Samenwerken en fuseren

Kwaliteit van onderwijs in krimpende regio's is een belangrijk thema. Een krimpende school is een complexe omgeving. Leerkrachten geven les aan combinatieklassen met leerlingen van verschillende niveaus. De werkdruk wordt hierdoor hoger en de kwaliteit van het onderwijs komt zo onder druk te staan. Om deze ontwikkeling het hoofd te kunnen bieden, moet het mogelijk zijn voor scholen om samen te werken.

Wat doet de PO-Raad?

De PO-Raad vindt dat de kwaliteit van het onderwijs op de school bij de aanpak van krimp het uitgangspunt moet zijn en niet welk leerlingenaantal het juiste is. Belangrijkste vraag daarbij is of de school in staat is om kwalitatief onderwijs te realiseren binnen de beschikbare middelen en formatie.

Om de problemen rond krimp het hoofd te bieden, kunnen schoolbesturen in de regio met elkaar samenwerken. Zij lopen daarbij echter tegen allerlei regels op, zoals de fusietoets. Deze wet die toetst of scholen mogen fuseren, brengt veel onzekerheid, aanzienlijke vertraging, kosten en administratieve lasten met zich mee. Dit blijkt niet alleen uit de negatieve uitspraak van de Raad van State, maar ook uit het zeer kritische rapport dat de evaluatiecommissie fusietoets uitbracht. 

De PO-Raad vindt het van groot belang dat op korte termijn ruimte wordt geboden aan scholen om in hun situatie adequaat te antiperen op krimp. De PO-Raad dringt er in Den Haag en in de media daarom op alle mogelijke manier op aan om de belemmerende wet- en regelgeving rondom fusies en de oprichting van samenwerkingsscholen weg te nemen.

Meer weten?

Voor meer informatie over dit thema kunt u terecht bij de Helpdesk of bij onze beleidsadviseur Gertjan van Midden.

Laatste nieuws

  • Vanaf 1 augustus aanstaande doorlopen alleen grote fusies van scholen en besturen nog een inhoudelijke fusietoets met advies van een onafhankelijke commissie. Voor kleinere fusies gaat een snellere en lichte toets gelden; voor scholenfusies met minder dan 500 leerlingen en bestuurlijke fusies met minder dan tien scholen helemaal geen toets. De PO-Raad hoopt dat hiermee op korte termijn meer ruimte ontstaat voor noodzakelijke fusies, maar is nog steeds van mening dat de toets afgeschaft moet worden voor het primair onderwijs.

  • Het vormen van een samenwerkingsschool, met daarin zowel openbaar als bijzonder onderwijs, wordt eenvoudiger. Het wetsvoorstel van staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) dat dit regelt, werd op dinsdag 11 juli aangenomen door de Eerste Kamer. ,,Eindelijk’’, reageert Anko van Hoepen, vicevoorzitter van de PO-Raad, ,,Hier hebben we ons lang hard voor gemaakt.''

Veelgestelde vragen

  • Wij willen per 1-8-2018 fuseren met een andere school. Heb ik dan nog te maken met de fusietoets?

    Het kabinet streeft naar volledige afschaffing van de fusietoets in 2020.  Met ingang van 1 augustus 2018 wijzigt de Regeling fusietoets in het onderwijs. Alle fusies in het funderend onderwijs vallen dan onder de lichte toets. Dit betekent dat voorgenomen fusies geen advies meer nodig hebben van de onafhankelijke adviescommissie, de CFTO. De wettelijk taak van de CFTO om de minister te adviseren over voorgenomen fusies vervalt daarom met ingang van 1 augustus 2018.

    De fusie-effectrapportage en de instemmingsrechten van de medezeggenschap blijven behouden. Daarmee blijft een zorgvuldig afgewogen fusieproces gewaarborgd.

    De (G)MR heeft bij een voorgenomen fusie de volgende bevoegdheden:

    • instemmingsrecht ten aanzien van een besluit over de overdracht en fusie van de school (artikel 10 lid 1 onder H in de Wms);
    • instemmingsrecht ten aanzien van de fusie-effectrapportage (fer) (artikel 10 lid 1 onder H in de Wms).

    Daarnaast moeten sinds 1 januari 2018 de ouders worden geraadpleegd voordat het schoolbestuur een besluit neemt over de fusie van de school of wijziging van het beleid ten aanzien daarvan (artikel 15 lid 3 Wms). 

    Zie ook het bericht van april 2018 hierover: Afschaffen fusietoets: alleen lichte procedurele toets blijft over

  • Hoe kunnen we een informele samenwerkingsschool omvormen naar een formele samenwerkingsschool?

    Er moet sprake zijn van een informele school die is gevormd tussen 1 juni 2006 en de inwerkingtreding van de wet, door samenvoeging van een bijzondere school met een openbare school. De informele samenwerkingsschool kan tot 1 augustus 2020 worden omgevormd door een formele samenwerkingsschool. Het bestuur van een informele samenwerkingsschool moet een verzoek tot bekostiging bij de minister van Onderwijs indienen. Een dergelijk verzoek wordt ingewilligd indien ten tijde van de samenvoeging ,de vorming van de informele school, werd voldaan aan de eisen in de eerste drie leden van het artikel 17d WPO.

    Deze eisen houden onder meer in:

    • Er sprake moet zijn geweest van een samenvoeging van een openbare en een bijzondere school;
    • Dat met de totstandkoming van de school de desbetreffende berekening de continuïteit van het openbaar en bijzonder onderwijs gehandhaafd kon blijven;
    • De betrokken scholen minstens zes schooljaren zijn bekostigd

    Het schoolbestuur dat de informele samenwerkingsschool wil omvormen tot een formele samenwerkingsschool zal ook aan de overige voorwaarden voor bekostiging van de samenwerkingsschool moeten voldoen, zoals het wijzigen van de statuten (aanpassen van het doel: in stand houden van de samenwerkingsschool en het opnemen van de commissie identiteit samenwerkingsschool), het inrichten van de commissie identiteit samenwerkingsschool en het aanpassen van het schoolplan en de schoolgids.

    De PO-Raad maakt – samen met de VO-raad en de profielorganisaties- een handreiking over de vorming van samenwerkingsscholen. De handreiking wordt uiterlijk in maart gepubliceerd.

  • Mag een school die op de laatste teldatum onder de bekostigingsnorm van 23 leerlingen is gezakt nog fuseren en gebruik maken van de fusiefaciliteitenregeling?

    Van een school met minder dan 23 leerlingen die op de teldatum - die vanaf dat moment 3 jaar (of langer door bijv. instandhouding d.m.v. gem. schoolgrootte) onder de opheffingsnorm zit - wordt de bekostiging aan het eind van dat schooljaar beëindigd. In dit geval eindigt de bekostiging dus m.i.v. 1 augustus 2017. Dit betekent echter niet dat de desbetreffende school niet mag fuseren. Er kan dus, als aan de voorwaarden uit de regeling wordt voldaan, gebruik worden gemaakt van de fusiefaciliteitenregeling.