Passend onderwijs

Jongetje dat druk bezig is met kleien

Met passend onderwijs hebben besturen in het regulier en speciaal onderwijs gezamenlijk de verantwoordelijkheid gekregen om een leerling die ondersteuning nodig heeft een passende plek te bieden. Besturen hebben zorgplicht. Om aan die zorgplicht te voldoen, werken zij samen in een regionaal samenwerkingsverband passend onderwijs.

Passend onderwijs is een grote stelselwijziging die nu, maar ook de komende jaren veel inspanning vraagt van het onderwijs. Het doel is om de kwaliteit van de leerlingenzorg te verbeteren zodat meer leerlingen met gepaste ondersteuning binnen het regulier onderwijs kunnen blijven.

Wat doet de PO-Raad?

De PO-Raad zet zich in om de voorwaarden die nodig zijn voor passend onderwijs te optimaliseren. Daartoe overlegt de PO-Raad regelmatig met het ministerie van OCW en de andere sectorraden. Ook met de vakbonden en ouderorganisaties stemt de PO-Raad haar ondersteuningsactiviteiten af.

Rond de samenwerking tussen het onderwijs en de jeugdhulp spreekt de PO-Raad met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), met organisaties uit de (jeugd)zorg, Ouders & onderwijs en uiteraard met de betrokken ministeries van OCW en VWS. Daarbij behartigt de PO-Raad de belangen van de schoolbesturen, zowel voor het regulier als het speciaal onderwijs. Inzet is het verkrijgen van duidelijkheid over de personele gevolgen, de positie van de besturen en het maken van duidelijke afspraken over regelgeving en bekostiging. 

Ambities

De PO-Raad vindt dat iedere leerling de kans moet krijgen zijn of haar talent te ontwikkelen. Ook als het kind extra ondersteuning vraagt in verband met bijvoorbeeld een leerprobleem, een beperking of hoogbegaafdheid. Die ondersteuning moet snel beschikbaar zijn, zo dicht mogelijk bij huis, zonder bureaucratische toewijzingsprocedures en in afstemming met jeugdhulp. Het motto is: regulier waar dat kan en speciaal waar dat nodig is. 

Meer weten?

Voor meer informatie over passend onderwijs kunt u contact opnemen met beleidsadviseur Venhar Sariaslan. Kijk voor ondersteuningsvragen ook op www.steunpuntpassendonderwijs-povo.nl. 

Alle inhoud binnen dit thema

Laatste nieuws

  • Als er voldoende steun is voor een wet voor het funderend onderwijs (primair, voortgezet én speciaal onderwijs ineen) staat minister Slob van Onderwijs daarvoor open. D66 pleitte hier gisteren voor in het nota-overleg passend onderwijs, nadat eerder de PO-Raad hiertoe had opgeroepen in een brief aan de Kamer. <Dit bericht is bijgewerkt n.a.v. het VAO op 6 juli>

  • Basisscholen in Nijmegen kunnen zelf meebeslissen hoe zij middelen voor passend onderwijs inzetten. Op iedere school werkt bovendien een jeugdhulpverlener, bekostigd vanuit de gemeente. Titia Blankstein is coördinator van het ondersteuningsplatform Nijmegen, onderdeel van het samenwerkingsverband passend onderwijs Stromenland, en vertelt over de werkwijze.

  • Minister Slob (Onderwijs) wil een aantoonbare beweging op gang brengen in passend onderwijs, 'een beweging die op de werkvloer gevoeld wordt', schreef hij gisteren in een brief aan de Kamer. Het aantal thuiszitters daalt nog niet of nauwelijks, de bureaucratie evenmin en het aantal kinderen op het speciaal onderwijs blijkt bij de twaalfde voortgangsrapportage opnieuw gestegen. Met een pakket aan maatregelen wil de minister een finale poging doen passend onderwijs beter in de klas te laten landen.

Standpunten

  • Snelle oplossing voor financiering EMB-leerlingen

    De PO-Raad vindt dat er zo snel mogelijk een financiële oplossing moet komen voor de schoolgang van ernstig meervoudig beperkte (EMB) kinderen, zodat er een einde komt aan discussies hierover tussen speciaal onderwijs, ouders en samenwerkingsverbanden. 

  • Meer aandacht voor preventie

    Schoolbesturen en samenwerkingsverbanden moeten meer investeren in de vóórkant van passend onderwijs: zorgen voor voldoende ondersteuning in de reguliere scholen om passend onderwijs hier mogelijk te maken. Hierover moeten scholen afspraken maken in het samenwerkingsverband. 

Agenda

Steunpunt Passend Onderwijs

PO-Raad en VO-raad hebben een gezamenlijk steunpunt voor scholen, besturen en samenwerkingsverbanden.

Toolbox Passend onderwijs

Hier vindt u modellen en richtlijnen voor het vormgeven van Passend onderwijs.

Achtergrond afbeelding toolbox bestaande uit radarwielen

Samenwerken met jeugdhulp

Goede voorbeelden van scholen die niet alleen vindplaats, maar ook werkplaats zijn voor jeugdhulp.

