Kunnen we van een startende leerkracht verwachten dat hij zich in deze eerste jaren ook nog inhoudelijk verdiept?

3. Voor het PO is het van belang dat leraren die van de Pabo komen breed bevoegde en inzetbare leraren zijn. De PO-Raad is het dan ook van harte met de commissie eens dat de kennisbases zich richten op de integrale ontwikkeling van kinderen tussen 4 en 12 jaar. Het kernprogramma bevat de meest elementaire noties over die ontwikkeling, in het profieldeel wordt aandacht besteed aan de doorlopende leerlijnen in het curriculum. Het lijkt de commissie ongewenst dat de deur opengezet zou worden naar leraren die niets meer weten van hoe een vak zich verhoudt tot de vragen en interesses van een specifieke leeftijdsgroep.
De PO-Raad vindt het vanzelfsprekend dat een beginnende leraar nog tijd, (na)scholing en begeleiding nodig heeft om het beroep echt in de vingers te krijgen. Daar spelen schoolbesturen een belangrijke rol in. De PO-Raad pleit dan ook voor een goede regionale samenwerking tussen pabo's en schoolbesturen waarin afspraken worden gemaakt over de nascholing voor en begeleiding van beginnende leraren.

Vervolg

De PO-Raad heeft richting de HBO-raad en de staatssecretaris aangegeven het van groot belang te vinden dat regionale afspraken tussen pabo's en schoolbesturen worden gemaakt over de implementatie van deze plannen. De PO-Raad heeft daarbij ook aangegeven dat de agenda van pabo's en regionale schoolbesturen uiteraard breder is dan dit onderwerp. Van belang is dat schoolbesturen in het primair onderwijs goed in positie zijn om met de pabo's afspraken te maken over de inhoud van het curriculum van de pabo, de wijze waarop invulling gegeven wordt aan opbrengstgericht werken, de afstemming van vraag en aanbod van nascholing, de kwaliteit van opleidingsplaatsen en financiële afspraken (wie betaalt wat).

Laatst gewijzigd: 
donderdag 5 juli 2012

Trefwoorden

Nieuwscategorieën