Cao primair onderwijs

Op dit moment geldt de Verlengde CAO PO 2019-2020. De afspraken uit deze cao voor het primair onderwijs gelden officieel tot en met 31 december 2020, maar lopen door totdat er een nieuw cao-akkoord is.

Hier vind je de volledige tekst van deze cao.

Een goede cao voor het primair onderwijs maakt het mede mogelijk dat leraren, schoolleiders en onderwijsondersteuners hun werk goed kunnen doen en dat leerlingen daardoor goed onderwijs krijgen.

In de cao maakt de PO-Raad als werkgeversorganisatie met de werknemersorganisaties afspraken over arbeidsvoorwaarden. De PO-Raad behartigt daarbij de belangen van de schoolbesturen aan de cao-tafel. Bij deze onderhandelingen is oog voor de uitvoerbaarheid van de afspraken voor het schoolbestuur en voor de kwaliteit van het onderwijs voor leerlingen. Uitgangspunt is dat schoolbesturen in positie worden gebracht om integraal verantwoordelijkheid te dragen voor het werkgeverschap. Zelf afwegingen maken over organisatie inrichting en de arbeidsvoorwaarden daarbij. Vrijheid om te kunnen besturen. Daarom is de inzet van de PO-Raad juist op minder regelen minder vastleggen minder details meer keuze en beslisruimte. Waar ook ruimte is voor schoolbesturen om dit te laten regelen of vrijheid te geven op schoolniveau. Naast het afsluiten van de cao biedt de PO-Raad ondersteuning aan de schoolbesturen bij het uitvoeren van de CAO. 

Eerdere cao's

Op zoek naar de tekst van een 'oude' cao:

Kop-cao

Het geld voor de arbeidsmarktmiddelen voor het primair onderwijs en voor de vakbondsfaciliteiten (Govak-middelen) zijn vanaf 2018 toegevoegd aan de lumpsum. Schoolbesturen zijn verplicht om dit geld af te dragen. Deze verplichting is vastgelegd in een zogenaamde kop-cao. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan de verplichting die ontstond bij decentralisatie van de onderhandelingen over de primaire arbeidsvoorwaarden in 2014.

Voorheen betaalde het ministerie van OCW een subsidie aan de vakbonden en aan het arbeidsmarktplatform. In het kader van de decentralisatie van onderhandelingen over de primaire arbeidsvoorwaarden is in 2014 vastgelegd dat deze subsidie eveneens gedecentraliseerd zou worden. Het primair onderwijs volgt daarbij andere sectoren waarin dit al langer op deze manier is geregeld. Het gaat in totaal om 7,2 miljoen euro.

In het decentralisatie-convenant van 2014 (waarin de decentralisatie van de primaire arbeidsvoorwaarden is geregeld) is vastgelegd dat de verplichting van schoolbesturen om deze middelen af te dragen wordt opgenomen in de cao. Met het afsluiten van een kop-cao is aan die verplichting voldaan. Een kop-cao bevat afspraken voor langere tijd. De afspraken die nu zijn gemaakt, gelden in ieder geval tot 1 januari 2023.

Uitvoering bovenwettelijke regelingen

Sinds 1 januari 2019 zijn schoolbesturen zelf verantwoordelijk voor het opdrachtgeverschap van de uitvoering van de bovenwettelijke regelingen in het primair onderwijs, zoals de WOPO en de ZAPO. Ze ontvangen daarvoor een vergoeding in de lumpsum. De PO-Raad heeft een raamcontract met WWplus afgesloten om schoolbesturen te blijven ondersteunen bij de uitvoering van de regelingen.

Voor meer informatie over de uitvoering van de regelingen en het raamcontract, kun je contact opnemen met de Helpdesk van de PO-Raad (voor leden van de PO-Raad).

Onderhandelingen nieuwe cao

Als eerste stap in het onderhandelproces voor een nieuwe cao wordt met de Arbeidsvoorwaardencommissie gesproken over speerpunten en prioriteiten voor nieuwe onderhandelingen. Deze speerpunten en prioriteiten worden getoest bij een groter deel van de achterban van de PO-Raad. Vervolgens maakt de onderhandleingsdelegatie de hooflijnen van de inzet voor de onderhandelingen concreet in de vorm van een conceptmandaat en een conceptinzetbrief. Het bestuur van de PO-Raad geeft, op basis van advies van de Arbeidsvoorwaardencommissie, een onderhandelingsmandaat aan de onderhandelingsdelegatie. De onderhandelingsdelegatie van de PO-Raad onderhandelt namens de schoolbesturen met vakbonden over de cao voor het primair onderwijs. 

De cao-onderhandelingen tussen de PO-Raad en de vakbonden staan onder leiding van een onafhankelijke voorzitter van de cao-tafel. Uitkomst van de cao-onderhandelingen is een onderhandelaarsakkoord waarin de afspraken staan voor de nieuwe cao.  De Arbeidsvoorwaardencommissie bekijkt of het onderhandelaarsakkoord past binnen het mandaat en adviseert het bestuur van de PO-Raad hierover. Het bestuur besluit of ze het akkoord voorlegt aan de leden van de PO-Raad en communiceert hierover met de aangesloten schoolbesturen. 

Bij de ledenraadpleging wordt ieder lid van de PO-Raad in gelegenheid gesteld om (electronisch) te stemmen over het onderhandelaarsakkoord. Als zowel de leden van de PO-Raad als de achterban van de werknemersorganisaties voor het onderhandelaarsakkoord stemmen, wordt het akkoord definitief. Daarna gaan de partijen praten over de definitieve teksten van de cao. Deze worden zo snel mogelijk vastgesteld en bekendgemaakt.

