Een werknemer heeft een tijdelijke arbeidsovereenkomst voor één jaar gehad. Dezelfde werknemer heeft nu een tweede tijdelijke arbeidsovereenkomst voor één jaar en zegt deze tussentijds op. Geldt nu een opzegtermijn van 1 maand of van 2 maanden?

Volgens artikel 3.9 lid 4 jo. lid 1 CAO PO geschiedt opzegging tegen het einde van de maand en geldt voor de werknemer die ontslag neemt een opzegtermijn van ten minste 1 maand als de arbeidsovereenkomst korter dan 12 maanden heeft geduurd en ten minste twee maanden als de arbeidsovereenkomst 12 maanden of langer heeft geduurd.

De vraag is nu of de eerste tijdelijke arbeidsovereenkomst meetelt voor de vaststelling van de duur van het dienstverband. Om die vraag te beantwoorden is art. 7:668a lid 4 BW relevant. Daarin wordt bepaald dat wanneer sprake is van een keten van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, de termijn van opzegging wordt berekend vanaf het tijdstip van totstandkoming van de eerste arbeidsovereenkomst uit die keten.

Van een keten is sprake wanneer aansluitend een tweede arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd wordt gesloten, maar ook wanneer er binnen zes maanden nadat het de eerste arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is geëindigd een tweede arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd wordt gesloten.

Voor deze werknemer geldt dus een opzegtermijn van (ten minste) 2 maanden.