18,5 miljoen

Twee weken geleden besprak de Tweede Kamer het Jaarverslag 2008 van OCW. In dat verband vroeg kamerlid Jasper van Dijk (SP) de bewindslieden naar een verantwoording van de financiën die naar de sectorraden gaan (met name naar PO-Raad en VO-raad): “Is dit geld nu nuttig besteed? Waarom gaat dit geld niet rechtstreeks naar de scholen? In mijn ogen zal dit de causaliteit en de effectiviteit van onderwijsbeleid flink verhogen?” (uit: Ongecorrigeerd stenogram, Tweede Kamer 18 juni 2009). Het gaat voor het po om 18,5 miljoen in 2008.

Staatssecretaris Dijksma heeft geantwoord dat het geld voor de scholen bestemd is, voor taal- en rekenpilots, en niet voor de PO-Raad. En dat het geld ook bij meer dan 2000 scholen terecht is gekomen.

Op de vraag of dit geld beter rechtstreeks naar de scholen kan gaan, kunnen we als PO-Raad duidelijk zijn. Zoals ook in onze eerste Beleidsagenda staat die we in juni jongstleden aan de leden hebben voorgelegd, zijn we van mening dat het geld dat voor het primair onderwijs bedoeld is, in zijn geheel rechtstreeks naar alle schoolbesturen moet gaan (in de lumpsum).

Het gaat dan ook om meer structurele middelen voor onderwijs. Zeer veel schoolbesturen hebben bij ons geprotesteerd tegen het huidige systeem van pilots- en projectfinanciering. Het beperkt de handelingsruimte van besturen. Ook is het inzetten van incidentele financiering op projectbasis niet effectief:

  • de middelen zijn maar voor een beperkte groep scholen beschikbaar,
  • projectfinanciering vereist extra aanvragen, extra administratie, afzonderlijke verantwoording – dat leidt tot lastendruk,
  • de ‘potjes’ lekken weg zolang de basisbekostiging niet op orde is,
  • incidentele financiering leidt ertoe dat de inspanning niet wordt gekoppeld aan de reguliere (lange termijn-) inspanningen,
  • het is ook niet mogelijk om (personele) verplichtingen op de langere termijn aan te gaan op grond van deze middelen,
  • de ervaring leert dat ‘vernieuwingen’ wegglijden zodra de projectfinanciering ophoudt. De investering leidt niet tot duurzame veranderingen.

 

De PO-Raad heeft er dan ook niet om gevraagd de rol te vervullen van ‘projectenbureau’. Wél steunen we de staatssecretaris in haar ambitie om de kwaliteit van het onderwijs op een hoger plan te brengen. Om die reden zijn we bereid om er via het Projectbureau Kwaliteit zorg voor te dragen dat de middelen goed op de scholen terecht komen. Ook spannen we ons in om te bereiken dat de resultaten van de pilotscholen ten goede komen aan collega-scholen. Maar wat ons betreft is dit een tijdelijke zaak.

Overigens komen de inkomsten voor de bedrijfsvoering van de PO-Raad alleen van de contributie van leden. De PO-Raad zelf heeft voor 2009 een begroting van 1,2 miljoen euro. In het Jaarverslag geeft de vereniging een volledig beeld van alle inkomsten en uitgaven.

Simone Walvisch