Werkgeverszaken

Docent dit een jonge meid iets voortekent op een digitaal schoolbord

Hoe krijgen we voldoende en ook de beste mensen voor de klas? Dat is op dit moment de hamvraag als we het hebben over werkgeverszaken. Het complexe arbeidsmarktprobleem in het primair onderwijs is niet alleen een vraagstuk voor de politiek. De sector beschikt zelf over een aantal belangrijke knoppen om aan te draaien. Te beginnen bij het beroepsbeeld, dat bepalen we in de sector zélf. De sector moet verder zorgen voor uitdagend werk, goede arbeidsvoorwaarden en een interessant carrièreperspectief. Niet alleen voor leraren, maar ook voor directeuren en ondersteunend personeel. Werknemers voelen zich erkend en gesteund door passende arbeidsvoorwaarden en een goed hr-beleid waar ze zelf over meepraten. 

In de Strategische Agenda van de PO-Raad maken we afspraken om de sector primair onderwijs nog meer een aantrekkelijke werkomgeving te maken.

Wat doet de PO-Raad?

De PO-Raad behartigt de belangen van de schoolbesturen op het terrein van werkgeverszaken en informeert en adviseert de leden over ontwikkelingen op dit terrein. Werkgeverszaken betreft alle onderwerpen die te maken hebben met de relatie tussen werkgever en werknemer, zowel collectief (bijvoorbeeld via het afsluiten van een cao) als individueel (bijvoorbeeld ondersteuning van leden via de Helpdesk). In het menu onder deze tekst kunt u doorklikken naar meer informatie over de verschillende thema's: Aanpak lerarentekort, Arbeidsrecht actueel, CAO PO, HRM en Pensioen.

Expertgroepen

Via diverse expertgroepen wordt het bestuur en bureau van de PO-Raad gevoed door de leden. De arbeidsvoorwaardencommissie van de PO-Raad heeft tot taak om het bestuur te adviseren over het mandaat en de inzet van af te sluiten cao's. De expertgroep Professionele teams adviseert onder andere over professionaliseringsthema’s die spelen binnen de schoolorganisaties. Daarnaast organiseert de PO-Raad een aantal bijeenkomsten per jaar voor P&O-ers (Kennisgroep P&O). Doel van de bijeenkomsten is om stil te staan bij de ervaringen in de praktijk van de cao en het hr-beleid van schoolbesturen.

Laatste nieuws

  • Ruim driekwart van de directeuren in het primair onderwijs is vorig jaar in een salarisschaal met een hoger eindbedrag ingeschaald. Dat blijkt uit een inventarisatie van de PO-Raad. Voor de lagere directieschalen (DA en DB) geldt dat zij er vrijwel allemaal op vooruit zijn gegaan. Voor DC-directeuren geldt dat 60% van hen erop vooruitgaat (zij het bescheiden). Directeuren die er niet op vooruitgaan, gaan er overigens ook niet op achteruit; daarvoor zorgt een garantietoelage.

  • De invoering van het Breed Offensief, waarmee de Banenafspraak vereenvoudigd moet worden, wordt uitgesteld tot 2022. Dat schrijft minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken) in een brief aan de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel is gereed voor plenaire behandeling maar op verzoek van de Tweede Kamer uitgesteld totdat een nieuw kabinet hierover kan debatteren. Daarmee is de beoogde invoeringsdatum van 1 juli 2021 niet meer haalbaar volgens Koolmees.

Agenda

Net aangekondigd

Komende evenementen

Meer agenda-items

Toolbox Werkgevers- zaken en HRM

In deze toolbox vindt u hulpmiddelen die u kunnen helpen bij het goed organiseren van HRM en personeelsbeleid.

Cao primair onderwijs

Kennisgroep P&O

Arbeidsvoorwaarden- commissie

Aanpak lerarentekort

Wat is er nodig om het lerarentekort op te lossen?

Veelgestelde vragen

  • Hoe schaal je een werknemer OOP in die bevoegdheid gaat halen?

    Een van de logopedisten werkzaam in de Ambulante Begeleiding in het speciaal onderwijs gaat een 2e graads onderwijsbevoegdheid halen via de deeltijdstudie omgangskunde. In het 2e studiejaar is stage op een vso-school vast onderdeel.  Een aantal andere logopedisten gaat de pabo zij-instroom doen en wordt vanaf de start van de opleiding ingeschaald in een lerarenschaal. Geldt deze lerarenschaal nu ook voor de logopedist die met de studie omgangskunde zijn/haar 2e graads bevoegdheid gaat behalen? 

    De zij-instromer wordt aangesteld op grond van artikel 3.2 CAO PO en artikel 32 lid 10 WPO en mag op grond van de geschiktheidsverklaring als onbevoegde leraar voor de klas. De zij-instromer heeft dezelfde verantwoordelijkheden als een leerkracht. Hierdoor hebben zij-instromers de salarisschaal van een leerkracht.  