Lees ook het volledige proces van onderhandelingen over de cao.

De cao is bindend voor leden van de PO-Raad en bij algemeen verbindend verklaren, wordt deze ook geldend voor niet-leden die wel tot de sector primair onderwijs behoren. De huidige cao is niet algemeen verbindend verklaard.

Primaire- en secundaire arbeidsvoorwaarden

Vanaf januari 2014 onderhandelt de PO-Raad met de bonden over zowel de primaire- als secundaire arbeidsvoorwaarden. Tot die tijd werd over de primaire arbeidsvoorwaarden nog door het ministerie van OCW met de bonden onderhandeld, sinds de decentralisatie kan aan één cao-tafel over het totale pakket arbeidsvoorwaarden onderhandeld worden. Hierdoor kan er een beter op elkaar afgestemd arbeidsvoorwaardenpakket samengesteld worden. 

Vragen?

Voor meer informatie over de CAO PO kun je contact opnemen met de Juridische Helpdesk van de PO-Raad (voor leden van de PO-Raad). In de Toolbox HRM zijn tools te vinden die helpen bij het implementeren van de CAO.

Alle inhoud binnen dit onderwerp

Laatste nieuws

Agenda

Net aangekondigd

Meer agenda-items

Functiereeks leraar primair onderwijs

In de CAO PO 2018-2019 zijn de lerarenfuncties voor het primair onderwijs opnieuw beschreven.

Veelgestelde vragen

  • Als de werknemer ziek wordt tijdens de proeftijd geldt dan het ontslagverbod uit artikel 7:670 BW?

    Op grond van artikel 3.1. lid 6 uit de cao voor primair onderwijs mag, indien de eerste arbeidsovereenkomst bij de werkgever een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is, een proeftijd van maximaal twee maanden worden overeengekomen.

    Omdat de proeftijd bedoeld is om beide partijen de mogelijkheid te geven om elkaar gedurende een beperkte periode vrijblijvend uit te proberen, geldt het ontslagverbod niet tijdens proeftijd.

    De werknemer mag in de proeftijd ontslagen worden zonder dat de werkgever een opzegtermijn hoeft te hanteren, ook als de medewerker ziek, arbeidsongeschikt of zwanger is, maar dit mag niet de reden van het ontslag zijn. Er worden dus grenzen gesteld aan ontslag tijdens de proeftijd. Een ontslag tijdens de proeftijd kan onder andere in strijd zijn met de beginselen van goed werkgeverschap, bijvoorbeeld als de werkgever onzorgvuldig heeft gehandeld, in geval van ontslag voor aanvang van de proeftijd of bij misbruik van de proeftijd,   

    Bij misbruik van de proeftijd gaat het om een situatie waarbij de werkgever het dienstverband in de proeftijd beëindigt vanwege een reden die een rechter onredelijk vindt. Uit rechterlijke uitspraken blijkt bijvoorbeeld dat er onder meer sprake kan zijn van misbruik van de proeftijd als de medewerker in feite ontslagen wordt wegens ziekte of zwangerschap.   

    Als een rechter tot de conclusie komt dat er sprake is geweest van misbruik van de proeftijd, leidt dat niet tot nietigheid van het ontslag. Het ontslag op zich blijft in stand, maar de werknemer heeft recht op een schadevergoeding. 

  • Wat wordt bedoeld met woning in artikel 7.2 CAO PO?

    Een werknemer heeft als postadres plaats X, maar woont op een ander adres bij iemand in. Gaat artikel 7.2 CAO PO voor de tegemoetkoming woon-werkverkeer uit van het adres waarop de werknemer ingeschreven staat of het verblijfadres?  

    Het begrip 'woning' in de vergoedingsregeling woning-werkverkeer in artikel 7.2 CAO PO ziet niet op het postadres, zijnde het adres waar de werknemer volgens de Basisregistratie personen (BRP) ingeschreven staat, maar op het feitelijke verblijfadres.  

  • Waarom loopt de opbouw en opname van het vakantieverlof van 1 oktober tot 1 oktober?

    Volgens artikel 8.1 CAO PO loopt de opbouw van het vakantieverlof van oktober tot oktober. Het schooljaar en daarmee de afspraken over de jaartaak, lopen van augustus tot augustus. Waarom is dit zo?

    De verlofopbouw loopt van 1 oktober tot 1 oktober omdat in die periode altijd evenveel weken schoolvakantie vallen, waardoor je met het opnemen en opbouwen van verlof altijd op dezelfde manier uitkomt met de verlofuren ten opzichte van de schoolvakantieweken. Wanneer de verlofopbouw gelijk zou lopen aan het schooljaar, van 1 augustus tot 1 augustus, of zou lopen van 1 september tot 1 september zou dat, vanwege de spreiding van de zomervakantie, niet het geval zijn. Omdat werknemers in het onderwijs meestal niet op 1 oktober naar een andere werkgever overstappen, maar vaak op 1 augustus of op de datum waarop de zomervakantie bij hun nieuwe school eindigt, is het zaak om de vakantiekaart goed bij te houden. Indien de werknemer ontslag neemt dient de vakantiekaart om vast te stellen of de werknemer nog recht heeft op het uitbetalen van opgebouwd vakantieverlof of dat het genoten verlof de opbouw overschrijdt en in mindering kan worden gebracht op de laatste salarisbetaling.