Opleiden en ontwikkelen leraren

In het primair onderwijs werken zo’n 170.000 leraren en andere medewerkers die dagelijks het verschil maken voor leerlingen. Hun kwaliteit is van cruciaal belang voor de kwaliteit van het onderwijs.

In het primair onderwijs werken zo’n 170.000 leraren en andere medewerkers die dagelijks het verschil maken voor leerlingen. Hun kwaliteit is van cruciaal belang voor de kwaliteit van het onderwijs.

Het is een basisvoorwaarde voor goed onderwijs dat alle leraren beschikken over algemeen didactische vaardigheden, zoals duidelijk kunnen uitleggen, en zogenoemde differentiatievaardigheden. Dat zijn vaardigheden als het afstemmen van de instructie op verschillende leerlingen met verschillende behoeften, het analyseren van de voortgang van de leerling en bieden van planmatige zorg aan dit kind. Hiermee doet het onderwijs recht aan de verschillen tussen kinderen en krijgen kinderen meer onderwijs dat op hen is toegesneden zodat zij hun talenten maximaal kunnen ontplooien. Nog niet alle leraren beheersen deze vaardigheden. Daarom is het belangrijk dat leraren en schoolbesturen hier beiden aan werken.

Een leven lang leren

Om de kwaliteit van het hele onderwijs blijvend te verbeteren, is het van belang dat leraren zich tijdens hun hele loopbaan blijven ontwikkelen. Het versterken van de didactische vaardigheden van leraren begint al bij hun opleiding en gaat door tot zij met pensioen gaan. Zij kunnen een heel leven leren. De startende leraar, die net zijn diploma op zak heeft, heeft baat bij intensieve begeleiding. Uit onderzoek blijkt dat die leraren zich in twee jaar tijd ontwikkelen tot het niveau van een leraar die acht jaar voor de klas staat, meer plezier heeft in het lesgegeven en langer voor het onderwijs behouden blijft.

Ook een doorgewinterde leraar kan verder groeien. Nog niet alle leraren beheersen differentiatievaardigheden. Zij kunnen zich hierin bijscholen. Ook kunnen zij van elkaar leren door elkaars lessen te observeren en te beoordelen.

Om de werelden van onderwijs, onderwijsontwikkeling en –onderzoek met elkaar te verbinden, is een onderzoekende houding van leraren (en klassenassistenten) belangrijk. De PO-Raad streeft ernaar dat zij zich die vaardigheden eigen maken, tijdens hun opleiding of door bijscholing. Om opbrengstgericht te kunnen werken, een must voor het blijven verbeteren van het onderwijs, is het verder van belang dat scholen en hun leraren weten hoe ze resultaten moeten evalueren, analyseren en hoe ze moeten reflecteren.

Het is aan leraren zich voor hun ontwikkeling in te zetten, aan schoolbesturen om dit mogelijk te maken. De leraar werkt aan zijn professionele ontwikkeling. Hij maakt hierover afspraken met zijn schoolleider. 

Wat doet de PO-Raad?

De PO-Raad ontwikkelt diverse tools om scholen en hun besturen te helpen bij de ontwikkeling van hun leraren. Ze geeft daarnaast inzicht in de diverse observatie-instrumenten en vaardigheidsmeters die scholen en hun besturen kunnen gebruiken om de vaardigheden van leraren te meten en beoordelen. Scholen kunnen zelf kiezen welk instrument ze gebruiken. Ze werkt daarnaast aan het mogelijk maken van een universitaire lerarenopleiding. Daarmee wordt het op den duur mogelijk bredere scholenteams samen te stellen.

Afspraken over de ontwikkeling van leraren maakt ze met de vakbonden in de CAO PO.

Meer weten?

Meer weten over het opleiden van leraren? Kijk dan bij het onderwerp HRM of op de websites van een van de vakbonden. Leden van de PO-Raad kunnen ook contact opnemen met de Helpdesk of met beleidsadviseur Pien Verwilligen.

Laatste nieuws

Veelgestelde vragen

  • Wat is het verschil tussen artikel 9.6.a lid 3 CAO PO 2013 en de nieuwe regeling?

    Het bovenstaande geldt specifiek voor schoolleiders terwijl de nieuwe regeling over professionalisering van toepassing is op alle werknemers met uitzondering van de schoolleiders. Op grond van de nieuwe regeling krijgen alle werknemers met uitzondering van schoolleiders twee klokuren per werkweek , naar rato, voor de professionele ontwikkeling. Daarnaast stelt de werkgever op schoolniveau/brin niveau gemiddeld 500,- per fte beschikbaar dat de werknemer in staat stelt invulling te geven aan zijn professionalisering. De deskundigheidsbevordering is hiermee komen te vervallen. 

  • Wat zijn andere professionaliseringsactiviteiten, art. 9.6a, lid 3 CAO PO?

    Naast een individueel scholings- of opleidingstraject kunt daarbij denken aan coaching, peer review, interscolaire visitatie en congressen, en ook aan collectieve scholing.

  • Wie komen er in aanmerking voor het persoonlijk budget?

    De directieleden benoemd in schaal AB tot en met AE en DA tot en met DC+: dit zijn directeuren en adjunct-directeuren gekoppeld aan deze salarisschalen, niet zijnde statutair bestuurders.