Inspectietoezicht

De Inspectie van het Onderwijs ziet erop toe dat leerlingen onderwijs krijgen dat van goede kwaliteit is. Ze heeft als taak die kwaliteit te bewaken en scholen te stimuleren die kwaliteit te verbeteren. De Inspectie werkt in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en is daarmee de externe toezichthouder van het onderwijs. Naast scholen en hun besturen, collega scholen en medezeggenschapsraden die intern toezicht houden in hun eigen organisaties.

De Inspectie van het Onderwijs ziet erop toe dat leerlingen onderwijs krijgen dat van goede kwaliteit is. Ze heeft als taak die kwaliteit te bewaken en scholen te stimuleren die kwaliteit te verbeteren. De Inspectie werkt in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en is daarmee de externe toezichthouder van het onderwijs. Naast scholen en hun besturen, collega scholen en medezeggenschapsraden die intern toezicht houden in hun eigen organisaties.

Veranderend toezicht

Het is belangrijk dat het onderwijs meegaat met zijn tijd en leerlingen leert wat zij nodig hebben voor hun toekomst in de 21e eeuw. Wat kwaliteit is en waarop moet worden toegezien verandert daarmee ook. Dat betekent dat ook het toezicht van de Inspectie met die ontwikkelingen moet meebewegen. Sinds 1 augustus 2017 geldt het ‘nieuwe inspectietoezicht’. Dat houdt kortgezegd in dat de inspectie niet langer alleen alle scholen bezoekt maar met haar toezicht begint bij schoolbesturen. Het bestuur moet daarbij laten zien hoe het de kwaliteitszorg voor zijn scholen heeft geregeld. Het schoolplan vormt daarbij het uitgangspunt. Heeft het bestuur dit niet op orde of loopt een school bijvoorbeeld het risico onvoldoende of zeer zwak te worden, zal de inspectie vervolgens ook de betreffende scho(o)l(en) bezoeken. De inspectie heeft daarmee een waarborgfunctie. De norm voor basiskwaliteit is dat een bestuur en zijn scholen voldoen aan de deugdelijkheidseisen rond de onderwijskwaliteit, de kwaliteitszorg, het schoolklimaat en het financieel beheer. De inspectie kan concluderen dat een school van basiskwaliteit is, ‘onvoldoende’ of ‘zeer zwak’ is. ‘Zwak’ als oordeel bestaat niet meer.

De inspectie heeft daarnaast een stimulerende taak om dat wat goed gaat verder te helpen verbeteren. Eigen ambities en het ontwikkelen van een verbetercultuur staan centraal. Een schoolbestuur kan daarbij zelf aangeven dat ze wil dat de inspectie een bepaalde school bekijkt. Een school kan dan ook een gedifferentieerd eindoordeel krijgen en het label ‘goed’ krijgen.

Wat doet de PO-Raad?

De PO-Raad neemt deel aan het Ringenoverleg waarin, in het kader van de Wet op het onderwijstoezicht (WOT), de ontwikkelingen in het toezicht worden besproken. Ook houdt de PO-Raad minimaal twee keer per jaar, vergezeld door een aantal leden, een rondetafelbijeenkomst met de hoofdinspecteur Primair Onderwijs. Tijdens deze bijeenkomst worden ontwikkelingen in het toezicht en signalen uit het veld besproken.
Een school die onvoldoende of zeer zwak is, krijgt een jaar om zichzelf te verbeteren. De PO-Raad helpt daarbij. 

Meer weten?

Meer informatie over het werk van de Inspectie van het Onderwijs is te vinden op haar website. Over intern toezicht is meer te vinden op de themapagina’s Goed Bestuur en Medezeggenschap. Leden van de PO-Raad kunnen hun vragen stellen aan beleidsadviseur Bernard Teunis.

Laatste nieuws

Standpunten

  • Toezicht op onderwijskwaliteit

    Schoolbesturen zijn in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor de onderwijskwaliteit van hun scholen. Ze vindt het belangrijk dat de inspectie te allen tijde objectief oordeelt en geen waardeoordelen uitspreekt.

Het onderzoekskader


Hoe houdt de Inpectie van het Onderwijs toezicht? Welk onderzoekskader gebruikt ze? Lees er alles over op de website van de inspectie.

Loep met oog erin

Veelgestelde vragen

  • Leidt de aanpassing van de normen voor begrijpend lezen en rekenen-wiskunde ook tot een andere beoordeling van de tussenresultaten van onze school door de Inspectie?

    De door Cito aangepaste normen liggen meer in lijn met de normen die de Inspectie al hanteerde. Navraag bij de Inspectie leert dat de Inspectie op korte termijn niet opnieuw de normen in haar toezichtskader zal aanpassen.