Waarom moet onze school ieder jaar weer geld aan de Stichting Reprorecht betalen voor het aantal gemaakte kopieën? We gebruiken die kopieën toch voor het onderwijs aan onze leerlingen?

Wij snappen uw bezwaren grotendeels. Bij de invoering van de reproplicht heeft het ministerie van Onderwijs met deze kostenpost geen rekening gehouden in de vergoedingen die scholen jaarlijks ontvangen. Ook bij de - 5-jaarlijkse – evaluaties van het bekostigingsstelsel zijn de vergoedingen niet aangepast, ondanks dat duidelijk is dat de bekostiging als zodanig fors tekort schiet.

Andere kant van het verhaal is dat bij het kopiëren gebruik wordt gemaakt van materiaal dat door anderen is geschreven en/of ontwikkeld. De wetgever heeft bepaald dat een vergoeding moet worden betaald wanneer van dat werk kopieën worden gemaakt. In de wet is zelfs vastgelegd wat de hoogte van het bedrag moet zijn. De Stichting Reprorecht int deze bedragen en zorgt ervoor dat auteurs daarmee kunnen worden betaald. Ook voor de PO-Raad is deze wettelijke bepaling een gegeven. Het enige wat wij kunnen doen (en ook hebben gedaan) is trachten de schade zoveel mogelijk te beperken door een kortingsregeling voor het onderwijs af te spreken.