Wetsvoorstel Fusietoets contraproductief

Vanavond behandelt de Tweede Kamer het wetsvoorstel fusietoets in het onderwijs. Al eerder hebben wij aangegeven dat dit wetsvoorstel niet bijdraagt aan een oplossing voor de problematiek waar het primair onderwijs voor staat, en hebben de commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap hier nogmaals op gewezen.

De komende jaren maakt het primair onderwijs een enorme kwaliteitsslag tegen een achtergrond van krimpende leerlingenaantallen en krappe financiën. Het wetsvoorstel Fusietoets vinden we daarbij contraproductief.

De sector primair onderwijs kenmerkt zich bij uitstek door een kleinschalig aanbod van scholen. Dat willen we allemaal graag zo houden. Aan de achterkant heb je echter wel voldoende massa nodig om het besturen van die scholen mogelijk te maken met een doelmatige inzet van de beschikbare middelen.

Daarnaast is de zeggenschap van ouders en leraren voldoende gewaarborgd door de Wet Medezeggenschap Scholen (WMS). De (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden, waarin ouders en leraren zijn vertegenwoordigd, hebben immers instemmingsrecht bij fusie (WMS art.10,h).

Wij stellen voor om de medezeggenschap in de WMS te versterken door een fusie-effectrapportage daarin op te nemen, op basis waarvan de (G)MR’en hun instemming kunnen verlenen, zodat zij op basis van feiten en cijfers de motieven voor de fusie en de zorgvuldigheid van het fusieproces kunnen beoordelen.

Het wetsvoorstel heeft voor de fusietoets in het primair onderwijs een drempel ingebouwd van tien basisscholen. Dat getal is arbitrair. Een schoolbestuur met tien basisscholen lijkt groot, maar heeft in werkelijkheid gemiddeld 2.500 leerlingen, verdeeld over minimaal 10 locaties.

Het is een misverstand te veronderstellen dat de diversiteit en de keuzevrijheid van ouders in het primair onderwijs verminderd zouden worden door fusies. Ouders en leerlingen kiezen in de praktijk voor een school en niet voor een bestuur. En besturen met meerdere scholen sturen over het algemeen juist op een divers aanbod voor verschillende groepen leerlingen. Zij kunnen zich bij uitstek inzetten om segregatie te voorkomen. Het is eerder een kans dan een bedreiging, zoals het wetsvoorstel veronderstelt.

De PO-Raad dringt er op aan dat het primair onderwijs een eigen benadering krijgt om de bestuurlijke kracht in onze sector te vergroten.

Laatst gewijzigd: 
donderdag 20 oktober 2011

Nieuwscategorieën