Tweede Kamer: ontschot het geld voor zorg in onderwijs

Het kabinet moet de middelen voor onderwijs en voor ondersteuning en zorg in onderwijs ‘ontschotten’, vindt de Tweede Kamer. Daarnaast moeten pilots die deze gezamenlijke financiering in de praktijk willen brengen hier de mogelijkheid voor krijgen. De Tweede Kamer stemde dinsdag ook voor een aantal andere veranderingen voor het primair onderwijs. In dit bericht lees je de belangrijkste besluiten.  

De Tweede Kamer stelt dat de scheiding tussen de middelen voor ondersteuning en zorg en die voor onderwijs ‘kansen van kinderen actief in de weg staat en zorgt voor een zware bureaucratische last voor ouders, leraren, schoolleiders en andere betrokkenen’. Daarnaast vroeg D66 om een brief van de ministers Arie Slob (onderwijs) en Hugo De Jonge (Volksgezondheid) met uitleg over hoe zij de ontschotting gaan aanpakken. De PO-Raad en VO-raad pleitten al eerder voor het combineren en vereenvoudigen van budgetten voor jeugdzorg en onderwijs.  

De besluiten van de Tweede Kamer in het kort:
- Breng het aantal thuiszitters regionaal in kaart en ga aan de slag met het terugbrengen van het aantal thuiszitters.
- Geef kinderen met een belemmering die naar het reguliere onderwijs gaan een beschikking voor langer dan een half jaar.
- Kom met een wetsvoorstel rondom de verplichting van samenwerkingsverbanden om een doorzettingsmacht te regelen.
- Ga in gesprek met de PO-Raad om te zorgen dat het onderscheid tussen 'lio als werknemer' en 'lio als stagiair' opgeheven wordt en dat alle lio's een passende beloning ontvangen.
- Maak een plan van aanpak om een gespecialiseerde pabo gericht op het jongere en oudere kind te creëren.

Terugbrengen aantal thuiszitters

De Tweede Kamer nam daarnaast een aantal maatregelen om het aantal thuiszitters terug te brengen. Zo stemde de gehele Kamer voor een motie van SP, GroenLinks, PvdA en D66, die minister Slob vraagt om de ‘thuiszittersproblematiek regionaal in kaart te brengen en te categoriseren naar redenen van thuiszitten en ondersteuningsvraag’. Daarnaast willen zij dat ‘in samenspraak met betrokken partijen alle dossiers van thuiszitters opnieuw bekeken worden’. Zo moet voor al deze kinderen een passende plek in het onderwijs gevonden worden.

Ook vindt de Kamer dat alle betrokken partijen bindende afspraken moeten maken om het aantal thuiszitters terug te dringen. Een aantal fracties vindt dat de afspraken binnen het Thuiszitterspact te vrijblijvend zijn en tot onvoldoende resultaat leiden. Daarom wil de Kamer dat er voor de zomer van 2020 een concreet wetsvoorstel moet zijn over de ‘verplichting van samenwerkingsverbanden om een doorzettingsmacht te regelen’. Ook moet minister Slob voor het zomerreces een overzicht geven van concrete resultaten van de aangekondigde versnellingsaanpakken om het aantal thuiszitters te verminderen.

De PO-Raad vindt het erg belangrijk dat het aantal thuiszitters goed in kaart wordt gebracht. Wij werken hier dan ook aan met het ministerie van OCW en andere partners. Zo krijgen we een goed beeld van de problematiek en kan de sector met alle partners aan de slag om het probleem terug te dringen. Elke thuiszitter is er immers een te veel.

De sectororganisatie waarschuwt echter voor de smalle blik die de Tweede Kamer heeft met betrekking tot het wettelijk vastleggen van de doorzettingsmacht. Kinderen die thuiszitten hebben vaak complexe onderwijs én jeugdhulpvragen. Het is daarom belangrijk dat samenwerkingsverbanden doorzettingsmacht samen met jeugdzorg, jeugdhulp en gemeenten vormgeven. Regionaal zijn hierin de afgelopen tijd al belangrijke stappen gezet.

Leraren in opleiding en stagiairs

De Tweede Kamer wil dat het onderscheid tussen ‘lio als werknemer’ en ‘lio als stagiair’ opgeheven wordt. Ook wil zij dat alle stagiairs een ‘passende beloning’ ontvangen. De PO-Raad roept schoolbesturen op om alle stagiairs en leraren in opleiding een overeenkomst aan te bieden die past bij de taken en verantwoordelijkheden van de stagiairs. De sectororganisatie gaat hier de komende tijd met haar leden over in gesprek.

De Tweede Kamer wil bovendien dat minister Slob een plan maakt voor het realiseren van een gespecialiseerde pabo op het jongere en oudere kind. Ook is de kamer voor een experiment waarbij pabo-instellingen vanaf de zomer 2020 kunnen deelnemen aan een pilot voor deze specialisaties. De minister liet eerder weten deze splitsing binnen de pabo niet te zien zitten.  

Middelen voor passend en particulier onderwijs

Minister Slob wordt daarnaast gevraagd een conceptwetsvoorstel door te zetten dat regelt dat ‘bekostiging voor leerlingen met complexere psychische of lichamelijke problematiek wordt uitbesteed aan particulier onderwijs’. Lukt dat niet? Dan moet de minister komen met een wet die expliciet regelt dat bepaalde hoogbegaafde kinderen in aanmerking komt voor een bekostiging in het particulier onderwijs. Nu zitten zij volgens de Kamer soms thuis omdat het reguliere onderwijs te weinig aansluit.

De Onderwijsraad meldde in 2019 dat het onwenselijk is om wettelijk mogelijk te maken dat particulier onderwijs de zorg voor kinderen met een zware ondersteuningsvraag overneemt. De PO-Raad steunt het advies van de Onderwijsraad. Het reguliere, publieke, onderwijs moet goed zijn voor alle kinderen en ieder kind de juiste ondersteuning kunnen bieden. Samenwerkingsverbanden en hun ondersteuningsplanraden kunnen zichzelf hierin nog verbeteren. Tegelijkertijd vindt de PO-Raad het goed als er bij de evaluatie van passend onderwijs ook wordt bekeken wat scholen en samenwerkingsverbanden nog nodig hebben om invulling te geven aan hun zorgplicht.

Tot slot stemde de Kamer voor een motie om ervoor te zorgen dat een beschikking om een kind met een belemmering naar het regulier onderwijs te laten gaan voor een langere tijd afgegeven kan worden dan voor een half jaar. De PO-Raad is erg blij dat de Kamer een langere afgifte van de beschikking wil realiseren voor kinderen met een beperking in het reguliere onderwijs. Voor een aantal kinderen geldt namelijk dat zij een blijvende ondersteuningsvraag hebben. Daarom vindt de sectororganisatie het onnodig dat ouders elk half jaar moeten aantonen dat hun kind extra ondersteuning nodig heeft. Zo is er minder bureaucreatie en onzekerheid voor ouders, en blijft het kind op de best passende school.

Laatst gewijzigd: 
dinsdag 10 maart 2020

Nieuwscategorieën