Alleen ga je harder, maar samen kom je verder

Deze week in de weblog de speech die Rinda den Besten op 22 januari uitsprak na haar benoeming tot voorzitter van de PO-Raad (per 1 april 2013): Allereerst wil ik jullie bedanken voor het in mij gestelde vertrouwen. Ik zal mijn uiterste best gaan doen om als voorzitter van de PO-Raad de vereniging, de schoolbestuurders, de sector en de leerlingen verder te brengen.

Het belang van goed onderwijs hoeft niemand mij uit te leggen. Ik ben zelf een dochter van twee lager opgeleide ouders, uit Woudenberg. Ik zat op een kleine boerenschool aan de rand van het dorp, met in klas 6 een meester die tevens de hoofdmeester was – heel veel later liet hij zich pas directeur noemen. Een strenge school; 's morgens stonden we als de bel ging per klas in een rij van groot naar klein op het plein, en gingen we 1 voor 1 naar binnen. De meisjes kregen handwerkles en de jongens timmerles. Elke week leerden we een nieuw psalm, wat we individueel bij de meester aan z'n bureau kwamen opzeggen. Als je het goed had, een blauwe 10. Als je het op vrijdagmiddag al kende, een rode 10.

Mijn lagere school was er een waar taal en rekenen bovenaan de prioriteitenlijst stonden, maar die voor mij veel meer betekend heeft dan dat. Mijn ouders gingen ervan uit dat ik net als mijn moeder naar de huishoudschool zou gaan. Praktisch, daar leerde je tenminste wat.
Maar het liep anders.. wij kregen in de 5e klas bezoek van de hoofdmeester, hij vertelde dat ik goed kon leren, en dat hij dacht aan VWO. Mijn ouders kregen een rolberoerte. Dit was niet de bedoeling! Een school en een wereld die ze niet kenden, niemand in onze familie ging naar het VWO. Maar mijn hoofdmeester hield vol. En hij kreeg mijn ouders uiteindelijk mee, ik ging naar het Corderius College in Amersfoort – de school die het dichtst bij Woudenberg lag – en ik had daar een geweldige tijd.

Toen ik vijf jaar verder was, mijn cijfers prima en mijn ouders de bui misschien al voelden aankomen, was er weer een leraar, dit keer de Mentor van de 5e klas.. Hij vond dat ik naar de Universiteit zou moeten gaan; weer een wereld die mijn ouders niet kenden en die hen angst in boezemde. Ook deze leraar deed veel meer dan taal en rekenen, hij zag wie ik was en wat ik kon. En belangrijker nog: hij ging voor me knokken, net als die hoofdmeester van de basisschool.

Zonder uitstekend onderwijs, maar vooral zonder die leraren die mij letterlijk zagen zitten, zou ik hier nu niet voor u staan. Ik ben mijn leraren daar ongelooflijk dankbaar voor en ik gun ieder kind zulke leraren.

Maar een leraar kan haar of zijn werk niet doen als de randvoorwaarden niet goed geregeld zijn. Een school moet goed bestuurd worden, zodat leraren het beste uit zichzelf en uit alle leerlingen weten te halen. Daar is wat voor nodig, goede huisvesting, voldoende geld, excellente lerarenopleidingen, stevige bestuurlijke afspraken. En .. goede bestuurders! Bestuurders die richting geven en ruimte, die verantwoordelijkheid nemen en verantwoording afleggen. Bestuurders die goede vragen stellen, verbindingen leggen, vragen naar de opbrengsten van het onderwijs en naar plannen om dat onderwijs te verbeteren.

Ik zie dat de PO-Raad haar leden actief ondersteunt bij de ontwikkeling naar goed bestuur. Dat is o zo belangrijk – want er heerst vaak wantrouwen naar bestuurders en managers. Met de Code Goed Bestuur PO laat de sector zelf zien dat ze gaat voor kwaliteit, en dat wekt vertrouwen. Maar het hanteren van een Code Goed Bestuur leidt vooral ook tot een sector met zélfvertrouwen.

