Opening schooljaar

Het nieuwe schooljaar hebben we afgelopen dinsdagmiddag geopend, samen met vele betrokkenen bij het PO-veld en de PO-Raad. Daar hebben we ook afscheid genomen van onze collega PO-Raadbestuurder René van Harten. Hij start het nieuwe schooljaar als bestuurder bij Lek en IJssel.

Het nieuwe schooljaar werd inhoudelijk ingeleid door professor Micha de Winter. Hij geeft mensen graag een boodschap mee. Verwijzend naar zijn nieuwe boek 'Verbeter de wereld, begin bij de opvoeding: van achter de voordeur naar democratie en verbinding' stelt hij dat kinderen zich beter ontwikkelen in een sociaal 'rijke' omgeving. Naar de mening van De Winter wordt de hedendaagse opvoeding teveel beperkt tot gedragstraining. Kinderen zijn 'een project' van hun ouders, individueel geluk lijkt het hoogste goed en sociale opvoedingsidealen zijn uit de mode geraakt. Toch heeft de manier waarop kinderen worden grootgebracht een belangrijke invloed op het functioneren van de samenleving. Daarom pleit De Winter onder meer voor een opvoeding tot wereldburgerschap en voor een grotere betrokkenheid van burgers bij de opvoeding van (elkaars) kinderen.

De Winter bestrijdt niet dat de huidige aandacht voor taal en rekenen nodig is voor elk individu, maar hij ziet graag ook aandacht voor de ontwikkeling van het kind in een breder kader: de pedagogische civil society.

Dezelfde boodschap
Een vergelijkbare boodschap kregen we te horen van de onderwijsmensen die we spraken tijdens een studiereis naar Singapore. De VO-raad en de PO-Raad hebben samen met het Cito deze studiereis georganiseerd. Singapore behoort tot de top waar het gaat om de opbrengsten van het onderwijs, denk aan de scores in de internationale onderzoeken.

Het doel van de studiereis was om uit te vinden welke factoren leidden tot die goede resultaten. We hebben een aantal scholen bezocht, een lerarenopleiding, de vereniging van schoolleiders, het ministerie van onderwijs.

Wat ons opviel was de gezamenlijkheid waarmee iedereen op alle niveaus aan dezelfde doelen werkte. Er is een gezamenlijke focus, een gezamenlijke implementatie van nieuwe plannen. Weliswaar centraal gestuurd (vanuit het ministerie), maar wel met rechtstreekse betrokkenheid van schoolleiders en leraren. Op het ministerie van onderwijs werken schoolleiders en leraren gedurende 4 jaar en na die 4 jaar gaan ze in principe terug naar de school. Gevolg: geen wij-zij-cultuur.

Men neemt de tijd voor de implementatie (voor de ontwikkeling van een nieuw curriculum neemt men 6 jaar). Ze kunnen ook de tijd nemen, want er zijn geen politieke interventies en dus geen incidentenpolitiek in het strenge Singaporese staatsbestel.

De boodschap die ons is bijgebleven, is het antwoord van de Singaporese collega's op onze vraag: hoe komt het dat jullie zo hoog scoren op taal en rekenen in de internationale onderzoeken? Het antwoord: die score op taal en rekenen is een (prettige) bijkomstigheid. Het is het gevolg van onze brede, holistische visie op de ontwikkeling van het kind. Het begrip 'onderwijskwaliteit' is in Singapore dus een breed begrip, dat wél leidt tot goede resultaten op de basisvaardigheden taal en rekenen.

Het was een leerzame en zinvolle reis. Er is geen vanzelfsprekende 'transfer' van de lessen die we hebben geleerd, naar onze situatie. Maar als PO-en VO-raad gaan we wel kijken hoe we de resultaten van onze reis kunnen benutten voor het Nederlandse onderwijs. We hebben afspraken gemaakt voor een gesprek over een gezamenlijk 'programma' voor de langere termijn. Daar gaat u meer van horen.

 Simone Walvisch