Hieronder een korte uitleg van de verschillende verlofregelingen voor medewerkers. Kijk voor de volledige regels in de geldende cao en in de Wet arbeid en zorg, waarin een groot deel van de regelingen is vastgelegd. Voor meer informatie over de verlofregelingen, kunt u ook contact opnemen met de Helpdesk van de PO-Raad (alleen voor leden van de PO-Raad).

We onderscheiden de volgende verlofregelingen:

Vakantieverlof

De werknemer heeft recht op 428 klokuren vakantieverlof. Dit verlof wordt in de schoolvakantie verleend.

De algemeen erkende feestdagen zoals genoemd in de begripsbepalingen van artikel 1.1 CAO PO maken onderdeel uit van het vakantieverlof. Dit betekent dat bijvoorbeeld Tweede Kerstdag en Tweede Paasdag van het verlof worden afgeschreven, als deze vallen op een werkdag van de werknemer. 

Het kan voorkomen dat een medewerker bij einde dienstverband nog vakantie-uren over heeft. Deze vakantieuren moeten dan nog worden uitbetaald. Welke looncomponenten bij het uitbetalen van vakantie-uren precies wel en niet moeten worden doorbetaald staat niet in de cao, maar is bepaald door het Europese Hof en wordt nader ingevuld door Nederlandse rechters. In dit advies is aan de hand van die jurisprudentie opgenomen welke looncomponenten wel en niet moeten worden doorbetaald. Jurisprudentie kan hier nog wijzigingen in aanbrengen. Indien dat het geval is, zal dit advies worden bijgesteld. 

Lees hier: Advies PO-Raad uitbetalen vakantiedagen
Zie ook: CAO PO 2018-2019, paragraaf 8.1 t/m 8.6

Zwangerschaps- en bevallingsverlof

De vrouwelijke werknemer heeft in verband met haar bevalling volgens de Wet arbeid en zorg recht op zwangerschaps- en bevallingsverlof. 

Het recht op zwangerschapsverlof bestaat vanaf 6 weken voor de dag na de vermoedelijke datum van bevalling. Indien het een zwangerschap van meer dan één kind betreft, bestaat het recht op verlof vanaf 10 weken voor de dag na de vermoedelijke datum van bevalling.

Het bevallingsverlof gaat in op de dag na de bevalling en bedraagt 10 aaneengesloten weken. Hierbij wordt het aantal dagen opgeteld dat het zwangerschapsverlof minder heeft bedragen dan 6 (of 10) weken. Dat aantal dagen wordt berekend op basis van de vermoedelijke datum van bevalling, dan wel, indien eerder gelegen, de werkelijke datum van de bevalling.

Vrouwen die zwanger zijn van een meerling krijgen in totaal minimaal 20 weken verlof hebben. Het bevallingsverlof voor deze vrouwen duurt 10 weken plus het aantal weken dat het zwangerschapsverlof minder dan 10 weken heeft bedragen.

Een werknemer die is bevallen, mag er voor kiezen het bevallingsverlof gespreid op te nemen. Dat kan vanaf 7e week na de bevalling. Vanaf het moment dat het verlof wordt opgedeeld, mag het verlof in een periode van 30 weken worden opgenomen. Het verzoek wordt gedaan uiterlijk drie weken nadat het verlof is ingegaan. Als werkgever ben je verplicht binnen twee weken in te stemmen met een dergelijk verzoek, tenzij zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten. Dit is een erg strenge toets, van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen is niet snel sprake.

De omvang van het bevallingsverlof dat is opgedeeld en dat later wordt opgenomen is gelijk aan de arbeidsduur per week ten tijde van het bevallingsverlof dat volgt na de werkelijke datum van de bevalling.

Zie: Wet arbeid en zorg 

Adoptieverlof

De werknemer heeft in verband met de adoptie van een kind recht op verlof zonder behoud van loon. 

Medewerkers die een kind adopteren hebben recht op vier weken adoptieverlof, die vier weken voor opname van het kind in het gezin start. Het verlof wordt in beginsel aaneengesloten opgenomen, maar de medewerker mag er ook voor kiezen het verlof in de periode van 26 weken gespreid op te nemen. Alleen indien sprake is van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen kan een dergelijk verzoek worden geweigerd door de werkgever.

Zie: Wet arbeid en zorg 

Kraam- of partnerverlof

De partner van de moeder krijgt vanaf 1 januari 2019 recht op een week geboorteverlof in de vier weken na de geboorte van hun kind door de Wet Invoering Extra Geboorteverlof (WIEG.

