Politiek stelt primair onderwijs teleur: nu geen maatregelen

De Tweede Kamer voelt er vooralsnog niets voor om een parlementair onderzoek te doen naar de bekostiging van het primair onderwijs, zoals de PO-Raad voorstelt. Voor de discussie over investeringen in de sector en over lerarensalarissen verwijst de Kamer naar de formatietafel, zo bleek woensdag in een debat.

De PO-Raad pleitte gisteren voor een parlementair onderzoek, zodat duidelijk wordt of de bekostiging van het primair onderwijs toereikend is en waaraan het geld wordt uitgegeven. De feiten en cijfers die dit oplevert, kunnen een einde maken aan de spookverhalen hierover en aanleiding zijn voor investeringen waarmee de lage lerarensalarissen en hoge werkdruk in de sector eindelijk kunnen worden aangepakt.

Onder toeziend oog van honderden leraren debatteerde de Kamer gisteren over deze salarissen, werkdruk en de bekostiging. Al snel bleek dat het voorstel van de PO-Raad op weinig steun van de politiek kan rekenen. Zowel staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) als de formatiepartijen gaven aan een dergelijk onderzoek niet nodig te vinden. Bovendien verwezen zij steevast naar de formatietafel als plek waar de discussie over investeringen in het onderwijs zou moeten plaatsvinden. Alleen SP en Denk toonden zich voorstander. Dekker ontkende bovendien dat het primair onderwijs jaarlijks honderden miljoenen euro’s tekort komt voor onder meer onderhoud aan schoolgebouwen en lesmateriaal, zoals onafhankelijk onderzoek onlangs nog uitwees.

Betere beloning en werkdrukvermindering

Een van de thema's waarvoor extra investeringen hard nodig zijn, is een betere salariëring van leraren in het primair onderwijs. SP-Kamerlid Peter Kwint stelde in het debat voor om de laagste functieschaal (LA) voor basisschoolleraren af te schaffen. Het pleidooi voor een betere beloning van leraren kon weliswaar op steun van veel Kamerleden rekenen, maar het geld dat hiervoor nodig is, ligt volgens hen echter op de formatietafel. Dekker voegde hieraan toe dat hij vindt dat het loon van leraren in het primair onderwijs niet gelijkgetrokken hoeft te worden met dat van hun collega's uit het voortgezet onderwijs. Werken in die laatste sector zou namelijk zwaarder zijn dan werken in het po, aldus de staatssecretaris.

Hoewel de meeste Kamerleden erkennen dat de werkdruk van leerkrachten hoog is, legden ze de bal ook hiervoor bij de potentiële coalitiepartijen. Dekker adviseerde leraren daarbij om onmiddellijk te stoppen met allerlei regels, zoals overdrachtsdossiers en groepsplannen. Leraren moeten volgens de staatssecretaris geen boekwerken schrijven. ,,Eén A-viertje kost maar twee minuten tijd’’, zei hij, wederom tot grote irritatie van de leraren op de publieke tribune.

Laatst gewijzigd: 
donderdag 11 mei 2017

Nieuwscategorieën