Onderwijsinhoud

Jongetje dat over zijn rekenboek doordringend naar je kijkt

Een mens leert het meest in de eerste jaren van zijn leven; het primair onderwijs is daarmee een belangrijke schakel in de keten in die totale ontwikkelingen van jonge kinderen. Het geeft ieder kind de basis mee die het nodig heeft om later goed te kunnen functioneren in de maatschappij. Dat betekent dat leerlingen meer moeten leren dan alleen taal en rekenen en scholen. Ook sociale vaardigheden, emotionele ontwikkeling en burgerschap zijn belangrijk. Cultuur, techniek, muziek zijn evengoed niet meer weg te denken. Onderwijs creëert sociaal kapitaal.

Omdat de maatschappij almaar verandert, is het zaak dat het onderwijs op maatschappelijke ontwikkelingen anticipeert, zodat alle kinderen zo goed mogelijk worden voorbereid op hun toekomst in de 21e eeuw. Wat leerlingen van de basisschool moet worden aangeboden, is vastgelegd in kerndoelen. Het is belangrijk dat deze op gezette tijden tegen het licht worden gehouden, zoals nu gebeurt met curriculum.nu. Voor taal en rekenen zijn referentieniveaus vastgelegd: wat moeten kinderen ten minste beheersen?

De overheid stelt deze kerndoelen en referentieniveaus vast. Naast scholen en hun besturen zelf, ziet de Inspectie van het Onderwijs erop toe dat leerlingen deze doelen bereiken en dat zij goed les krijgen. Scholen zelf toetsen leerlingen regelmatig om inzicht te krijgen in hun vorderingen en in hoe de school het zelf doet. Alle leerlingen van groep 8 maken sowieso een eindtoets.

Kansengelijkheid

De PO-Raad wil dat ieder kind maximaal wordt uitgedaagd zodat alle talenten zich kunnen ontplooien. Daarvoor is meer nodig dan alleen een goed onderwijsprogramma. Om ieder kind gelijke kansen te kunnen bieden, is ook toegankelijke voor- en vroegschoolse educatie van belang en een soepele overgang naar de middelbare school.

Wat doet de PO-Raad?

De PO-Raad stuurt aan op moderne, samenhangende en haalbare kerndoelen. Daarnaast stimuleert De PO-Raad scholen en hun besturen leerlingen een brede basis mee te geven door hen op sectorniveau te informeren over maatschappelijke ontwikkelingen. Tegelijkertijd denkt de PO-Raad actief mee over landelijke vraagstukken zoals het toekomstbestendig maken van het onderwijs en kansengelijkheid.

Zie ook de lijn ‘Onderwijskwaliteit is verantwoordelijkheid nemen’ van onze Strategische agenda 2018-2021.

Meer weten?

Voor meer informatie over het thema Onderwijsinhoud kunt u terecht bij de Helpdesk (juridische vragen voor leden) of bij één van onze beleidsadviseurs:

Kijk voor meer informatie over innovatief onderwijs ook eens bij het thema ICT in het Onderwijs.

Laatste nieuws

  • Leerlingen in het voortgezet speciaal onderwijs kunnen komend schooljaar weer gebruikmaken van de Cultuurkaart. Met deze pas kunnen zij gratis of goedkoper deelnemen aan diverse culturele activiteiten. De PO-Raad heeft hier met diverse andere partijen steeds voor gepleit en is blij dat minister Ingrid van Engelshoven aan die oproep gehoor heeft gegeven.

  • Bijna met vakantie? Vergeet niet te reageren op de conceptvoorstellen voor de curriculumherziening. Dat kan nog tot en met zondag 11 augustus. Jouw feedback is heel belangrijk en dus van harte welkom!

  • Het schooladvies blijft leidend en de eindtoets blijft tellen als een soort second opinion. Maar beide volgen korter op elkaar en alle leerlingen van groep 8 moeten zich tegelijkertijd, rond 1 mei, inschrijven op een middelbare school. In een debat dinsdagavond in de Tweede Kamer schaarden de coalitiepartijen zich achter deze plannen van minister Arie Slob (Onderwijs).

Standpunten

  • Voorschools programma voor ieder kind

    De PO-Raad vindt het belangrijk dat elk kind zich zo optimaal mogelijk kan ontwikkelen. Daarom is het onze ambitie dat uiteindelijk alle peuters minstens vier dagdelen per week kunnen deelnemen aan een voorschools programma dat hen stimuleert om te leren en ontwikkelen.

  • Investeer in het jonge kind

    Het bevorderen van gelijke kansen begint bij investeren in het jonge kind.