Er is een vreemde parallel tussen politici en schoolbestuurders. Het lijkt alsof beiden zich vaak moeten legitimeren. Wat is het nut en de noodzaak eigenlijk, wat kost dat allemaal wel niet, en als het echt gezellig wordt, worden beide groepen uitgemaakt voor plucheklevers en zakkenvullers. Ik erger me daar vaak aan. Maar je ergeren leidt nergens toe. Komt het omdat sommige bestuurders hun eigen positie belangrijker leken te vinden dan goed onderwijs of een goede overheid? Dan kunnen wij die beeldvorming alleen bestrijden door transparant te zijn, onze drijfveren te laten zien en heel goede kwaliteit neer te zetten. Daar ga ik me graag voor inzetten.

Vanaf 1 april wil ik allereerst ontzettend veel kopjes koffie gaan drinken, het land in, en jullie de hemd van het lijf te vragen. Het liefst op locatie, een school in, ruiken, proeven, ervaren. Dat doe ik graag! Want ik ken uiteraard de Utrechtse situatie goed, maar wil ook zelf ervaren wat krimp betekent, hoe ontoereikend de financiën soms zijn, hoe passend onderwijs ingevoerd wordt, en wat de stand van zaken is van de huisvesting.

Ik vind het ongelooflijk belangrijk dat jullie als leden het eerste en laatste woord hebben. In een democratische vereniging als deze, creëren we ruimte voor verscheidenheid, voor felle maar respectvolle discussies en realiseren we de gezamenlijk gestelde doelen voor een sterkere PO-sector alleen wanneer we als team optrekken. Dat betekent niet onze verschillen uitvergroten, maar onze overeenkomsten benoemen en daar kracht uit putten. En zo een sterke vereniging neerzetten, een goede vertegenwoordiging en lobby-organisatie richting Den Haag, met als doel: goed onderwijs. Waarin leraren in staat gesteld worden het beste uit ieder kind te halen, net zoals dat bij mij is gebeurd. Ik zal op een heldere manier en met lef jullie boodschap over het voetlicht brengen - in Den Haag, in de media en aan welke tafel dan ook.

Ik ben blij met de nieuw gekozen bestuursstructuur, met een Algemeen Bestuur als team, waarin verschillende expertises vertegenwoordigd zijn en waar de verscheidenheid van de sector herkenbaar in is. En ik verheug me erg op de samenwerking in het DB met de vicevoorzitter, Simone Walvisch, die de afgelopen 5 jaar al in touw is geweest voor de PO-Raad.

Ik ben van plan om bij alle netwerken langs te gaan, van besturen in het basis, speciaal basis- en speciaal onderwijs, en ik hoop jullie dan te zien.
Maar anders zie ik jullie in ieder geval op 6 en 7 juni bij het tweedaagse congres 'Bevlogen besturen'. Dat zal voor mij de eerste keer zijn dat ik als voorzitter de leden mag ontvangen voor een ALV met aansluitend het congres en daar kijk ik nu al naar uit.

Tot slot,
Ik vind het een eer om in deze functie aan de slag te mogen, als opvolger van Kete Kervezee. En vooral om op deze dag benoemd te worden, op jullie eerste lustrum. De PO-Raad is in de afgelopen 5 jaar onder leiding van Kete stevig neergezet en aan mij is nu de taak gegeven om de PO-Raad een volgende fase in te leiden. Ik zie dat nadrukkelijk als een gezamenlijk opdracht. In de Sport kent men een mooie slogan; 'Alleen ga je harder, maar samen kom je verder'. Ik hoop ook op deze manier te kunnen gaan samenwerken met de medewerkers van het bureau van de PO-Raad, het Algemeen Bestuur, landelijke partners en met jullie allemaal.

Laten we samen zorgen dat de sector primair onderwijs en daarmee ook de leerlingen steeds verder komen.

Dank jullie wel.

Rinda den Besten