Vrijwillige ouderbijdrage

Geen enkel kind mag worden uitgesloten van activiteiten die de school organiseert, ook al betalen zijn ouders de vrijwillige ouderbijdrage niet. Dat is het uitgangspunt van de richtlijn die de PO-Raad eind 2018 met Ouders & Onderwijs, de belangenvereniging van ouders, heeft afgesproken. 

Volgens de wet moeten alle leerlingen altijd kunnen meedoen aan zaken die verplicht zijn binnen het lesprogramma. Voor extra activiteiten die de school organiseert, zoals bijvoorbeeld schoolreisjes, geldt die regel niet. In de praktijk komt het daardoor wel eens voor dat een kind niet mee mag doen aan zo’n activiteit als zijn ouder(s) hiervoor geen ouderbijdrage hebben betaald.

De nieuwe richtlijn moet hieraan een einde maken. De PO-Raad en haar leden vinden het namelijk onverteerbaar als de portemonnee van de ouders bepaalt of een kind mag meedoen aan schoolreisjes of andere extra activiteiten.

In de richtlijn wordt verder nog eens benadrukt dat een ouderbijdrage altijd vrijwillig moet zijn. Scholen moeten ouders van leerlingen hierover duidelijk informeren. Daarnaast moet de Medezeggenschapsraad (MR) altijd instemmen met de hoogte van vrijwillige ouderbijdrage. Dat geldt ook voor alle andere vormen van financiële bijdragen van ouders. De PO-Raad en ouders willen geen maximale ouderbijdrage afspreken omdat ze bang zijn dat dit maximum dan juist als norm wordt gezien.

Met de richtlijn komt de PO-Raad tegemoet aan een oproep van minister Arie Slob (Primair onderwijs) om als sector zelf afspraken te maken over de vrijwillige ouderbijdrage. De richtlijn wordt op termijn opgenomen in de Code Goed Bestuur van het primair onderwijs.