Netwerk Passend onderwijs

Publicaties

Hier vindt u handreikingen en brochures over passend onderwijs. 

Dashboard passend onderwijs

Geeft samenwerkingsverbanden inzicht in eigen trends en resultaten.

Achtergrond afbeelding toolbox bestaande uit radarwielen

Veelgestelde vragen

  • Wat is invlechting/ontvlechting en waarom is dit nodig?

    Speciaal onderwijs en regulier onderwijs zijn voor de wet nog twee gescheiden werelden. Dat is niet in lijn met de gedachte van passend onderwijs. In het bestuursakkoord van 2014 hebben de PO-Raad en de VO-raad daarom afgesproken de invlechting van het speciaal onderwijs (so) en voortgezet speciaal onderwijs (vso) in het regulier onderwijs te gaan voorbereiden. Aanleiding hiervoor is dat de inhoudelijke verschillen tussen het (v)so en het regulier onderwijs steeds kleiner zijn geworden en de verschillen tussen so en vso groter. In Passend onderwijs werken alle scholen voor leerlingen in de basisschoolleeftijd samen in een samenwerkingsverband po en alle scholen voor leerlingen in de middelbareschoolleeftijd in een samenwerkingsverband vo. Invlechting van het (v)so is dus een logische stap.

    In de afgelopen jaren is al veel werk verzet om de mogelijkheden van de invlechting te verkennen. Daarbij werkten de PO-Raad, de VO-raad, LECSO en OCW nauw samen. In vervolg hierop onderzoeken deze partners samen met enkele scholen en samenwerkingsverbanden hoe de samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs verder kan worden gestimuleerd en welke belemmeringen daarvoor opgelost moeten worden.

    Belangen beter vertegenwoordigen

    Het uitgangspunt is dat de ontvlechting een kwaliteitsimpuls is voor het (v)so, doordat de randvoorwaarden beter worden. Leerlingen en ouders zouden zo min mogelijk moeten merken van de organisatorische kant van de invlechting. Hun belangen kunnen straks daarentegen beter vertegenwoordigd worden en er ontstaan meer kansen voor ‘normaal wat normaal kan, speciaal wat speciaal moet’.

    Wat doet de PO-Raad?

    Op basis van eerder vastgestelde knelpunten onderzoeken diverse commissies in welke vorm de invlechting het beste plaats kan vinden. Een voorbereidingswerkgroep bereidt voor, een beleidsgroep met veldvertegenwoordigers toetst en een stuurgroep ‘(v)so in de transities’ besluit. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap begeleidt deze activiteiten. 

  • Hoe moet ik een leerling registreren in het DUO Verzuimregister die bij ons ingeschreven staat, maar thuiszit in afwachting van een passende onderwijsplek?

    Als leerlingen moeten wachten op passend onderwijs en in die tijd verzuimen, dan is dat ongeoorloofd verzuim (behalve als de leerling ziek is en ook ziek gemeld staat, dat is geoorloofd verzuim). Als het langer dan 4 weken aaneengesloten is, is sprake van langdurig relatief verzuim. Oftewel: niet melden bij overig verzuim, maar bij wettelijk verzuim 16 uur en na 4 weken aaneengesloten bij Langdurig Relatief Verzuim.

    Bron: Veelgestelde vragen op duo.nl

  • Wie zitten er in een samenwerkingsverband?

    Alle scholen voor regulier en speciaal onderwijs (met uitzondering van cluster 1 en 2 voor visueel en auditief/communicatief beperkten) maken deel uit van een regionaal samenwerkingsverband. In totaal zijn er bij de invoering van passend onderwijs 152 samenwerkingsverbanden opgericht: 77 in het primair onderwijs (po) en 75 in het voortgezet onderwijs (vo). Het samenwerkingsverband ontvangt vrijwel al het geld voor de lichte en zware ondersteuning in het onderwijs in die regio. In hun ondersteuningsplan hebben de samenwerkingsverbanden vastgelegd hoe ze het geld voor extra ondersteuning inzetten.

    In het primair onderwijs bestaat een samenwerkingsverband passend onderwijs uit alle reguliere basisscholen, scholen voor speciaal basisonderwijs (sbo) en de scholen voor speciaal onderwijs (so) van de clusters 3 (zeer moeilijk lerend en/of langdurig ziek) en 4 (gedragsproblemen en/of psychiatrie) binnen een door de overheid bepaald gebied.

    In de samenwerkingsverbanden maken besturen voor het regulier en speciaal onderwijs onder andere afspraken over:

    • de basisondersteuning die reguliere scholen kunnen bieden;
    • welke leerlingen geplaatst kunnen worden in het speciaal (basis) onderwijs;
    • de verdeling van de ondersteuningsmiddelen.   

    Voor de leerling is het belangrijk dat samenwerkingsverbanden een dekkend voorzieningenaanbod in de regio realiseren, zodat elk kind in de vertrouwde omgeving passend onderwijs kan volgen.