Wanneer wordt een tijdelijk dienstverband omgezet in een vast dienstverband?

Wanneer opeenvolgende tijdelijke contracten worden omgezet in een vast contract staat beschreven in artikel 7:668a BW en artikel 3.5 CAO PO (bijzonder onderwijs) en artikel 4.5 (openbaar onderwijs) CAO PO. 

De hoofdregel in het bijzonder onderwijs is: arbeidsovereenkomsten op basis van artikel 3.4 CAO PO die elkaar opvolgen en een termijn van 24 maanden of het aantal van 3 overeenkomsten overschrijden, worden omgezet in een vast contract.

Voor tijdelijke arbeidsovereenkomsten ten behoeve van vervanging is een uitzondering op deze hoofdregel gemaakt. Pas als opeenvolgende overeenkomsten de termijn van 36 maanden overschrijden of het aantal van 6 overeenkomsten, wordt de arbeidsovereenkomst omgezet in een vast contract.

In januari-maart 2018 geldt bovendien nog dat de ketenregeling dan niet van toepassing is op arbeidsovereenkomsten die zijn aangegaan ten behoeve van onvoorziene vervangingswerkzaamheden gedurende een korte periode (minder dan 2 weken).

De hoofdregel in het openbaar onderwijs is: gedurende drie jaren mogen werkgevers en werknemers een onbeperkt aantal tijdelijke aanstellingen aangaan, mits deze tijdelijke aanstellingen zijn gebaseerd op de gronden in artikel 4.4 (vervanging, tijdelijke vacature, etc.). Wanneer deze termijn van 36 maanden wordt overschreden, dan heeft de werknemer recht op een vast dienstverband, zie artikel 4.5 lid 1 CAO PO.

Er geldt een uitzondering op deze regel bij vervangingscontracten. Wanneer er 12 maanden op basis van vervanging is gewerkt en de arbeidsovereenkomst wordt daarna voortgezet zonder dat er van vervanging sprake is, dan moet de werknemer een vast contract krijgen.. De 12 maanden wordt berekend vanaf de eerste benoeming c.q. aanstelling tot en met de daaropvolgende 12 maanden. Daarbij geldt dat de 12 maanden niet voor meer dan 3 maanden wordt onderbroken. Alle onderbrekingen korter dan 3 maanden tellen dus gewoon mee bij het bepalen van de 12 maanden.