Wetenschappelijke raad pleit voor meer grip op geld, werk en leven voor medewerkers

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) pleit er in het rapport ‘Het betere werk’ voor om het bevorderen van goed werk als een belangrijke maatschappelijke opdracht te zien, zowel voor de overheid als voor de sociale partners. De kwaliteit van werken staat volgens onderzoekers de komende tijd verder onder druk, ook in het onderwijs. De PO-Raad herkent de conclusies van de WRR en kan zich goed vinden in zijn aanbevelingen.

Nieuwe technologie, flexibilisering en intensivering van werk hebben aanzienlijke gevolgen voor de kwaliteit van het werk, constateert de WRR. De onderzoekers noemen bij de intensivering van het werk de leraar in het primair onderwijs als voorbeeld. Leraren staan volgens hen al lange tijd hetzelfde aantal uren voor de klas. Maar zij hebben er ondertussen wel veel taken bij gekregen, ‘zoals administratie, het omgaan met heel veel verschillende kinderen en de steeds mondigere wordende ouders’. De onderzoekers zien zowel een kwantitatieve als een kwalitatieve intensivering van het werk. Door kwalitatieve intensivering wordt het werk vaker als emotioneel zwaar ervaren. In Nederland vindt op dit moment een op de tien werkenden het werk emotioneel zwaar.

Ook ervaart een op de tien werkenden een disbalans tussen privé en het werk. Dat leidt ertoe dat veel werkenden kiezen voor een deeltijdbaan, vooral vrouwen kiezen daarvoor. De WRR concludeert: ‘Ons land heeft vergeleken met andere landen beperkte betaalde verlofregelingen voor de zorg van kinderen en ouderen en excelleert niet in kwalitatief hoogstaande kinderopvang.’ De WRR adviseert dan ook om meer mogelijkheden te scheppen om mensen de keuze te laten hoeveel uren ze willen werken, onder andere door goede kinderopvang te bieden. De PO-Raad benadrukt het belang van deze aanbeveling, niet alleen met het oog op het lerarentekort in onze sector, maar ook vanwege het belang van goede kinderopvang voor de ontwikkeling van kinderen.

Goed werk geeft grip

Goed werk is essentieel voor de brede welvaart: voor de kwaliteit van leven van individuen, voor de economie en voor de samenleving als geheel, schrijft de WRR verder. Uit wetenschappelijke literatuur blijkt volgens de onderzoekers drie condities voor goed werk. Goed werk levert voldoende (financiële) zekerheid, geeft een zekere vrijheid, waarbij een beroep wordt gedaan op capaciteiten, en geeft voldoende tijd en ruimte om het werk te combineren met zorgtaken en een privéleven (grip op geld, werk en leven).

Nederland staat volgens recent onderzoek in Europa in de middenmoot als het gaat om de condities voor goed werk. Voor medewerkers in het primair onderwijs is verbetering mogelijk op alle drie de condities: het salaris van leraren in het primair onderwijs loopt nog steeds achter ten opzichte van anderen met gelijkwaardig werk, werken in het primair onderwijs is emotioneel zwaar en de werkdruk is hoog.

De WRR constateert daarnaast dat door de complexiteit van het werk, lesgeven steeds meer teamwerk wordt. Individuele vrijheid van leraren neemt daardoor af. Bovendien zorgt de intensivering van het werk ook voor meer druk op de balans tussen werk en privé. Werknemers met een hoge werkdruk hebben vaker burn-outklachten. De PO-Raad ziet ook in het primair onderwijs een nog altijd relatief hoog ziekteverzuim en burn-outklachten als gevolg van hoge werkdruk. Het rapport noemt een aantal hulpbronnen en regelmogelijkheden voor werknemers die van belang zijn om met de (oorzaken van) hoge werkdruk om te gaan:

  • Steun van leidinggevenden en collega’s;
  • Praten over de problemen (‘gedeelde smart is halve smart’);
  • Taken overnemen door collega’s;
  • Autonomie: controle over wat je wanneer moet doen en op welke manier.

De werkdrukmiddelen waarover de teams in de scholen in het primair onderwijs kunnen beslissen, sluiten hier goed op aan. We zien dan ook dat deze middelen een positief effect hebben op de ervaren werkdruk in de scholen.

Strategisch HR-beleid

De onderzoekers constateren dat werkgevers niet altijd in staat zijn om te zorgen voor goed werk. De PO-Raad faciliteert schoolbesturen bij het realiseren van goed werkgeverschap. Dat gaat bijvoorbeeld over strategisch HR-beleid of het realiseren van banen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (project Baanbrekers). Met goed strategisch HR-beleid kunnen individuele werkgevers in belangrijke mate bijdrage aan goed werk in onze sector. En het is de moeite waard om te investeren. De WRR concludeert dat goed werk ook bijdraagt aan innovatie: ‘een hoge kwaliteit van werk draagt bij aan het ontwikkelen van organisatiebetrokkenheid en motivatie van werkenden, en een klimaat dat creativiteit en innovatie ondersteunt’.

De WRR constateert tot slot dat de overheid een verdere stimulerende en aanjagende rol moet spelen. ‘Het is cruciaal dat de overheid het belang van goed werk voor iedereen steeds opnieuw agendeert en uitdraagt, en hiermee normen stelt in de samenleving.’ De overheid is daarbij ook een voorbeeld voor werkgevers, belangenbehartigers, sectororganisaties, werknemersorganisaties, et cetera in hun rol in het realiseren van ‘het betere werk’, aldus de onderzoekers.

Laatst gewijzigd: 
maandag 20 januari 2020

Nieuwscategorieën