Genoeg om over te praten

Ik was aanwezig bij een rondetafeldiscussie van de Onderwijsraad. De aanleiding was hun rapport over ‘opting out’: het uittreden van een school uit een schoolbestuur. Mijn indruk was dat er in het primair onderwijs nauwelijks sprake is van verzelfstandiging.

Het rapport Verzelfstandiging in het onderwijs geeft aan dat het in het uiterste geval mogelijk moet zijn dat een school verzelfstandigt als de ouders of de medewerkers dat willen. De Onderwijsraad vindt dat schoolbesturen in ieder geval nadrukkelijker rekening moeten houden met de wensen van ouders en personeel, bijvoorbeeld ten aanzien van de onderwijskundige profilering van een school. Een verzelfstandiging van de school komt pas in laatste instantie aan de orde en moet zeer zorgvuldig gebeuren.

Code Goed bestuur
De behoefte aan verzelfstandiging zal volgens mij nog minder worden nu we in januari onze code Goed bestuur in het primair onderwijs hebben vastgesteld. De code waarborgt dat scholen maximaal de ruimte krijgen voor eigen beleid. Ik vind het vanzelfsprekend dat scholen daarbij nagaan of hun aanbod voldoet aan de wensen van de ouders. Ouders zijn immers de belangrijkste partners van de school. Ze hoeven dan nooit op een punt te komen dat er behoefte is aan verzelfstandiging.

Toekomstagenda
De code Goed bestuur is een belangrijke stap in de professionalisering van de sector primair onderwijs. Op allerlei gebieden en alle niveaus is er veel gaande. Het is belangrijk dat een volgend kabinet de schoolbesturen, schoolleiders en leraren het vertrouwen en de ruimte geeft om verder te verbeteren. Komende week presenteren wij onze toekomstagenda waarin wij ons beeld schetsen van de basisschool in 2020 en wat er de komende jaren voor nodig is om dat te bereiken. Daarbij speelt natuurlijk ook het speciaal onderwijs een belangrijke rol. De inzet is: Goed onderwijs voor alle leerlingen.

Olympisch Plan 2028
Het focussen op kwaliteit kwam ook naar voren tijdens een gesprek dat ik deze week had over het Olympisch Plan 2028. Een groep mensen maakt zich sterk om de Olympische Spelen in 2028 naar Nederland te halen. We hebben het dan over een evenement van wereldformaat. We moeten de komende tijd met onze leden bespreken in hoeverre wij ons als primair onderwijs achter dit plan willen scharen, welke rol willen en kunnen wij daarbij spelen. De mogelijke medaillewinnaars zitten immers nu bij ons op school.

Wat mij aansprak in het Olympisch Plan 2028 is de brede doelstelling die ze nastreven. Het focust niet alleen op de spelen, maar ze willen er een duurzame ontwikkeling van maken. Dat sluit goed aan bij onze toekomstagenda, waarbij we ook kijken naar meer integratie tussen onderwijs, sport en spel. Het draait om de kinderen en kleinkinderen en hun capaciteiten.

Leonard Geluk
We zullen de komende tijd meer praten over onze toekomstagenda en over onze betrokkenheid bij bijvoorbeeld het Olympische Plan. Dat kan natuurlijk op onze algemene ledenvergadering (ALV) van 3 juni. U kunt zich via onze site voor de vergadering aanmelden. Het programma bestaat uit het uitwisselen van ervaringen, het praten over strategische keuzes en de normale verenigingszaken.

Ik kijk met name uit naar de voordracht van Leonard Geluk tijdens de ALV. Hij heeft een interessante kijk op onze sector als oud-onderwijswethouder van Rotterdam, voorzitter van het College van Bestuur van ROC Midden Nederland en lid van de Onderwijsraad. In die laatste hoedanigheid was hij overigens betrokken bij het rapport Verzelfstandiging in het onderwijs. Kortom genoeg om over te praten. Ik zie u daarom graag op 3 juni.

René van Harten