• Op initiatief van de PO-Raad is met alle betrokkenen een afspraak gemaakt over de opbouw van de voorziening groot onderhoud voor de jaarrekening 2018. Schoolbesturen kunnen dit jaar uitgaan van de methode die ze de afgelopen jaren hebben toegepast (uitgaande van uitgavenegalisatie).

  • Steeds meer accountants geven aan dat schoolbesturen een striktere interpretatie moeten hanteren van reeds bestaande voorschriften voor de jaarverslaggeving ten aanzien van de voorziening groot onderhoud. Schoolbesturen zouden daardoor meer geld moeten toevoegen aan de voorziening groot onderhoud. Hierdoor wordt er feitelijk meer geld onttrokken aan het onderwijsproces, dan zeer waarschijnlijk ooit zal worden uitgegeven.

  • De PO-Raad, VO-raad en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben in januari 2017 afgesproken om het huisvestingstelsel te moderniseren. Vanuit deze gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeenten en schoolbesturen wordt ingezet op renovatie, nuancering van het investeringsverbod én de invoering van een Integraal Huisvestings Plan (IHP). De realisatie van al deze plannen is, volgens de PO-Raad, uitermate belangrijk bij de uitvoering van de klimaatakkoorden.

  • Geef jij graag buitenles, maar is jullie schoolplein er niet geschikt voor? Kom in actie! Jantje Beton en IVN Natuureducatie bieden 10 scholen de kans om een zelf ontworpen buitenlesplek te...

  • Met het bereiken van een klimaatakkoord werd deze week een eerste stap gezet in het toewerken naar energieneutrale schoolgebouwen. Een van de doelstellingen in het klimaatakkoord is namelijk om 7 miljoen huizen en 1 miljoen gebouwen te verduurzamen. Door schoolgebouwen energieneutraal te maken wordt niet alleen geïnvesteerd in het verbeteren van de onderwijskwaliteit, maar draagt ook het onderwijs bij aan het verminderen van de opwarming van de aarde.

  • In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart interviewt de PO-Raad een aantal onderwijswethouders. De afgelopen zes jaar was Mario Stam (PvdA) wethouder onderwijs in Schiedam: ,,Schoolbestuurders en de gemeente hebben verschillende verantwoordelijkheden, maar we doen het uiteindelijk voor de jeugd. Daar moet je samen de schouders onder zetten.''

  • Onze school heeft een huisvestingsreserve gevormd uit de Rijksbekostiging (alleen batige saldi t/m 1-7-2006) en de huisvestingsvergoeding gemeente (bedrag dat de normvergoeding te boven ging bij de bouw). Mogen we dit bedrag investeren in lokalen?

    Dit is wat ons betreft op het randje. Voor de invoering van de lumpsum gold er een minder strenge regel ten aanzien van de investering in huisvesting. Dus als aangetoond kan worden dat deze reserves zijn opgebouwd vóór 1 augustus 2006, geldt er meer vrijheid voor huisvestingsinvesteringen. Het betreft hier echter investeringen voor het realiseren van voorzieningen voor Kinderopvang. De vraag is of dit nog wel onder de ruimere interpretatie van artikel 148 van de WPO valt. De WPO heeft immers alleen betrekking op het PO. Uiteindelijk zal de accountant hier een oordeel over moeten vormen. Ons advies is om de casus daarom met uw accountant bespreken.

  • Platform Bouwstenen voor Sociaal heeft de publicatie ‘In Control’ beschikbaar gesteld voor schoolbesturen. De publicatie is het resultaat van gezamenlijk ontwikkelwerk van Bouwstenen met de PO-Raad, VNG en partners. De publicatie geeft schoolbesturen inzicht in vastgoedinformatiesystemen.

  • Wij willen een ruimte in ons schoolgebouw verhuren aan een commerciële organisatie. Bevoegd gezag en gemeente zijn akkoord. Op welke wijze kan een redelijke vergoeding ter compensatie van de exploitatiekosten worden berekend?

    Er is geen standaardvergoeding meer opgenomen in de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs. Bij de laatste wijziging van de Verordening is de 7e groepsvergoeding MI komen te vervallen.

    Tussen schoolbesturen of tussen schoolbestuur en gemeente dienen nu afspraken te worden gemaakt over de hoogte van de vergoeding. De berekeningswijze is als volgt: allereerst worden de totale exploitatiekosten gedeeld door het aantal vierkante meters van de school. Eventueel kunnen de kosten van schoonmaak hierin worden meegenomen, wanneer de huurder hier gebruik van maakt. Daarna wordt het aantal gehuurde vierkante meters bepaald. Een lokaal is bijvoorbeeld 56 m2, maar er wordt vaak van meer dan alleen het lokaal gebruik gemaakt. Er kan bijvoorbeeld gekozen worden voor 115m2, zoals opgenomen in de Verordening. Het exploitatiebedrag per m2 wordt vervolgens vermenigvuldigd met het aantal gehuurde m2. De uitkomst hiervan is de vergoeding die de huurder dient te betalen.

Pagina's