Per 1 januari 2019 krijgen partners bij de geboorte van hun kind recht op:

·       Calamiteitenverlof met loondoorbetaling op de dagen van de bevalling.

·       Geboorteverlof met loondoorbetaling gedurende eenmaal de arbeidsduur per week, op te nemen binnen vier weken na de bevalling. De opname van dit verlof is onvoorwaardelijk. De 3 dagen onbetaald ouderschapsverlof die binnen 4 weken na de bevalling onvoorwaardelijk kunnen worden opgenomen komen te vervallen.

·       Adoptie- en pleegzorgverlof wordt verlengd van vier weken naar zes weken. Tijdens dit verlof kan door beide ouders van het kind een uitkering worden aangevraagd bij UWV voor 100 % van het salaris.

Vanaf 1 juli 2020 krijgen partners ook nog recht op vijf weken aanvullend geboorteverlof, op te nemen in hele weken gedurende 6 maanden na de bevalling. Gedurende het aanvullend geboorteverlof is er recht op 70 % van het salaris via een uitkering van UWV. 

Zie: Wet arbeid en zorg 
en: Minister wil traditionele rolpatronen doorbreken

Ouderschapsverlof

De werknemer die als ouder of verzorger voor een kind zorgt, heeft recht op ouderschapsverlof zonder behoud van loon. Dit recht bestaat totdat het kind de leeftijd van 8 jaar bereikt. 

Het aantal uren verlof waarop de werknemer ten hoogste recht heeft bedraagt zesentwintig maal de arbeidsduur per week. De medewerker moet het verlof minimaal twee maanden voor aanvang ervan aanvragen.

De werknemer heeft per kind recht op 415 uur ouderschapsverlof met behoud van 55% van zijn salaris.

Werknemers bepalen zelf hoe zij dit verlof willen inzetten en op welke momenten. Als werkgever kun je alleen indien er sprake is van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen de invulling van het verlof in overleg met de medewerker wijzigen.

Als medewerkers hun ouderschapsverlof nog niet geheel hebben genoten op het moment dat hun dienstverband eindigt, mogen zij het resterende deel meenemen naar de volgende werkgever. Als werkgever ben je verplicht om bij te houden op hoeveel uur ouderschapsverlof een medewerker nog recht heeft en een verklaring daaromtrent op verzoek van de medewerker te verstrekken.

Zie ook: CAO PO 2018-2019, paragraaf 8.19 t/m 8.21

Kort buitengewoon verlof (met behoud van salaris)

In artikel 8.7 van de cao wordt een aantal concrete gevallen genoemd waarin de werkgever de werknemer onder alle omstandigheden kort buitengewoon verlof dient te verlenen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om spoedeisende onvoorziene omstandigheden, zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden of door de overheid opgelegde verplichtingen.

Aanvullend bepaalt het derde lid dat de werkgever op grond van goed werkgeverschap eveneens verlof dient te verlenen in andere situaties waar de werknemer (buitenwettelijke) verplichtingen moet nakomen die slechts in werktijd kunnen worden vervuld. Gedacht dient dan te worden aan het ophalen van documenten, het bezichtigen van een woning, het bijwonen van een doopplechtigheid in de gevallen waarin dat niet op zondag gebeurt en het begeleiden van een ziek kind naar het ziekenhuis. Kenmerk van dit verlof is dat het altijd om situaties gaat waarin de werknemer slechts een deel van de werkdag verzuimt.

Indien de werknemer als gevolg van de omstandigheden genoemd in artikel 8.7, derde lid, een hele dag verzuimt wordt deze dag geacht onderdeel uit te maken van de dagen waarop hij op grond van artikel 8.8 recht heeft.

Artikel 8.8 geldt ook voor gevallen waarin de werknemer aanwezig wenst te zijn bij het huwelijk of de promotie van een goede vriend(in).

Zie ook: CAO PO 2018-2019, paragraaf 8.7, 8.8 en 8.18

Langdurend zorgverlof (zonder behoud van salaris)

De werknemer heeft recht op verlof zonder behoud van salaris voor de noodzakelijke verzorging van een verwante die ziek of hulpbehoevend is. Het aantal uren verlof per week bedraagt in principe ten hoogste de helft van de arbeidsduur per week.

De werkgever kan aan de werknemer op diens verzoek vanwege persoonlijk of algemeen belang of vanwege politieke functies, voor het geheel of een deel van zijn werkzaamheden lang buitengewoon verlof verlenen. Dit verlof wordt verleend zonder behoud van salaris. 

Zie ook: CAO PO 2018-2019, paragraaf 8.9 t/m 8.16 en 8.18