  • Vaardigheden integreren in vakken

    Omdat de maatschappij almaar verandert, is het zaak dat het onderwijs op maatschappelijke ontwikkelingen anticipeert. De PO-Raad vindt dat niet voor alles een nieuw vak moet worden opgezet. Vaardigheden kunnen ook worden geïntegreerd in andere vakken.

Agenda

Komende evenementen

Meer agenda-items

Vensters

Vensters helpt scholen! 
Vertel uw verhaal bij de cijfers en presenteer uw school op Scholen op de kaart.

Netwerk Onderwijsinhoud en - opbrengsten

Publicaties over onderwijsinhoud en -opbrengsten

Hier vindt u handreikingen en brochures over het thema Onderwijsinhoud en -opbrengsten.

Kennisgroep Kwaliteitszorg

Netwerk Inspectietoezicht

Veelgestelde vragen

  • Vanaf welk IQ tellen de resultaten van een leerling niet mee in de eindbeoordeling van de inspectie?

    Kinderen met een IQ lager dan 75 hoeven geen eindtoets te maken. Zij worden dus ook niet meegenomen in de leerresultaten. Als ze wel een eindtoets maken, worden ze uit de leerresultaten gefilterd. Er zijn echter ook leerlingen met een IQ tussen de 75 en 80. Zij maken wel een eindtoets. Deze leerlingen worden echter door de Inspectie van het Onderwijs eruit gefilterd bij de beoordeling van de leerresultaten van de school. 

    Kortom: Er bestaat een verschil tussen niet meetellen (IQ lager dan 80) en niet hoeven maken (IQ lager dan 75). Zie voor meer informatie ook onze website Van PO naar VO. 

  • Wat zegt wet- en regelgeving over vrijstelling van onderwijsactiviteiten vanwege geloofsovertuiging?

    Een ouder heeft vrijstelling gevraagd van onderwijsactiviteiten. Deze ouder wil de kinderen niet laten deelnemen aan het schoolkamp vanwege hun geloofsovertuiging. Wat zegt de wet- en regelgeving hierover?

    Artikel 41 van de Wet op het primair onderwijs zegt het volgende:

    1.De leerlingen nemen deel aan alle voor hen bestemde onderwijsactiviteiten, met dien verstande dat die onderwijsactiviteiten voor de leerlingen onderling kunnen verschillen.

    2.Het bevoegd gezag kan op verzoek van de ouders een leerling vrijstellen van het deelnemen aan bepaalde onderwijsactiviteiten met uitzondering van de centrale eindtoets of de andere eindtoetsen, bedoeld in artikel 9b. Een vrijstelling kan slechts worden verleend op door het bevoegd gezag vastgestelde gronden. Het bevoegd gezag bepaalt bij de vrijstelling welke onderwijsactiviteiten voor de leerling in de plaats komen van die waarvan vrijstelling is verleend.

    Dit betekent dat een ouder een verzoek kan indienen voor een vrijstelling van een onderwijsactiviteit. Het bevoegd gezag bepaalt welke vervangende onderwijsactiviteit hiervoor in de plaats komt.

  • In onze stad mag een school gesticht worden onder de noemer van algemeen bijzonder onderwijs, omdat dit type onderwijs niet meer in onze stad aanwezig is. Wanneer is een school ‘algemeen bijzonder’? (Jenaplan, Montessori, Dalton, Freinet, etc.)

    Op de website van Rijksoverheid wordt verduidelijkt wat bijzonder onderwijs (waaronder ‘algemeen bijzonder’) en wat openbaar onderwijs e.d. betekent. 

    Het is mogelijk dat ook openbare scholen hun onderwijs inrichten volgens een bepaald pedagogisch concept. De onderwijssoorten die u noemt (Jenaplan, Montessori, Dalton, Freinet, etc.) kunnen dus zowel in een “bijzondere” als in een “openbare” school worden vormgegeven.

    Het is van belang wie of wat het bevoegd gezag (de statuten zijn van belang) heeft. Voor openbaar is dat óf (een commissie uit) de gemeenteraad (komt niet veel meer voor) óf een stichting voor openbaar onderwijs (in de statuten zal nog wel een relatie met de gemeente worden vermeld). De medewerkers in het openbaar onderwijs werken op basis van een ambtelijke aanstelling (i.p.v. een arbeidsovereenkomst). Dit wijzigt als de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) van kracht wordt.

    Algemeen bijzonder valt gewoon onder bijzonder (alleen niet op godsdienstige of levensbeschouwelijke basis). Of en welk pedagogisch concept wordt gekozen is daarvoor niet van belang.