Verslag en presentaties van conferentie 'Verbanden verbinden'

,,Als samenwerkingsverband draag je de verantwoordelijkheid voor belangrijke beslissingen in een cruciale levensfase van jonge mensen. Je hebt dan ook alle reden te klagen als je vindt dat je daar niet goed toe in staat wordt gesteld.’’ Zo bijt corporate comedian Joep Stassen het spits af van de conferentie ‘Verbanden verbinden’ op dinsdag 22 maart, waarvoor zo’n 130 samenwerkingsverbanden passend onderwijs naar De Werelt in Lunteren zijn gekomen. Tegelijkertijd moeten we ook geen energie verspillen aan muggenziften, zegt dagvoorzitter Amma Asante. Dat is een luxe die mensen zich in haar geboorteland Ghana niet kunnen permitteren. Conclusie: Het gaat vandaag om het stellen van prioriteiten. De juiste ambities.

Bolletjes-wol-gevecht

Het is voor het eerst in de geschiedenis van passend onderwijs dat de samenwerkingsverbanden po en vo een gezamenlijke conferentie organiseren. Afstemmen begint met verbinden, contact maken. Daarom krijgen alle aanwezigen van Stassen de opdracht hun buurman of buurvrouw (die zij niet kennen) tien volle seconden zwijgend in de ogen te kijken. ,,Gefeliciteerd! U hebt zojuist meer contact gemaakt dan een getrouwd stel gemiddeld in een hele dag doet’’, juicht Stassen. Maar hij heeft nog meer verbinding voor zijn publiek in petto. Zo ontaardt er even later een heus bolletjes-wol-gevecht in het keurige gezelschap. ,,Zo, nu zijn jullie allemaal verbonden in één groot netwerk.’’

Het is ook dankzij de tafelschikking waarin po-ers en vo-ers om en om zitten, dat de verbinding moeiteloos tot stand komt. De deelnemers kunnen elkaar goed vinden in hun ambities en prioriteiten. Zo blijft een belangrijke gedeelde ambitie van beide sectoren het verbeteren van de relatie met de gemeente. ,,Je moet zorgen dat je spionnen hebt’’, raadt een vo-deelneemster haar tafelgenoten aan. Dat bedoelt ze niet zo negatief, maar haar ervaring is dat gemeenten met goede bedoelingen slechte beslissingen kunnen nemen, zonder het onderwijs te raadplegen. ,,Gemeenten zijn momenteel aan het overleven. Dat kun je ze niet kwalijk nemen, het is een gegeven. Wat helpt is als het onderwijs een duidelijke en vooral gezamenlijke taal spreekt. Dan sta je sterk in je onderhandeling.’’

Trajectbegeleiding

Een ander speerpunt is het werken aan preventie. ,,Doorzettingsmacht is een panacee’’, zegt een deelnemer. ,,Het is een theoretische oplossing voor een ethisch dilemma. Er zit voor samenwerkingsverbanden veel meer potentie in mediation en trajectbegeleiding. Maar dan moet je wel op de hoogte worden gesteld door school of de leerplichtambtenaar.’’

Wat betreft de bureaucratie weigeren samenwerkingsverbanden de hand volledig in eigen boezem te steken. Zij vinden dat scholen ook zelf de oorzaak zijn. ,,Kort en bondig kunnen opschrijven wat er aan de hand is, wat een kind nodig heeft, is geen vanzelfsprekende kwaliteit op veel scholen’’, merkt een po-deelnemer op. ,,Wanneer leerkrachten of ib-ers hier moeite mee hebben, wordt het al gauw veel werk.’’

Een thema dat meerdere malen ter sprake komt op deze dag, is de overgang van het po naar het vo. Dat is het moment waarop het erop aan komt in de samenwerking. Loopt een leerling een groot risico op een moeilijke start in het vo, dan kan een warme overdracht precies de juiste voorwaarden scheppen die ervoor zorgen dat een leerling niet uitvalt. Wat daarbij kan helpen is continuïteit in zorg, een constante, vertrouwde factor in de voor kwetsbare leerlingen extra spannende brugklas.


'Geen zorgplicht maar opnamequotum'

Plaatsing op een passend niveau lijkt soms op gespannen voet te staan met de zorgplicht van scholen. Vo-scholen krijgen niet de juiste prikkel, zij worden niet beloond voor ambitie wat betreft het bieden van extra zorg, maar afgerekend op resultaten, het rendement. ,,Zorgplicht op papier is mooi, maar ik denk dat alleen een opnamequotum alle scholen in gelijke mate ertoe zal aanzetten kinderen met een vlekje op te nemen,’’ zegt een po-deelneemster somber.

Daar komt bij dat we het in het onderwijs moeilijk vinden om slecht nieuws te brengen aan ouders, vindt een deelneemster. Maar hoe langer je wacht met communiceren, des te meer de problemen zich opstapelen. Als het gaat om preventie ziet zij dan ook een speciale taak voor het onderwijs om beter met ouders te communiceren. Voor samenwerkingsverbanden is dit lastig. Zij zijn van scholen afhankelijk. ,,Als scholen onze nieuwsbrief niet doorsturen aan ouders, dan komen wij pas in beeld wanneer het fout gaat.’’

Moreel kompas

’s Middags gaan de deelnemers uiteen voor workshops over het voorkomen van onnodige bureaucratie, ondersteuningstoewijzing in de praktijk, een doorgaande lijn po-vo, risicomanagement en governance. Aansluitend vinden er opnieuw tafelgesprekken plaats. Daarin zijn de deelnemers ook kritisch naar zichzelf. ,,Of je nu een schoolmodel of expertisemodel hanteert, je bent als samenwerkingsverband op aarde om te zorgen dat kinderen de juiste ondersteuning krijgen. Zorg dat dit nooit de inzet wordt van een concurrentiestrijd tussen scholen.’’ Amma Asante voelt de deelnemers nog even stevig aan de tand over hun moreel kompas. Opnieuw klinken mooie woorden. We moeten investeren in de relatie met ouders, vertrouwen op de professionaliteit van de leerkracht, en het normaal vinden dat kinderen op school zorg nodig hebben. Is dit de werkelijkheid of zijn het goede voornemens? Een beetje van beide waarschijnlijk, transities gaan nu eenmaal geleidelijk.
 
Laatst gewijzigd: 
woensdag 20 april 2016