    De onderwijsondersteuner die een bevoegdheid gaat halen via de deeltijdstudie omgangskunde heeft geen geschiktheidsverklaring en kan zodoende ook nog niet als leraar voor de klas staan. Gedurende de studie zal deze werknemer in dienst blijven als OOP’er en blijft in de OOP-schaal. Als de werknemer de opleiding heeft afgerond, dan kan de werknemer solliciteren op een lerarenvacature. Zodra de werknemer als bevoegd leerkracht aangesteld wordt, zal de lerarenschaal van toepassing zijn. 

  • Onze school is overgegaan op een continurooster. Voor de pauzes worden pedagogisch medewerkers ingezet. Mag de school hiervoor een vrijwillige ouderbijdrage vragen?

    Medewerkers hebben op grond van artikel 5:4 Arbeidstijdenwet recht op een half uur pauze. Daarom zetten scholen met een continurooster soms pedagogisch medewerkers in voor de pauzes tussendemiddag. Hier zijn kosten aan verbonden. Mag de school hiervoor een vrijwillige ouderbijdrage vragen ondanks dat het onderwijstijd is?

    Op scholen met een continurooster moeten alle leerlingen tijdens de middagpauze op school overblijven. De pauze tussen de middag maakt deel uit van de schooltijd. De school is ook op dat moment verantwoordelijk voor het toezicht op de leerlingen. Er is dan dus geen sprake van tussenschoolse opvang. Ouders hoeven dan ook geen overblijfbijdrage te betalen. De school blijft de gehele dag verantwoordelijk voor de leerlingen en de ‘overblijf’ wordt geregeld door het onderwijspersoneel of er wordt extern personeel voor ingezet. In de lumpsumfinanciering beslissen schoolbesturen zelf waaraan ze hun budget uitgeven (mits dit een onderwijsbestemming heeft). Dit geldt ook voor de inhuur van extra personeel ten behoeve van een continurooster. Een school die kiest voor een continurooster, is verantwoordelijk voor het organiseren van toezicht tijdens de middagpauze. De school kan een bijdrage in de kosten vragen aan ouders, mits dit op vrijwillige basis gebeurt en de oudergeleding van de MR heeft ingestemd met de hoogte en de bestemming van de vrijwillige ouderbijdrage (artikel 13 lid 1c WMS). Scholen zijn wettelijk verplicht om de ouderbijdrage en het vrijwillige karakter ervan te vermelden in de schoolgids. De oudergeleding heeft instemmingsrecht bij het vaststellen van de schoolgids (art. 13 lid 1 onder e WPO, art. 22 lid 1 onder d WEC).  De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op de manier waarop het bevoegd gezag communiceert over de ouderbijdrage in de schoolgids, het schoolplan en op de website.

  • Als de werknemer ziek wordt tijdens de proeftijd geldt dan het ontslagverbod uit artikel 7:670 BW?

    Op grond van artikel 3.1. lid 6 uit de cao voor primair onderwijs mag, indien de eerste arbeidsovereenkomst bij de werkgever een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is, een proeftijd van maximaal twee maanden worden overeengekomen.

    Omdat de proeftijd bedoeld is om beide partijen de mogelijkheid te geven om elkaar gedurende een beperkte periode vrijblijvend uit te proberen, geldt het ontslagverbod niet tijdens proeftijd.

    De werknemer mag in de proeftijd ontslagen worden zonder dat de werkgever een opzegtermijn hoeft te hanteren, ook als de medewerker ziek, arbeidsongeschikt of zwanger is, maar dit mag niet de reden van het ontslag zijn. Er worden dus grenzen gesteld aan ontslag tijdens de proeftijd. Een ontslag tijdens de proeftijd kan onder andere in strijd zijn met de beginselen van goed werkgeverschap, bijvoorbeeld als de werkgever onzorgvuldig heeft gehandeld, in geval van ontslag voor aanvang van de proeftijd of bij misbruik van de proeftijd,   

    Bij misbruik van de proeftijd gaat het om een situatie waarbij de werkgever het dienstverband in de proeftijd beëindigt vanwege een reden die een rechter onredelijk vindt. Uit rechterlijke uitspraken blijkt bijvoorbeeld dat er onder meer sprake kan zijn van misbruik van de proeftijd als de medewerker in feite ontslagen wordt wegens ziekte of zwangerschap.   

    Als een rechter tot de conclusie komt dat er sprake is geweest van misbruik van de proeftijd, leidt dat niet tot nietigheid van het ontslag. Het ontslag op zich blijft in stand, maar de werknemer heeft recht op een schadevergoeding.